‘Wat hebt U misdaan?’
Buitenlandse paasliederen kregen vertaling
Dat vele kerstliederen over de hele wereld bekend zijn, weet iedereen. Denk alleen maar aan de Engelse Christmas carols en het alombekende ‘Stille nacht’. Maar hetzelfde geldt voor heel wat lijdens- en paasliederen.
Christelijke dichters, in welk land of in welke tijd ook, hebben naast ‘gewone’ gedichten ook vaak geestelijke liederen geschreven. Een lied is immers ook een gedicht. Het is een niet al te ingewikkelde poëtische tekst die te zingen is op een bepaalde melodie. Ad den Besten gebruikte er eens een rake term voor: een lied is ‘poëzie om te zingen’. Vele onder ons bekende dichters als Jacobus Revius, Nicolaas Beets – dichter van ‘Daar is uit ’s werelds duistre wolken’ –, Lodewijk ten Kate – dichter van ‘De Heer is mijn Herder!’ –, Guillaume van der Graft en Jaap Zijlstra hebben behalve ‘gewone’ gedichten ook geestelijke liederen geschreven.
Vreemde herkomst
Een groot deel van onze geestelijke liederenschat is van vreemde herkomst. In feite is dat al zo met de berijmde psalmen. Onze oudste offi cieel door de kerk aanvaarde psalmberijming is die van Datheen uit 1566 en dat was een vertalende herdichting van de Franse berijming van Marot en De Bèze, die door de grote inzet van Calvijn tot stand kwam. De melodieën waarop we onze psalmen zingen, zijn nog altijd die uit Genève. Zeer bekend zijn geworden Engelse liederen van onder anderen Isaäc Watts en Charles Wesley en Duitse van Maarten Luther, Paul Gerhardt en Gerhard Tersteegen, waarvan er vele in onze taal zijn overgezet.
Wonderbare liefde
De dichteres Jacqueline van der Waals (1868-1922) gaf tijdens haar leven drie dichtbundels uit. De ontroerendste gedichten – de zogenaamde doodsverzen, waaronder het bekende ‘Sinds ik het weet ...’ – schreef ze toen ze wist dat ze maagkanker had en spoedig zou sterven. Ze zijn opgenomen in haar vierde bundel die kort na haar dood verscheen. Ook zij dichtte verschillende geestelijke liederen, waaronder het bekende ‘Wat de toekomst brengen moge’ en ‘Vaste rots van mijn behoud’. In haar derde bundel, Iris uit 1918, treffen we ‘Herzliebster Jesu, was hast du verbrochen’ aan. Het is een vertalende herdichting in sterk verkorte vorm van een Duits lied, vandaar de Duitse titel. De dichter die dit lijdenslied schreef was de predikant Johann Heermann (1585-1647). Opmerkelijk is dat de dichteres de Duitse titel, oorspronkelijk de eerste regel van het lied – letterlijk vertaald: ‘Allerliefste Jezus, wat hebt U misdreven?’ – handhaafde. Waarom? Waarschijnlijk omdat ze de aanspreekvorm ‘Allerliefste Jezus’ of eventueel ‘Liefste Jezus’ in onze taal niet bruikbaar vond. De titel is een vraag vol verwondering: Wat hebt U misdreven? Het hele lied is in feite een verwoording van wat Paulus schrijft in 2 Korinthe 5: ‘Want Hem Die geen zonde gekend heet, heeft Hij voor ons tot zonde gemaakt.’ Niet wij zondaren, niet de schapen die het verdiend hebben, maar de Herder zonder enige schuld gaat naar de slachtbank. Dit gaat ons denken te boven. Diezelfde verwondering is verwoord in de voorlaatste strofe met de uitroep: ‘O wonderbare Liefde’.
Herzliebster Jesu, was hast du verbrochen
Noem de overtreding mij, die Gij begaan hebt,
Het kwaad, gekruisigd God, dat Gij begaan hebt,
Waaraan Uw volk U schuldig heeft bevonden,
Noem mij Uw zonden.
Gij wordt gegeseld en gekroond met doornen,
Geminacht als de minste der verloornen,
En als een booswicht, die zijn straf moet dragen,
Aan ’t kruis geslagen.
Zeg mij, waarom men U aldus gehoond heeft,
U dus, mijn vorst, gescepterd en gekroond heeft,
–Om voor mijn schuld verzoening te verwerven,
Moest Gij dus sterven?
Hoe vreemd, dat voor de schapen zijner weide
De herder zelf ter slachtbank zich liet leiden,
De heer zich voor de schulden zijner knechten
Aan ’t kruis liet hechten!
O wonderbare Liefde, die ons denken
Te boven gaat, wat kan mijn liefde U schenken,
Wat ooit bereiken met den arbeid mijner dagen,
Dat U behage?
O Liefde, voor dit offer van Uw leven,
Wat kan ik dan mijzelf ten offer geven,
Opdat ik nooit, hetzij ik leve of sterve,
Uw liefde derve.
Ons heil in Uw hand
De dichter Ad den Besten (geb. 1923) was in het dagelijks leven germanist. Geen wonder dat de Duitse poëzie zijn belangstelling had en in het bijzonder de Duitse geestelijke liederen vanaf Luther. In 1998 verscheen van hem de bundel Poëzie om te zingen, waarin hij een groot aantal vertalingen opnam, voornamelijk uit het Duits. Daaronder bevindt zich ook het volgende lied. Het is een vertaling van een lied van Luther, die vele liederen heeft gedicht, waaronder het zo bekend geworden ‘Ein feste Burg ist unser Gott’. De oorspronkelijke titel van het lied luidt: ‘Jesus Christus, unser Heiland’.
Jezus Christus, onze Heiland
Jezus Christus, onze Heiland,
heeft de dood overmand.
Hij is verrezen,
wij mogen vrolijk wezen.
Kyrie eleison.
Jezus Christus die geen schuld had
ging het donkere pad,
kwam ons hergeven
’t in schuld verloren leven.
Kyrie eleison.
Nu is zonde en dood, o Heiland,
heel ons heil in Uw hand.
Gij zult ons redden,
als wij er U om bidden.
Kyrie eleison.
Duidelijk klinken de tonen van de Reformatie: verlorenheid in onszelf, redding alleen door Jezus Christus. Den Besten tekent hier, in het voetspoor van Luther, Christus als Overwinnaar en als Redder van ons ‘in schuld verloren leven’, de Heiland die ons heil in Zijn hand heeft. De slotregel van elk couplet, ‘Kyrie eleison’ (Ontferm U, Heer), is ons onder meer bekend door het kerstlied ‘Nu zijt wellekome Jesu, lieve Heer’. Het is Gods ontferming waardoor mensen gered worden.
U zij de glorie
Niet alleen uit het Engels of Duits maar ook uit het Frans zijn verschillende geestelijke liederen vertaald. Heel bekend is het lied ‘A toi la gloire, O Ressuscité!’ (U zij de glorie, O Opgestane). Het werd op indrukwekkende wijze gezongen tijdens de begrafenisdienst van prins Claus. Van dit lied bestaan verschillende Nederlandse vertalingen, onder meer van J.W. Schulte Nordholt. De vertalende herdichting die hier volgt komt uit de bundel Uit aller mond en is van de hand van Leen Strengholt. Hoewel Strengholt, die in 1989 plotseling overleed, primair geen dichter was maar wetenschapper – hij was hoogleraar aan de Vrije Universiteit en groot kenner van onze zeventiende- eeuwse letterkunde – gaf hij een alleszins acceptabele vertaling van het Franse lied.
U zij de glorie
U zij de glorie,
opgestane Heer!
U zij de victorie,
nu en immermeer!
Vol van licht en luister
daalt de engel af
en verbreekt de kluister
van ’t verwonnen graf.
Zie Hem verschijnen,
Jezus, onze Heer,
Redder van de zijnen;
Twijfel nu niet meer.
Zie zijn aanschijn blinken
als de morgenzon,
laat uw lied weerklinken:
‘Christus overwon!’
Zou ik nog vrezen?
Christus leeft voorgoed,
die met heel mijn wezen
ik beminnen moet.
Hij is mijn victorie,
troost en toeverlaat,
die mij in zijn glorie
eeuwig delen laat.
Het is een lied van de Zwitserse predikant Edmond Budry. Hij schreef het ruim een eeuw geleden, toen hij geconfronteerd werd met het overlijden van zijn vrouw, een gebeuren dat diep ingreep in zijn bestaan. Hij zocht troost in een situatie waarin de dood zo tastbaar aanwezig was. Heeft de dood het laatste woord? In die situatie ging het paasevangelie opnieuw voor hem lichten. Hij greep de pen en dichtte dit paaslied, dat spreekt van Hem die de dood overwon: Hem zij de glorie! En zo vertolkte hij de troost die Paulus verwoordt: ‘De dood is verslonden tot overwinning.’ Zo hebben ook andere dichters over de hele wereld, elk in zijn eigen taal, door middel van gedichten en liederen diezelfde troost vertolkt, het wonder van Pasen: Christus overwon, Christus is opgestaan. Niet minder dan voor Kerst geldt ook voor Pasen: ‘Komt, verwondert u hier, mensen’.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 21 april 2011
De Waarheidsvriend | 24 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 21 april 2011
De Waarheidsvriend | 24 Pagina's