De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

In Gods hand

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

In Gods hand

Tijd in de Bijbel [1]

8 minuten leestijd

Denken over de tijd die voorbij is, die voor je ligt. Aan het eind van het kalenderjaar ontkomt bijna geen mens eraan. En dat is maar goed ook. De seizoenen en de jaren houden ons wakker.

De tijd heeft door de eeuwen heen de mensheid gefascineerd. We kunnen vandaag de dag de tijd nauwkeurig vaststellen. In de wereld van de sport meet men zelfs tijden van zoveel honderdste van een seconde. Maar het gegeven dat die tijd onherroepelijk verder gaat, hebben wij niet in de hand. Dag en nacht wisselen elkaar af. De jaren gaan voorbij en er is het besef dat je ouder wordt, dat generaties komen en gaan. De tijd is daarom ook kostbaar.
In het verleden, toen de tijd nog werd aangegeven in zonnewijzers, was er daarom ook vaak in het Latijn een belerende tekst of spreuk aanwezig, meestal ‘de tijd vliegt heen’ (tempus fugit) of ook wel een tekst uit de Bijbel, zoals ‘leer ons zó onze dagen tellen, dat wij een wijs hart verkrijgen’ of ‘laat de zon niet ondergaan over uw boosheid’. De mooiste zonnewijzer van ons land, bij het Prinsenhof in Groningen uit 1731, heeft wel een heel opmerkelijke tekst. Vertaald betekent het: ‘De vergane tijd is niets, de toekomende onzeker, de huidige wankel. Zorg dat je die van jou niet verliest.’

Niet alleen optelsom
Verlies geen tijd. Het zou geschreven kunnen zijn anno 2011. Want dat de tijd mensen bezighoudt blijkt wel uit de bestseller van Joke Hermsen, Stil de tijd. Pleidooi voor een langzame toekomst. Al heel snel werden 30.000 exemplaren verkocht. Druk bezig zijn en een overvolle agenda hebben is in onze dagen synoniem met een succesvol bestaan. ‘Geen tijd hebben’ lijkt dan ook een fundamentele ervaring van deze tijd te zijn. Hermsen ontwikkelt in haar boek een nieuwe visie op het fenomeen tijd, waarin zij een onderscheid aanbrengt tussen kloktijd en innerlijke tijd. Zij stelt vragen als: Van wie is de tijd? En: Bestaat er nog een persoonlijke tijd? Tegen de huidige tijdgeest in verkent zij het belang van rust, verveling, aandacht en wachten. Het geeft wel aan dat veel mensen in onze samenleving het gevoel hebben dat de tijd ons in een wurgende greep houdt en dat we het graag anders willen, maar hoe?
Tijd is blijkbaar niet alleen en optelsom van minuten en uren, maar heeft ook een andere gevoelswaarde. Vandaar dat tijd soms naar ons idee langer kan duren en we inderdaad kunnen zeggen ‘de tijd vliegt’, terwijl de uren echt niet sneller of langzamer gaan.

God bepaalt
Wanneer we verkennen hoe er in de Bijbel over de tijd gesproken wordt, sluit ik aan bij die ene vraag van Hermsen: Van wie is de tijd? Een christen belijdt met psalm 31 ‘Mijn tijden zijn in Uw hand’ (vs. 16). God geeft ons het leven en plaatst ons daarmee in de tijd. De schepping van hemel en aarde was het begin van de tijd. We zijn vanaf dat moment de dagen gaan tellen. Expliciet zegt God dat bij de schepping van de lichten die scheiding maken tussen dag en nacht: ‘en laten zij zijn tot aanduiding van vaste tijden en van dagen en jaren’ (Gen.1:14). Na de zondvloed horen we God spreken over zaaitijd en oogsttijd, koude en hitte, zomer en winter, dag en nacht. De wisselingen van het leven, van de seizoenen, die onze tijd op aarde zo bepalen.
Door de zondeval in Genesis 3 worden we nadrukkelijk bepaald bij de eindigheid van de tijd van leven op aarde. Al worden er hoge leeftijden genoemd, het refrein is telkens ‘en hij stierf ’. Het leven op aarde is geworden van de wieg tot aan het graf. Het besef dat we tijdelijke mensen zijn, dat ons leven voorbijgaat, als oordeel over ons zondige leven.
Bijzonder is dat de Heere God daarmee niet Zijn handen heeft teruggetrokken van deze aarde, maar juist in de tijd worstelt met en in de mens (Kohlbrugge), mensen roept, aanspreekt en tijd geeft. De eeuwige God daalt af in het menselijk bestaan. En dat niet alleen: Hij bepaalt ook de tijd. De tijd is in Gods hand.

Niet willekeurig
Daarom, als er in de Bijbel over tijd gesproken wordt, gebeurt dat niet willekeurig. Het heeft bijna altijd te maken met het werk van God en Zijn bemoeienis met ons mensen. Om dat te verduidelijken: het Nieuwe Testament kent twee woorden voor ‘tijd’. Chronos, genoemd naar de Griekse godheid van wie men vertelde dat hij zijn eigen kinderen opat. De Bijbel kent ook dat ‘verslindende’ karakter van de tijd. Het Nieuwe Testament kent echter ook nog een ander woord om de tijd aan te duiden. Dat is het woord kairos. De betekenis is: de juiste tijd, of de beslissende tijd. Het is de tijd waarop iets bijzonders gebeurt, waar ook God Zijn hand in heeft.
Prof.dr. J.P. Versteeg zegt dat de tijd als chronos alles maakt tot het verleden. Maar als kairos opent de tijd de weg naar de toekomst. Dus, als kairos hebben we weer de tijd en staat alles in het licht van Gods eeuwigheid en heeft het daarom zin en doel.

Zinvol
Dat is ook de boodschap van het boek Prediker, dat veel onderwijs geeft ten aanzien van de tijd. Vooral het derde hoofdstuk, waar hij in dat prachtige gedicht alle tijden van een mensenleven naast elkaar zet. Wat een mens allemaal meemaakt tussen geboren worden en sterven. Mooie en moeilijke dingen, voorspoed en tegenspoed. We krijgen soms de indruk dat Prediker een sombere kijk heeft op de wereld en de mensheid en de zinloosheid van alles erg benadrukt. Op zijn zoektocht naar de zin van het bestaan is naar zijn mening alles ijdel en vluchtig. De tijd zorgt ervoor dat we tijdelijke mensen zijn. Zo spreekt de Bijbel over het leven van de mens na de zondeval. Er komt eens een einde aan onze tijd op aarde. Hoe bereiden we ons daarop voor? Maar dat is niet het enige.
Juist Prediker maakt duidelijk dat al die tijden van ons wel degelijk zin hebben, als we ze in Gods handen weten. Als we beseffen én belijden dat onze tijd Gods tijd is. Door Hem bepaald en vastgesteld. Bij alle vragen die we kunnen hebben over de schijnbare zinloosheid van alles, de gebrokenheid van het leven en het onvermijdelijke van de wisseling van de tijden, is er één houvast en zekerheid. Dat is God Zelf. ‘Ik weet dat al wat God doet voor eeuwig blijft; niets is eraan toe te voegen, niets is ervan af te doen, en God doet het opdat men vreest voor Zijn aangezicht’ (Pred.3:14). Dat leven voor Gods aangezicht maakt de tijd zinvol en geeft ook rust.

Zeker
God staat boven de tijd. Hij is van eeuwigheid tot eeuwigheid. Duizend jaren zijn in Gods ogen als de dag van gisteren (Ps.90). Eén dag is bij Hem als duizend jaar en duizend jaar als één dag (2 Petr.3). Daar ligt een geweldige bemoediging in. Het loopt de Heere niet uit de hand en Zijn beloften worden vervuld. Wat Hij doet zal voor eeuwig zijn. Onze tijd wordt daarom een gave, maar ook een opgave, om die tijd goed te benutten. Dat zal onze zorg moeten zijn, want de toekomst ligt in Gods hand. Dus, niet omdat de toekomst onzeker is, moet je geen tijd verliezen – wat de zonnewijzer in Groningen zegt –, maar juist omdat die toekomst van God zeker is.
Daarom zegt de Bijbel dat je niet echt bezorgd hoeft te zijn. Niet over de dagelijkse dingen, maar ook niet over de toekomst. Gods dag komt, al is het als een dief in de nacht. Dat bevestigt 1 Thessalonicenzen 5:1: ‘Maar wat de tijden en de gelegenheden betreft, broeders, is het voor u niet nodig dat men u schrijft.’ De Heere Jezus zegt dat de voortekenen van Zijn wederkomst in de natuur en de wereldgeschiedenis ons niet zullen beangstigen, maar integendeel: ‘Wanneer nu deze dingen beginnen te geschieden, kijk dan omhoog en hef uw hoofd op, omdat uw verlossing nabij is’ (Luk.21:28). De tekenen der tijden wijzen naar de definitieve komst van Gods Koninkrijk en de volkomen verlossing.

Wanneer?
Wanneer dat zal zijn? Die dag en dat uur is aan niemand bekend, alle voorspellingen van een snel komend wereldeinde ten spijt. Ook de engelen weten dat niet, zegt Jezus, zelfs de Zoon niet, alleen de Vader (Mark.13:32). Die woorden van de Heere Jezus hebben veel hoofdbrekens gekost, want hoe zou de Zoon de Vader niet kennen? Dr. J. van Bruggen zegt hierover: ‘Blijkbaar zijn er in de kennis van de Zoon enkele punten waarin Hij het geheim nog geheim van de Vader wil laten zijn. Dit betekent dus dat Gods Zoon, ten tijde van Marcus 13 geen kennis bezat over dag en uur van zijn verschijning.’ We moeten het zo laten staan. De bedoeling van dit gedeelte is dat de Zoon, die de Vader in alles kent, als mens op deze aarde volledig op Hem blijft vertrouwen, zonder alles precies te weten. Hoeveel te meer zullen wij, met ons beperkte inzicht, dat vertrouwen hebben in die God, die de tijden in Zijn hand heeft. Zijn toekomst zal komen. Dat is voor tijdelijke mensen hoop en troost in leven en sterven.

Volgende week: tijden van verkwikking.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 29 december 2011

De Waarheidsvriend | 28 Pagina's

In Gods hand

Bekijk de hele uitgave van donderdag 29 december 2011

De Waarheidsvriend | 28 Pagina's