Boekbespreking
K.G. van Manen (red.) Lutheranen in de Lage Landen. Geschiedenis van een godsdienstige minderheid ca. 1520-2004). Uitg. Boekencentrum, Zoetermeer 2011, 812 pag., gebonden, € 49,90.
In de ondertitel van het recent verschenen handboek Lutheranen in de Lage Landen wordt gesproken over ‘een godsdienstige minderheid’. Thans vormen de lutheranen binnen de Protestantse Kerk in Nederland nog niet 1 procent van het ledenbestand. Ondanks perioden van groei en bloei in de achterliggende eeuwen, heeft de lutherse kerk hier ten lande altijd een minderheidspositie ingenomen. Niet voor niets voorziet de kerkorde in een lutherse synode die onder andere zorg draagt voor het bewaren en aan de hele kerk dienstbaar maken van de lutherse traditie. Dit lijvige handboek beantwoordt royaal aan deze opdracht. De geschiedenis van de lutherse kerk in de Nederlanden is zeer gedetailleerd vastgelegd. Lutheranen in de Lage Landen vervangt het naslagwerk De Geschiedenis der Luthersche Kerk in de Nederlanden (’s-Gravenhage 1921) van de hand van mr. Jacob Loosjes.
Na een schets van het Nederlands lutheranisme in de geschiedschrijving wordt de geschiedenis van circa 1520 tot en met 2004 in een zevental hoofdstukken beschreven. Steeds terugkerende thema’s zijn liturgie en sacramenten, diaconale werkzaamheden, alsook opleiding, functioneren en maatschappelijke positie van predikanten en voorgangers. De verschillende auteurs beschrijven de geschiedenis van de lutherse kerk tegen de achtergrond van de godsdienstige, politieke en economische situaties in de verschillende periodes. Het boek bevat ook een Engelse en Duitse samenvatting en een uitgebreid register op persoonsnamen. Naar mijn mening had aan een dergelijk handboek een register op plaatsnamen niet mogen ontbreken.
In de zestiende eeuw moeten we de lutheranen vooral zoeken in Antwerpen. Reeds in 1519 waren hier geschriften van Luther verkrijgbaar. Dat wil echter niet zeggen dat er vanaf dat moment ook een lutherse gemeente is. Het zou tot 1566 duren voordat er een lutherse gemeente met toestemming van de overheid gesticht werd. Na de inname van de stad door Alva kwam er in 1585 een einde aan deze gemeente. Veel leden van de lutherse gemeente trokken naar het noorden en vestigden zich met name in Amsterdam. Door de eeuwen heen blijkt Amsterdam verreweg de belangrijkste en grootste gemeente te zijn. Veel doorgaans kleine gemeenten werden vanuit Amsterdam financieel ondersteund. Met de synodezitting van 1605 ontstaat een kerkgenootschap met afdelingen in verschillende steden en het Amsterdamse consistorie als voorzitter. Verschillende gemeenten konden het niet goed vinden met het Amsterdamse consistorie. Aan het einde van de zeventiende eeuw leidde dit tot de vorming van de zogenaamde ‘Haagse Unie’. In de Amsterdamse gemeente groeide de onvrede over de verlichte ideeën die vanaf de kansel verkondigd werden. Orthodoxen en vernieuwingsgezinden bestreden elkaar met pamfletten. De aanhangers van het ‘oude licht’ werden uitgemaakt voor ‘suikerbakkers, moffen en luije timmermansgezellen die aan de dorre borsten der domheid gezoogd waren.’ De spanningen leidden tot een breuk. Het zou tot 1952 duren voordat er een einde kwam aan het naast elkaar bestaan van de Evangelisch- Lutherse en de Hersteld Evangelisch-Lutherse Gemeente. Hermann Friedrich Kohlbrugge groeide op in hersteld-lutherse gemeente, maar bedankte voor het lidmaatschap na grote problemen met het consistorie.
Onder de titel ‘Van hereniging naar vereniging’ beschrijft K. van der Horst de meest recente periode van 1952 tot 2004. Eind jaren tachtig besluit de lutherse synode alsnog deel te gaan nemen aan het SoW-proces, terwijl enkele jaren daarvoor nog was besloten om zelfstandig te blijven voortbestaan te midden van de andere kerken. De wijze waarop de laatste fase van het proces dat tot de fusie van 2004 geleid heeft, beschreven is, getuigt mijns inziens van een te grote persoonlijke betrokkenheid en verhoudt zich negatief ten opzichte van de zorgvuldig gekozen bewoordingen in de voorgaande hoofdstukken.
In het ‘Ten geleide’ schrijft K.G. van Manen namens de werkgroep ‘Lutheranen in de Lage Landen’ dat een handboek of overzichtwerk nu eenmaal vaker wordt geraadpleegd dan dat het integraal wordt gelezen. De leden van de werkgroep zijn er echter in geslaagd een standaardwerk te schrijven dat uitnodigt om van kaft tot kaft gelezen te worden.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 29 december 2011
De Waarheidsvriend | 28 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 29 december 2011
De Waarheidsvriend | 28 Pagina's