De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Belijdenis van De Brès

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Belijdenis van De Brès

Symposium in Leiden over 450 jaar NGB

6 minuten leestijd

Op Hervormingsdag komen zo’n honderd belangstellenden samen in het klein auditorium van het Academiegebouw te Leiden. Tussen de deelnemers van het symposium bevindt zich naast theologen en theologisch geïnteresseerden ook een aantal CSFR-studenten uit Delft.

Prof.dr. W. Verboom mag deze dag over de Nederlandse Geloofsbelijdenis of Confessio Belgica, mede georganiseerd door de Gereformeerde Bond, voorzitten. Bekend terrein voor de emeritus hoogleraar in de geschiedenis van het gereformeerd protestantisme aan de Leidse universiteit. Van zijn hand verscheen in 1999 een boek over de theologie van de NGB met een aantal preekschetsen onder de titel Kostbaar belijden.

Noordelijke Nederlanden
Prof.dr. G. Marnef, hoogleraar bij het departement geschiedenis aan de Universiteit Antwerpen, die in zijn onderzoek focust op de thematiek van Opstand en Reformatie in de Lage Landen, spreekt over de NGB in de context van de zestiende- eeuwse Nederlanden. Hij wijst erop dat het opmerkelijk is dat een zuiderling als Guido de Brès van zo grote betekenis werd voor de Noordelijke Nederlanden. De Brès was er diep van overtuigd dat hij de weg moest volgen die de Heere hem wees, altijd ‘bereid tot verantwoording aan ieder die u rekenschap vraagt van de hoop die in u is, met zachtmoedigheid en eerbied’ (1 Petr.3:15).

In het geheim
Marnef schetst een beeld van de vervolgde gemeenten in de Zuidelijke Nederlanden waar de Reformatie eerst invloed kreeg in de westelijke steden. Er waren contacten tussen de hervormers uit Vlaanderen, Henegouwen, Namen en Artesië en de steden Geneve, Zürich, Straatsburg, Londen, Wezel en Emden. In 1559 vestigde De Brès zich in Doornik (Tournay). Terwijl de gereformeerden openlijk samenkwamen en psalmzingende mensen in 1561 door de straten trokken, was De Brès in het geheim predikant en geen voorstander van deze chanteries. Ze zouden naar zijn mening een provocerende werking hebben op de overheid. Margaretha van Parma nam de zaak hoog op en stuurde een afvaardiging commissarissen naar het kasteel in Doornik om de zaak te onderzoeken. In 1559 nam de synode van de Franse gereformeerde kerk haar geloofbelijdenis aan, de Gallicana, De Brès liet zich hierdoor sterk beïnvloeden. Op aanraden van Godfried van Wingen stuurde hij 1561 een concept van zijn belijdenis naar de kerk te Emden, verschillende predikanten hechtten hun goedkeuring aan de belijdenis, de belijdenis werd dus vanaf het begin breed gedragen. Onder de bevolking van Doornik waren verschillende exemplaren verspreid. Van 1 op 2 november 1561 belandde een pakje met onder andere de NGB, getiteld Confession de Foy, ondertekend door Jerome, de schuilnaam van Guido de Brès, op het terrein van het kasteel in Doornik. Aan de NGB gaat een brief vooraf aan de koning Filips II van Spanje en daarnaast een brief aan de commissarissen en landvoogdes met een oproep om de vervolgingen van de hervormingsgezinden te staken.

Vervolging
De synode van Antwerpen deed in april 1566 een beroep op De Brès om over te komen, hij predikte in Antwerpen en Valenciennes. In Valenciennes had destijds tweederde van de bevolking openlijk voor de Reformatie gekozen. De Brès was gevlucht voor de belegering van de stad door Spaanse troepen maar werd vrij snel daarna gevangen genomen en op 31 mei 1567 gedood. Indrukwekkend dat de NGB verscheen in tijden van zo zware geloofsvervolging, in een tijd dat het in de Nederlanden voor de hervormingsgezinden een situatie van erop of eronder was. Waar nu in het Midden-Oosten sprake is van geloofsvervolging ontstond de NGB in een tijd van vervolging en terreur gericht tegen protestanten.

Natuurlijke theologie
Ons oudste gereformeerde belijdenisgeschriften begint met te belijden wie God is en hoe Hij Zich openbaart en sluit daarmee aan bij de drie oecumenische belijdenissen. Ds. A.J. Kunz, promovendus en hervormd predikant te Katwijk, spreekt in zijn referaat over de vraag of er sprake is van natuurlijke theologie in artikel 2 van de NGB. Daar lezen we dat wij God niet kunnen begrijpen noch doorgronden maar Hem wél kennen. Dat kan door twee middelen: door de natuur en de Schriftuur. De kenkritiek van Immanuel Kant betekent niet dat we artikel 2 als achterhaald moeten beschouwen. Er staat niet dat we God met rationele argumenten kunnen bewijzen. Godsbewijzen zijn hier niet aan de orde. Onze wereld is als een ‘schoon’ boek van God, waarin we van Gods kracht en goddelijkheid kunnen lezen. De metafoor van het ‘boek van de wereld’ heeft een lange traditie, tegelijkertijd is de godskennis die zich hierdoor aandient fragmentarisch. Een zekere natuurlijke theologie is, aldus de spreker, altijd deel van de kerkelijke theologie geweest. Dat de wereld sporen van God herbergt kan in onze dagen een missionair aanknopingspunt zijn. Bij alle vragen overheerst verwondering over God, de wereld roept het bestaan van God als het ware op. Dit kan in het missionaire gesprek een ingang bieden. Tegelijkertijd leidt het besef van Gods bestaan ertoe dat geen mens zich voor God kan verontschuldigen: ‘want de dingen van Hem die onzichtbaar zijn, worden sinds de schepping van de wereld uit Zijn werken gekend en doorzien, namelijk én Zijn eeuwige kracht én Zijn goddelijkheid, zodat zij niet te verontschuldigen zijn’ (Rom.1:20). De mens is door God geschapen, God maakt Zich in de natuur bekend opdat in het laatste oordeel niemand vrijuit kan gaan. We weten dat er een God is. Maar zonder de bijzondere openbaring in Gods Woord is de godskennis heilloos. Verloren mensen kunnen behouden worden want God geeft Zichzelf nog duidelijker en volkomener aan ons te kennen door Zijn heilig en goddelijk Woord.

Schriftleer
Prof.dr. G. van den Brink, bijzonder hoogleraar geschiedenis van het gereformeerd protestantisme aan de Universiteit Leiden, die in 2007 zijn oratie hield met als titel ‘Als een schoon boec. Achtergrond, receptie en relevantie van artikel 2 van de NGB’, gaat in zijn referaat in op de Schriftleer van artikel 3 van de NGB. De Bijbel is het woord dat door de heilige mannen Gods gesproken is, gedreven door de Heilige Geest. Volgens hem is er sprake van een bepaalde ontwikkeling van de Schriftleer, waarin de NGB een vroege fase markeert. Artikel 3 gaat niet uit van een mechanische inspiratieleer, maar een persoonsinspiratie, waarbij de in de Bijbel genoemde ontvangers door godsspraak gedreven worden tot getuigen. Een uitgewerkte inspiratieleer ontstaat volgens dr. Van den Brink pas in een latere fase van het gereformeerd protestantisme. Gods Woord is genademiddel opdat mensen tot bekering zouden komen: hierin wordt Gods bijzondere zorg voor ons en ons heil zichtbaar.

Kerkleer
Prof.dr. E.A. de Boer, bijzonder hoogleraar geschiedenis van de Reformatie aan de Vrije Universiteit Amsterdam, is de laatste referent. Hij gaat in op de kerkleer van de NGB. Christus is de enige Koning van heel de wereld, de enige algemene Bisschop en het enige Hoofd van de kerk. De dienaren van de kerk ontlenen hun ambt aan het dienaar van Christus zijn. De NGB is in de tweede helft van de zestiende eeuw aanjager van het kerkelijk leven in de Nederlanden, pas in de volgende eeuw ontstond er een vaste kerkorde.

Leerjongeren
Dit leerzame symposium brengt veel van de achtergrond van het belijdenisgeschrift voor het voetlicht. In het dagelijks werk als gemeentepredikant komt de NGB als zodanig niet ter sprake. Opmerkelijk, omdat zij deel uitmaakt van onze gereformeerde belijdenisgeschriften (artikel I,4 van onze kerkorde). Wel reikt de NGB onderwerpen aan en wijst zij een weg voor het bespreken van geloofsthema’s die in leerdiensten of tijdens bijbelkringen uitgediept kunnen worden. Tegelijkertijd mogen we met de woorden uit deze belijdenis hopen dat wij hier op aarde ‘leerjongeren’ van Christus mogen zijn.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 10 november 2011

De Waarheidsvriend | 24 Pagina's

Belijdenis van De Brès

Bekijk de hele uitgave van donderdag 10 november 2011

De Waarheidsvriend | 24 Pagina's