De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

De grote Herder

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

De grote Herder

4 minuten leestijd

De God nu van de vrede, Die de grote Herder van de schapen, onze Heere Jezus Christus, uit de doden heeft teruggebracht, op grond van het bloed van het eeuwige verbond (…) Hebreeën 13:20, 21

De goede Herder is ook een grote Herder. Hij gaf Zijn bloed en Zijn Vader bracht Hem terug in het eeuwige leven. Door Hem krijgen Zijn schapen deel aan Zijn onnaspeurlijke rijkdom, om voor Hem te leven.

Mogelijk heeft de schrijver van de Hebreeënbrief hier gedacht aan Mozes. Mozes werd immers gered uit het water van de Nijl om later, net als een herder zijn kudde leidt, zijn volk te redden uit de slavernij van Egypte en te leiden naar het beloofde land. Hij is een voorafbeelding van de uit de doden teruggebrachte Jezus. Deze is toch ook met dit ene doel gestorven en opgestaan: om als de grote Herder mensen als u en ik uit de slavernij van de zonde te bevrijden en te brengen naar het hemelse Kanaän. Meer dan Mozes is dus hier: Jezus is de gróte Herder der schapen. Groot is Hij in Zijn liefde, groot in Zijn trouw, groot in Zijn zorg, groot in Zijn bewaring en voorbede. Een grote Herder is Hij om wat gebroken is te verbinden, om het weggedrevene bijeen te vergaderen, om het zieke te genezen en om wat verloren is te zoeken en zalig te maken.

Zijn bloed
De brief aan de Hebreeën verbindt voortdurend de liefdevolle zorg van deze grote Herder aan Zijn offer op Golgotha. Ook daarin is Hij groot, anders dan alle andere herders. Denk aan Zijn woord: ‘Ik ben de goede Herder. De goede Herder geeft Zijn leven voor de schapen.’ (Joh.10) We vinden dat offer ook in onze tekst: ‘op grond van het bloed van het eeuwige verbond’. De Heere heeft Zijn oude verbond opnieuw gesloten met de komst van Christus. Het is een nieuw verbond in de zin dat het in werking is gesteld door Zijn dood, door Zijn eigen bloed. Dat kostte Hem alles! Het is een onveranderlijk en eeuwig verbond. Het is als een nieuw en eeuwig testament vast geworden en opengegaan in de dood van Christus. Daarom komen nu al de goederen van dat verbond, alle heil, de vrucht van Zijn werk ten goede aan allen die door Hem tot God gaan. Dat is onveranderlijk en onomkeerbaar. Al die grote dingen zijn nu door niets en niemand ongedaan te maken: vergeving van zonden, vernieuwing van het leven, vrede met God, aanneming tot kinderen, eeuwig leven en eeuwige heerlijkheid in Gods gemeenschap. Dit raakt aan de onnaspeurlijke rijkdom van Christus. Die houdt Hij niet voor zichzelf maar deelt die uit: hun zal een schat van zegeningen in Hem ten erfdeel zijn.

Grond
Het bloed van Christus, Zijn offer, is er de grond van waarom God voor ons de God van de vrede kan zijn en waarom Christus voor ons de grote Herder van de schapen kan zijn. De bloedstorting van deze grote Herder is er ook de grond van waarom de God van de vrede Hem uit de doden heeft teruggebracht. Pasen! Alle nadruk valt hier op: Gód heeft Hem opgewekt. Daarin onderstreept Hij: dit offer is genoeg geweest, Ik ben er helemaal tevreden mee. Daar kan, mag en hoeft niets van ons bij. Daarom kon de dood Hem niet langer vasthouden. Daarom is Hij ook uitermate verhoogd en met eer en heerlijkheid gekroond en zit Hij aan Gods rechterhand in de hemel. We moeten er vooral op letten dat God Hem niet alleen persoonlijk heeft opgewekt, maar juist in de hoedanigheid van de grote Herder der schapen. Met andere woorden: de Herder is Zijn schapen voorgegaan door de dood naar het leven dat nooit meer sterft. Hij weet wel dat Zijn schapen door angst voor de dood gedurende heel hun leven aan slavernij onderworpen waren (Hebr.2). Deze grote Herder staat ervoor in dat er niet één schaap van Zijn kudde in de dood achterblijft. Dat komt via deze regels zomaar naar ons toe. We moeten bedenken dat het gaat hier gaat over een Heiland die leeft en regeert, die spreekt en het is er, die gebiedt en het staat er. Die ook door Zijn Geest de dood in mijn hart weet te overwinnen, opdat ik geloofshouvast ontvang aan Hem, die gezegd heeft: Ik leef en gij zult leven.

Zijn wil doen
De schrijver verankert hier het geloof van zijn lezers in het kruis en de opstanding van Christus. Niet alleen met het oog op later, maar zeker ook om nu vol te houden en niet te vertragen, om volhardend de loopbaan te lopen, ziende op Jezus. Daarom wekt hij hen op: om Zijn wil te doen. Tot heerlijkheid van Christus.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 5 mei 2011

De Waarheidsvriend | 24 Pagina's

De grote Herder

Bekijk de hele uitgave van donderdag 5 mei 2011

De Waarheidsvriend | 24 Pagina's