De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

De Jood deugde niet

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

De Jood deugde niet

De Holocaust en de schuld van de kerk [1]

7 minuten leestijd

4 mei is de datum van de dodenherdenking. Dit jaar is het 66 jaar geleden dat er een einde kwam aan een oorlog die talloze mensenlevens heeft gekost. Onder deze slachtoffers bevonden zich 6 miljoen Joden. Deze massavernietiging blijft ons bezighouden.

Hoe is het mogelijk dat mannen, vrouwen, kinderen, zieken, gehandicapten, zuigelingen massaal de dood werden ingedreven? Hoe is het mogelijk dat het in onze moderne tijd is gebeurd? Niet in de ‘donkere’ Middeleeuwen vond dit plaats, maar in de twintigste eeuw. Onlangs las ik de opmerking: als er toen (in ’40-‘45) internet was geweest, had de Holocaust nooit plaatsgevonden. Dat is een wel heel optimistische gedachtegang. We hoeven maar te denken aan wat zich heeft afgespeeld in Rwanda in 1994. Onder het oog van de hele wereld werden 500.000 à 1 miljoen mensen afgeslacht. En ook kunnen we ons de vreselijke gebeurtenissen in Srebrenica in 1995 nog heel goed herinneren: 8000 moslims werden vermoord. De vraag die mij al langer bezighoudt, is niet alleen hoe kon de Holocaust gebeuren, maar vooral: wat is de christelijke kerk aan te rekenen? Hoe schuldig is zij? Het is gangbaar geworden om de kerk aansprakelijk te stellen voor de Holocaust. Dat de kerk in veel opzichten een heel dubieuze rol gespeeld heeft ten aanzien van de Joden is buiten kijf. Denk aan de pogroms in de Middeleeuwen, denk aan de kwalijke rol van de paus tijdens de Tweede Wereldoorlog, denk aan uitlatingen van Luther en aan de houding van de Duitse kerk vóór, tijdens en na de oorlog. Ook de houding van de kerk ná de oorlog is teleurstellend. Schoorvoetend heeft de Evangelische kerk van Duitsland (EKD) erkend tegenover het nazisme gefaald te hebben en daarom medeschuldig te zijn aan de Holocaust.

Beeld bijstellen
Wie ook maar enigermate recht wil doen aan de beschrijving van de lijdensweg van de Joden in Europa heeft daarvoor een reeks van artikelen nodig. In zo’n artikelenreeks zou de catechese van de verguizing (dr. Hans Jansen) uitvoerig aan de orde moeten komen: hoe kerkelijke leiders in de Middeleeuwen door prediking en leer een sfeer in de samenleving hebben gecreëerd waarin het tot geweldsuitbarstingen kon komen. Nu is het opvallend dat de laatste tijd met name Joodse historici de behoefte hebben om dit beeld bij te stellen. Zij doen hun best om de rol van de kerkelijke en wereldlijke leiders in de Middeleeuwen eerlijk weer te geven. Hier zou een hele rij namen van Joodse geleerden genoemd kunnen worden. Zij willen niets afdoen van het leed dat hun volk is aangedaan, maar ze willen wel de beeldvorming bijstellen. Want er zijn veel stereotypen ontstaan, die een eigen leven zijn gaan leiden maar die geen recht doen aan de complexe werkelijkheid.

Ook bloei
Als voorbeeld noem ik het werk van Robert Chazan met zijn zeer interessante boek Reassessing Jewish Life in Medieval Europe (Herwaardering van het Joodse leven in middeleeuws Europa). Hij en zijn collega’s verzetten zich tegen het beeld dat ontstaan is dat de Middeleeuwen voor de Joden een tijd is geweest van louter kommer en kwel en van één langgerekt lijden. Zowel van Joodse als van christelijke zijde is dat beeld in stand gehouden. Chazan wijst erop dat de Joden ook bloeiperioden gehad hebben en dat zij niet voor niets naar Europa getrokken zijn. De economische vooruitzichten waren in Europa beter dan in de islamitische landen. Hij zet uiteen dat ook in tijden dat de vervolging het ergst was het aantal Joden in Europa voortdurend toenam. Dit had alles te maken met het dynamische karakter van Europa. De Middeleeuwen hebben veel gezichten. Het was niet alleen de tijd van bijgeloof en kettervervolgingen, van een machtsstrijd tussen de pausen en keizers. Het was ook de tijd van nieuwe economische perspectieven. Dat trok de Joden als een magneet aan.

Bankiers
Eén van de vele dieptepunten in het bestaan van de Joden in de christelijke landen waren de verbanningen. Uit een reeks van landen (Frankrijk, Engeland, Spanje, Portugal) werden de Joden verdreven. Vooral de verdrijving van het Iberisch schiereiland was pijnlijk, omdat de Joden daar al honderden jaren deel uitmaakten van de samenleving. Toch zijn het juist Joodse auteurs die aandacht vragen voor het feit dat naast gedwongen vertrek de Joden meestal uit eigener beweging door Europa trokken. Die mobiliteit had te maken met het feit dat de Joden de bankiers van Europa waren. Juist om die reden had men de Joden naar Europa gehaald. Er zijn documenten uit de vroege Middeleeuwen, bijvoorbeeld van de stad Speyer, waaruit blijkt dat men in contact stond met Joden en er bij deze Joden op aandrong zich in Speyer te vestigen om de handel en nijverheid te bevorderen. De in betekenis toenemende steden hadden geld nodig hadden om de economie te stimuleren. Maar geldleningen waren onmogelijk, in verband met het verbod om rente te vragen. Zie Deuteronomium 23:20: ‘van de buitenlander moogt gij rente nemen, maar van uw broeder zult gij geen rente nemen’.

Motor van economie
Over en weer hebben Joden en christenen van elkaar geprofiteerd. Joden en christenen beschouwden elkaar als buitenlanders, dus was de weg vrij voor het verlenen van kredieten. De Joden werden de motor van de economie en dat was niet te danken aan een bepaalde voorliefde van de Joden voor geld, maar dat was een gevolg van het bijbelse rentevoorschrift. De Joden werden naderhand beschuldigd van hardvochtigheid omdat zij over de rug van de kleine man rijk wilden worden. Er is geen reden om te denken dat dit altijd valse beschuldigingen waren. Maar ook dan moet men zo eerlijk zijn om de keerzijde onder ogen te willen zien, namelijk dat de christelijke koningen de Joden hoge en soms ondraaglijke belastingen oplegden. Het is een ingewikkeld samenspel geweest: de Europese economie werd gestimuleerd door de geldinjecties van de Joden, de Joden verdienden aan hun geldhandel en de koningen verdienden door middel van de belastingen weer aan de Joden. (De drijfveer achter de verbanningen was ook dat men de Joodse goederen wilde confisqueren om zo aan de Joden te verdienen).

Nakomeling Kaïn
Van belang is dat hedendaagse Joodse historici oog hebben voor de bescherming die de Joden genoten van de overheid. Dat de Joden beschermd werden had, naast andere redenen, een Bijbelse achtergrond. De Joden werden de eeuwen door beschuldigd van de Godsmoord, dus aansprakelijk gesteld voor de dood van de Messias. Die beschuldiging heeft een zee van leed gebracht over de Joden. De Jood deugde niet. Er ontstonden karikaturen. De Jood werd beschouwd als een afstammeling van Kaïn. Dat is een huiveringwekkende beschuldiging. Maar ook hier moet de keerzijde niet over het hoofd gezien worden. Kaïn stond onder Gods speciale bescherming. Dat wist ook de middeleeuwer toen hij een heel dubbelhartige houding aannam ten aanzien van de Joden. Het Kaïnsteken was niet alleen het teken van verwerping, maar ook van bescherming. God had een geding met de Joden, maar dat betekende nu juist dat de mensen hier buiten stonden. Zoals het verboden was Kaïn met een vinger aan te raken, zo was het verboden tegen de Joden geweld te gebruiken.

Praktijk
Helaas is het een feit dat er desondanks wel veel geweld is gebruikt. De theorie moest het vaak afleggen tegen de praktijk. Het geweld richtte zich in de latere Middeleeuwen vooral tegen de Joden, maar ook tegen de ketters (zoals de Katharen), en nog weer later, tegen heksen. Tienduizenden werden het slachtoffer van dit religieuze geweld. Ook moslims kregen te maken met religieus geweld. Zij werden uit Spanje en Portugal verdreven, de zogenaamde Reconquista.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 28 april 2011

De Waarheidsvriend | 24 Pagina's

De Jood deugde niet

Bekijk de hele uitgave van donderdag 28 april 2011

De Waarheidsvriend | 24 Pagina's