De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Globaal bekeken

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Globaal bekeken

4 minuten leestijd

Hoe een dominee een beroep aannam. Peter Dillingh vertelt in Kerk op Dordt over een beroep dat ds. G. Posthumus Meyjes (1870-1941) in 1898 ontving uit Dubbeldam.

Toen wij den spoorwegbrug voor Dordrecht passeerden, zei ik tegen mijne vrouw: “Zou je in deze buurt willen wonen?” En zij was ’t volmaakt met mij eens dat dit waterland niets aantrekkelijks had. Bovendien, de onmiddellijke nabijheid van Dordrecht en Dubbeldam lachte mij niets toe. Er was voor mijn gevoel iets beklemmends in de gedachte te moeten leven onder den rook van de stad der Dordtsche Vaderen. Eigenlijk stond het, eer wij den spoorwegburg over waren, al bij ons vast dat wij ’t Geldersche niet met het ZuidHollandsche wilden ruilen.’ (…)
Op de spoorbrug leek hun besluit al vast te staan: bedanken. ‘Maar: Dordrecht was Dubbeldam niet! Dat bemerkten we al spoedig. Aan den trein door een van die twee Ouderlingen, die ons in Halle opzochten, afgehaald, reden we langs den Dubb.weg, dien ik daarop nog altijd moet aanzien, naar het huis van den toenmaligen Hoofdonderwijzer der Openb. School, Meester van der Brugge. Daar vonden wij ook den tweeden Ouderling, dien wij in Halle leerden kennen, en de andere leden van den Kerkeraad en het Kerkbestuur. En de ontvangst was zóó hartelijk; de gastvrijheid in ’s meesters huis zóó groot; de werkkring kwam mij zóó aantrekkelijk voor; pastorie en tuin maakten zoo’n prettigen indruk, dat we, enkele uren later den spoorwegbrug, waarvan ik straks sprak, weer overreden met heel andere gedachten over Dubbeldam, dan wij hem eerst gepasseerd waren. En ik nam het beroep aan. En ik deed den 16den April 1899 mijn intrede. En ik heb van mijn besluit nooit berouw gehad.


***

‘Oranje na het dodelijk schot’. Dr. Joke Roeleveld schreef er gedetailleerd over in Protestants Nederland, vanwege de discussie erover de laatste tijd:

In hoofdlijnen gebeurde op 10 juli 1584 het volgende. Balthazar Gerards, want hij was die vreemdeling, had twee radslotpistolen gekocht, geladen en onder zijn mantel verborgen. Daarmee hing hij rond in de hal, bij een van de pilaren. De deur van de eetzaal ging open. Charlotte de Coligny, de vrouw van Willem, kwam naar buiten met de zuster van haar echtgenoot, de gravin van Schwarzburg. (…)
Balthazar Gerards stapte naar voren, werkte een schildwacht opzij en duwde een pistool met drie kogels tegen de maag (“contre l’estomac”, schreef hij zelf ) van de prins. Het gebeurde in een flits. Willem wees nog naar de moordenaar en verloor zijn evenwicht. In een refl ex hield Jacques de Malderé hem rechtop, zodat hij pal voor de prins moet hebben gestaan. Deze stalmeester is inderdaad de enige die heeft geclaimd de laatste woorden van Willem te hebben gehoord. De Malderé kon het gewicht niet lang houden en heeft de prins toen op zijn rechterzij in de schoot van zijn zuster laten zakken. Zij was inmiddels op de trap gaan zitten. De gravin vroeg haar broer in het Duits of hij zijn ziel aan God beval. Het antwoord was ‘ja’. Intussen moet het na een geschrokken stilte een drukte van belang zijn geweest. (…)
In alle gevallen staat vermeld dat Willem van Oranje één zin zou hebben gezegd van de strekking: “Mijn God, ontferm u over mij en over mijn arme gemeente”. Dat was de eerste fase.
Intussen had de Raad van de prins ook op het Prinsenhof vergaderd. Vermoedelijk daarna zien we een tweede fase intreden, waarin Willem van Oranje twee zinnen zou hebben gezegd: “Mijn God, wees mij genadig.
Mijn God, wees dit arme volk genadig”. In het register van de StatenGeneraal is zelfs een correctie in de kantlijn aangebracht. Latere bronnen vermelden ook de twee zinnen, die beter aansluiten bij wat iemand in ademnood uitbrengt.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 14 juni 2012

De Waarheidsvriend | 24 Pagina's

Globaal bekeken

Bekijk de hele uitgave van donderdag 14 juni 2012

De Waarheidsvriend | 24 Pagina's