De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Anders dan andere jaren

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Anders dan andere jaren

Revolutie, hartinfarct of jubileum kleurt 2011

10 minuten leestijd

Voor dr. J. de Gier was 2011 geen doorsnee jaar. Als hij terugkijkt, ziet hij een redding uit een dal van diepe duisternis. Heel anders ervaart de Egyptische christen Sami Yacoub 2011: voor zijn ogen voltrok zich een revolutie. Preekregelaar A. van Lunteren hielp voor het 25e jaar achter de schermen kerkelijke gemeenten. Drie verschillende ervaringen.

Wie: dr. J. de Gier
Waar: Ede
Wat: wordt in april getroffen door een hartinfarct
1 april 2011. Een rustige vrijdagavond. Samen kijken dr. J. de Gier en zijn vrouw naar het journaal. En dan gebeurt het: er klinkt wat gegorgel, De Gier haalt geen adem meer en alle kleur trekt uit zijn gezicht weg. Een acute hartstilstand, volkomen onverwacht. ‘Zelf weet ik nergens meer van, alles was gehuld in diepe duisternis. In zo’n situatie zijn de eerste minuten van levensbelang. Gelukkig was mijn vrouw in staat snel te handelen, want ze had een jaar eerder (toevallig?) een cursus reanimeren gevolgd. Ze belde direct alarmnummer 112 en begon met de reanimatie. Na enige minuten al was de hulpdienst ter plekke met gespecialiseerde apparatuur. Het hulpteam nam de reanimatie over. Daarna in vliegende vaart richting het ziekenhuis in Arnhem.’
Daar constateert de hartchirurg dat één ader voor 100 procent en een andere voor 60 procent verstopt zit. En dat betekent: dotteren en het aanbrengen van een aantal stents.
‘Na de ingreep ben ik nog enkele dagen in coma gehouden. Angstige dagen voor mijn gezin: hoe zou ik eruit komen, lichamelijk en psychisch? Zijn de hersenen beschadigd door zuurstofgebrek? Toen ik bijkwam, was ik aanvankelijk wat verward. Daarna begon het herstel: eerst drie weken in het ziekenhuis, beginnen met revalideren, daarna naar huis en voortzetting van de revalidatie. Langzamerhand kon ik mijn vorige leven hernemen en het verdere herstel ging wonderbaarlijk snel. Een wonder.’
Met enige voorzichtigheid kan De Gier zeggen dat het goed gaat. ‘Ik kan weer heel veel doen. Wel ben ik eerder moe dan voorheen en moet ik bepaalde activiteiten beter over de week verdelen. Ook het onthouden van namen en boektitels gaat wat moeilijker en dat is voor een neerlandicus best lastig. Maar ik mag heel dankbaar zijn dat ik geestelijk en lichamelijk ben zoals nu. Ik ben verwonderd over wat de medische wetenschap anno 2011 allemaal kan. Als het 25 jaar eerder was gebeurd, zou ik menselijkerwijs gesproken een wrak zijn geweest.
Tegelijkertijd besef ik dat er meer is dan medische kennis en technieken. Er was een ‘wonderlijke’ samenloop van omstandigheden: mijn vrouw kon met de reanimatie beginnen, de plaatselijke hulpdienst kon met enkele minuten ter plekke zijn enzovoort. Dat ervaar ik niet als toeval, maar als een wonder. Een wonderlijke leiding en redding uit een dal van diepe duisternis.
Na zo’n ervaring beleef je dieper dan voorheen dat je leven een geschenk is. Dat we het niet in eigen hand hebben. Ook bewaard worden is een geschenk van Hem die alles in Zijn hand houdt. Ik denk aan de vreugdevolle woorden van de dichter J.C. Bloem als in mei 1945 Nederland bevrijd wordt:
[...] als de dagen verder
Opengaan, is de eeuwige lucht een wonder
Voor de geredden.
Een wonder voor de geredden. Maar Bloem kende alleen het hier en nu. Voor hem geen enkel perspectief over de dood heen, waarvan de Bijbel op vele plaatsen getuigt. Mij echter spreken in het bijzonder de woorden aan uit Psalm 90, de oudejaarspsalm:
Heere, Ú bent ons een toevlucht geweest van generatie op generatie.
En de slotverzen:
De lieflijkheid van de Heere, onze God, zij over ons; bevestig het werk van onze handen over ons, ja, het werk van onze handen, bevestig dat.
Woorden die onvergetelijk zijn, woorden die steun geven in het hier en nu en hun kracht zullen behouden zolang déze aarde bestaat.’

---
Wie: Sami Yacoub
Waar: Cairo
Wat: revolutiejaar in Egypte
Als iemand Sami Yacoub (55) een jaar geleden had gevraagd naar de situatie in Egypte en zijn verwachting voor 2011, dan had hij nooit kunnen denken aan wat het afgelopen jaar in zijn land is gebeurd. ‘Het begon allemaal op 25 januari, met protest van jongeren tegen de regering. Het resulteerde in het aftreden van president Mubarak, na dertig jaar autocratisch leiderschap. Sindsdien hebben we te maken met de Hoge Militaire Raad. Overal in de samenleving zien we nu een gebrek aan respect voor gezag. Het land lijdt onder geweld, kerk-, winkel- en fabrieksbranden, om niet te spreken van de golf van ontvoeringen ter verkrijging van losgeld en kleine diefstallen.’ Deze opvatting van vrijheid en het gebrek aan veiligheid door het ineenstorten van de politieorganisatie doen Yacoub denken aan de Richterentijd: ‘In die dagen was er geen koning in Israël: eenieder deed wat juist was in zijn ogen.’
‘Een onbedoeld maar cruciaal gevolg van de veranderingen in Egypte is de opkomst van de moslimbroederschap, de salafisten en andere islamisten. Geen van deze groepen nam deel aan de eerste protesten, maar ze zagen later kans om de revolutie te kapen. De recente verkiezingsuitslagen laten zien dat ze waarschijnlijk een meerderheid in het parlement vormen.
Het is moeilijk om aan te geven wat de toekomst ons land zal brengen. In een poging om vertrouwen te winnen, is de moslimbroederschap zo verstandig om op het Turkse voorbeeld te wijzen, een mix van islamitische en democratische stelsels. Maar de salafisten lijken de klok 14 eeuwen terug te willen zetten: een regiem zoals de vroege islam dat kende is voor hen het streven. Een theocratisch regiem zou voor christenen ongetwijfeld een beperking van godsdienstvrijheid tot gevolg hebben. Het zal de levensstijl van gematigde moslims, en zeker vrouwen, evenmin ongemoeid laten.’

In alles wat gebeurt, ziet Yacoub voor christenen niet alleen een gevaar maar ook een kans. ‘De dreiging werpt de vraag op: ‘Wat kan een christen nu doen?’ Ik zie dezelfde vraag in Psalm 11:3: ‘Als de fundamenten zijn omvergehaald, wat kan de rechtvaardige dan doen?’ De overeenkomst tussen wat wij vandaag meemaken en wat David in deze Psalm schrijft, is verbazingwekkend. Vers 1 en 2 beschrijven moeilijke omstandigheden, de vraag die ons vandaag bezighoudt komt in vers 3, terwijl de verzen 4 tot 7 haar beantwoorden en bevestigen dat het uiteindelijke resultaat ertoe doet.
David begint met zijn vertrouwen op Jehovah uit te spreken. In zijn verklaring plaveit hij waarschijnlijk de weg voor zijn gesprek met degenen die hem adviseren om net als een vogel weg te vliegen, te ontsnappen. Zijn wanhoop is duidelijk in de vraag van degenen die bang klaar stonden om te vluchten, uit angst voor het lot dat de gelovige wacht als de goddelozen alle fundamenten van het leven schijnen te vernietigen (vs.3). David geeft dan een ontzagwekkend antwoord, dat ons allen moet bemoedigen. God zit op Zijn troon in de hemel en Zijn ogen zien alles wat op aarde gebeurt. Hij wordt nooit verrast en de plannen van de boze maken Hem nooit bang, want Hij kent het hart van de mens (vs.4). Ja, Hij mag de rechtvaardige beproeven met vuur, maar hetzelfde vuur zal de goddeloze treffen: hun plannen tegen de rechtvaardige doen vergaan, maar let op het grote verschil tussen beiden! (vs.5,6). De psalmist eindigt met de zekerheid dat de plannen van de onrechtvaardigen nooit zullen slagen: ‘De Heere is rechtvaardig en Hij heeft rechtvaardige daden lief’ (vs.7) en Hij heeft de macht om ze werkelijkheid te maken.’ Yaboubs hoop voor de toekomst leest hij in woorden die Paulus in de gevangenis aan christenen in Filippi schrijft: ‘En ik wil dat u weet, broeders, dat wat er met mij is gebeurd, veeleer tot bevordering van het Evangelie heeft gediend.’ ‘Paulus’ moeilijke situatie geeft een kans die ook de onze kan zijn: ‘het merendeel van de broeders in de Heere heeft door mijn gevangenschap vertrouwen gekregen om het Woord nog overvloediger onbevreesd te durven spreken’. De tijd voor Egyptische christenen is aanstaande om te staan voor hun geloof en om het licht van het Evangelie te laten schijnen in de duisternis, waardoor de goddelijke liefde van Christus haat en vijandschap kan overwinnen.’

Yacoub is dankbaar te merken dat het lot van christenen in Egypte mensenrechtengroeperingen in Nederland ter harte gaat. Hij plaatst daar wel een kanttekening bij. ‘Voor ons zou het veel beter zijn als de Nederlandse media en mensenrechtengroeperingen zich niet alleen voor christenen in Egypte zouden inzetten, maar zich helder zouden uitspreken voor echte vrijheid van alle Egyptenaren. Zo’n buitenlandse inzet zou de weerzin tegen christenen aanmerkelijk kunnen verminderen.’

---
Wie: A. van Lunteren
Waar: Houten
Wat: voor het 25e jaar beheerder van het preekbeurtenbureau van de Gereformeerde Bond
In 2011 is het precies 25 jaar dat A. van Lunteren (73) uit Houten het preekbeurtenbureau van de Gereformeerde Bond beheert. Elke preekregelaar in hervormd-gereformeerd Nederland zoekt wel eens naar zijn telefoonnummer, omdat hij op korte termijn een gat in zijn preekrooster heeft te vullen. Van Lunteren nam het werk van zijn schoonvader over, C. Mackaay uit Utrecht. ‘Ooit is de oude ds. J.J. Timmer uit Woerden ermee begonnen. Er waren wat commerciële bureautjes die gemeenten en predikant wel wilden koppelen, maar dat vond ds. Timmer te gek voor woorden. Hij nam die taak op zich. Ds. A. van Brummelen nam het van hem over, maar het vroeg op een gegeven moment te veel van zijn tijd. Via dr. H. Bout kwam toen de klus bij mijn schoonvader terecht. Deze was eerst conciërge en later secretaris van de rector op het voormalige De Bruijne Lyceum in Utrecht – dr. Bout gaf daar les en zat in het bestuur en kende hem dus goed. Mijn schoonvader was ook secretaris van de afdeling Utrecht van de Gereformeerde Bond. Toen hij in 1986 naar het ziekenhuis moest, vroeg hij me of ik het tijdelijk van hem wilde overnemen. Hij is echter in het ziekenhuis overleden en sindsdien doe ik het preekbeurtenwerk. Het is fijn om te doen. Het geeft voldoening om mensen en gemeenten te helpen. Zondag nog werd ik ’s morgens om 7 uur gebeld. Een predikant die zou voorgaan had zich ziek gemeld. Zeker als het op korte termijn is, zijn mensen je dankbaar als je ze kunt helpen. Soms word je in november gebeld voor een dienst in de zomervakantie, maar daar is het preekbeurtenbureau eigenlijk niet voor.
Het staat een predikant vrij om zijn nog openstaande preekbeurten te melden. Sommigen doen dat nooit, van anderen krijg ik aan het begin van het jaar alle vrije zondagen doorgegeven. Ik merk dat een predikant vandaag zijn preekbeurt nogal eens teruggeeft vanwege vakantie. Dat gebeurde vroeger bijna nooit; plicht en gemeente gingen vóór vakantie. Predikanten gaan daar nu gemakkelijker mee om. Elke gemeente heeft zijn eigen kleur.
Ik geef een lijstje namen van mogelijke predikanten door, uiteraard zonder aanbevelingen maar wel binnen een straal van zo’n 100 kilometer van de gemeente in kwestie. Ik houd alles in een ordner bij. Als de zondag voorbij is, gaat de desbetreffende bladzijde eruit. Gemiddeld krijg ik zeven à acht telefoontjes op een avond. Mensen moeten bellen tussen half 7 en half 8. Met die tijdslimiet ga ik niet heel streng om, tenzij ik net aan de maaltijd zit. Het betreft nagenoeg allemaal vragen, het terugmelden gebeurt tegenwoordig via de mail.
Soms bellen op één avond twee personen uit één plaats. In Harderwijk en Ridderkerk bijvoorbeeld regelt elke wijk zijn eigen preekbeurten. In gemeenten zoals Ede en Veenendaal doet één man dat voor alle wijken. Je gaat de preekregelaars herkennen, omdat je ze regelmatig aan de lijn hebt.
Je maakt wel eens rare dingen mee. Iemand belde ooit op zaterdagavond rond 11 uur. Je denkt: is er wat in de familie of zit er misschien een gemeente voor morgenochtend omhoog? Maar nee, een man belde – het was in maart – omdat hij een kerkdienst wilde regelen voor tweede kerstdag. Ik zei: dan belt u maandagavond tussen half 7 en half 8. Nu, hij zou het doorgeven aan het hoofdbestuur.’

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 29 december 2011

De Waarheidsvriend | 28 Pagina's

Anders dan andere jaren

Bekijk de hele uitgave van donderdag 29 december 2011

De Waarheidsvriend | 28 Pagina's