Simson komt thuis
Hij keerde weer terug naar het huis van zijn vader. (…) Daarna vertrok hij en ging in een kloof van de rots Etam wonen. Richteren 14:19 en 15:8
Het is in onze maatschappij niet eenvoudig om als gelovige jongere op te groeien. Maar was het ooit anders? De jeugdjaren van Simson tonen hoe moeizaam geloofsontwikkeling kan gaan. Soms ontdekken we pas na dubieuze kronkelwegen waar we thuishoren.
Simson zet zijn huwelijk met een Filistijnse door. Die keuze betekent een breuk met het volk van God, dat op zijn bruiloft dan ook opvallend afwezig is. Zelfs ‘de beste vrienden van de bruidegom’ zijn hem toegewezen door zijn schoonfamilie. Het roept de vraag op: ‘Simson, aan wiens kant sta jij?’
Het antwoord is duidelijk: Simson gaat overstag. Dit Filistijnse feest wordt het begin van een nieuwe fase in zijn leven.
Dit is ook vandaag herkenbaar. Wie in pastorale gesprekken beluistert waarom jongeren het geloof vaarwel zeggen, kan zonder meer een vaste top drie aanwijzen: de partner, de vrienden en het uitgaan. Kennelijk probeert satan ons met name door dit drietal los te weken van God. De mensen met wie wij in dit leven omgaan, kunnen dus van invloed zijn op ons eeuwig leven!
Breuklijn
Simsons plezier met zijn nieuwe vrienden eindigt echter abrupt wanneer zij zijn raadsel niet ontrafelen kunnen. Dan wordt het plotseling: ‘de mannen van de stad’ tegenover die Jood, die op hun bezit uit is (14:15,18). Wonderlijk: satan had ze zo mooi aan elkaar proberen te lijmen, maar opeens komt er een onderliggende breuklijn openbaar: de vijandschap tussen het slangenzaad en het vrouwenzaad.
Kort daarna is Simson weer eenzaam, ontgoocheld door de ontdekking dat zijn vrouw bij de anderen behoort. ‘Maar Simson, aan wiens kant sta jij?’ Tot zijn schrik beseft Simson dat hij dat eigenlijk niet weet. Kennelijk past hij als besnedene toch minder in de wereld dan hij zelf wel wilde. En eíndelijk gaat Simson strijden tegen de Filistijnen.
Ver van zijn vaderland komt de verloren zoon tot het goede inzicht. ‘En hij keerde weer terug naar het huis van zijn vader.’ Komt dan nu alles goed?
Schipperen
Helaas kiest Simson niet erg radicaal. Want even later daalt hij opnieuw naar Timna af. En als hij bij de volgende strijd uitroept: ‘Nu kan ik er niets aan doen als ik de Filistijnen kwaad doe’ (15:3), horen we daarin een vreemde loyaliteit. Ook daarna schippert Simson herhaaldelijk tussen zijn oude leven en de navolging van de Heere. Het lijkt allemaal niet zo principieel. Is dit nou een richter die Gods recht moet doen? Of: lijkt dit misschien op jouw terugverlangen naar de zonden van je jeugd (Ps.25:7)?
Wereldse ellende
Tegelijk merken we in Richteren 15 wel een ommekeer. Want wanneer Simson ziet hoe zijn schoonvader zijn dochter eenvoudig verkwanselt aan de ceremoniemeester en hoe afgrijselijk de wraakneming van de Filistijnen op zijn schoonfamilie is, krijgt hij oog voor iets wat hem daarvoor ontgaan was. Hoe modern en vooruitstrevend de Filistijnen ook mogen zijn, dat zegt nog niets over hun geestelijke superioriteit. Integendeel, zonder Israëls God is hun leven juist barbaarser.
Het zijn heilzame momenten als je zoiets mag ontdekken. Christus bekeert ons niet altijd door Zijn evangelie uit te stallen, maar soms ook door ons onze ellende te leren kennen. Door ons te treffen met de leegheid van een leven zonder zingevingkader of met de laagheid van moderne moraliteit. Door de ontdekking: ik pas hier eigenlijk niet.
Of: ‘uiteindelijk moeten ze mij niet.’ Wie zo vastloopt in gebrek aan diepgang, gaat weer verlangen naar hogere waarden, die ergens in het hart zijn blijven resoneren. Die erkent: ‘Wie God verlaat heeft smart op smart te vrezen. Wat is een leven zonder Hem?’ Ook via deze bezinning kan ‘de weg van de Heere’ (14:4) gaan. ‘Ik ga uw weg met dorens omheinen, zodat u uw minnaar niet kunt vinden. Dan zult u zeggen: ik keer terug naar mijn vorige Man, want toen had ik het beter.’ (Hos.2: 5-6)
In gesprek blijven
Het is daarom belangrijk om met ‘rebellen’ en ‘afhakers’ in gesprek te blijven en hen oprecht betrokken te vragen of ze het ware geluk nu ook gevonden hebben: ‘Heb je ook gevonden wat je zocht te winnen toen je God en Zijn dienst verliet?’ Het blijkt vaak bitter tegen te vallen, waardoor verlaters zoekers blijven.
Worden zoekers weer gevondenen?
Simson merkt dat hij op drijfzand heeft gebouwd. Hij zoekt het hogerop, op de rots Etam. Dat is een bekering, want Etam ligt in Israël.
Dan pas leert hij bidden vanuit gebrek; dan pas kan God hem gebruiken (15:18-20). Zo wil Christus Zijn verloren kinderen steeds terugleiden, om ons op te bouwen op Zijn fundament. In Hem alleen zijn er wel duizend wegen naar het Vaderhuis.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 5 juli 2012
De Waarheidsvriend | 24 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 5 juli 2012
De Waarheidsvriend | 24 Pagina's