Hoe te spreken over God
Theologen in spe present tijdens GB-studieweek
Medio augustus is het weer zover: van heinde en ver komen theologiestudenten naar Doorn om op Hydepark deel te nemen aan de studieweek van de Gereformeerde Bond.
Het is elk jaar weer een mooie afsluiting van de vakantie en tegelijk een goed begin van het nieuwe studiejaar: de ‘GB-week’. Ook dit jaar mogen we weer een aantal dagen verkeren in het conferentiecentrum van de Protestantse Kerk, gelegen op het mooie en altijd indrukwekkende Hydepark. Deze keer staat een aantal lezingen op het programma rondom het vraagstuk hoe we over God moeten spreken. Een vraag die, zo wordt duidelijk, leeft onder de studenten en die consequenties heeft voor het functioneren als predikant in een gemeente. Een actuele vraag met een praktische toespitsing dus.
Openbaring
Ds. A.J. Mensink geeft het startschot van deze intensieve en waardevolle studieweek. Hij spreekt voor het eerst als voorzitter van de Gereformeerde Bond. Hij houdt allereerst een meditatie, waarin hij wijst op het belang van het spreken met God, alvorens te spreken over God.
In zijn lezing staan de woorden ‘paradox’ en ‘orthodox’ centraal om de plek en de roeping te omschrijven die de Gereformeerde Bond binnen de Protestantse Kerk inneemt. (Zie hieronder een ingekorte versie van zijn openingswoord.)
Dat spreken over God niet losstaat van ons handelen, wordt duidelijk in de lezing van dr. M.J. Kater. Hij gaat in op de eigenschappen van God en de consequenties daarvan voor de ethiek. Om te weten wat eigenschappen van God zijn, zijn we aangewezen op de openbaring.
We zien Gods hand en Zijn eigenschappen in het scheppend en herscheppend handelen van God door de ‘bril’ van de openbaring. Onopgeefbaar is daarin de verhouding tussen leer en leven, tussen ethiek en dogmatiek. Een belangrijke notie die aandacht verdient in een tijd waarin die twee vaak van elkaar gescheiden worden.
Dogma
Dat het dogma tegenwoordig steeds meer verzet oproept, heeft te maken met het gezag dat erin doorklinkt, aldus prof.dr. G. van den Brink. Toch zijn dogma en prediking twee wezenskenmerken van de kerk. Maar wat is dan de functie van dat dogma? Dr. Van den Brink verwoordt dat met dr. O. Noordmans: ‘Het dogma mag slapen in de kerk, als het maar wakker wordt wanneer het mis dreigt te gaan.’
Dat zou betekenen dat er niet over het dogma gepreekt mag worden, maar dat gaat volgens dr. Van den Brink te ver. Er mag wel degelijk over bijvoorbeeld de triniteit gepredikt worden, maar dan moeten we wel in het oog houden dat we de Bijbel niet door de bril van het dogma lezen. Voor een trinitarische prediking geldt dat we elk van de drie Personen niet mogen losmaken van de andere Personen. Zo stelt de triniteitsleer de grenzen waarbinnen we kunnen spreken en maakt het duidelijk hoe er christelijk gesproken moet worden over God.
IZB
Een goede gewoonte in de GB-week is dat een lezing door een van de zusterbonden gegeven wordt. Dit keer komt ds. L. Wüllschleger van de IZB iets vertellen over de missie en de visie van deze organisatie. Vragen als: ‘Hoe is de kerk missionair?’ maar ook: ‘Hoe wordt of blijft de kerk missionair?’ vormden de achtergrond van zijn verhaal. Daarbij gaat hij in op de beweging van de ecclesial turn, een beweging die accent legt op de eigenheid van kerk, geloof en ethiek. Haar drievoudig accent op Schrift, sacramenten en traditie, heeft een morele spits: in het discipelschap wordt de eigenheid van de kerk zichtbaar.
Vanuit de studenten wordt geopperd dat het allemaal erg veel naar buiten gericht is. Moet de beweging niet naar binnen gericht zijn en moet de nadruk niet allereerst liggen op de innerlijke relatie met God? Lastige vragen waar niet zomaar een antwoord op te geven valt, al moeten we de beweging naar binnen en naar buiten niet te veel los van elkaar zien.
Handvatten
Dr. H. Klink en dr. J. van Eck mogen de degens te kruisen over de stelling: ‘Bijbels spreken over God en mens: Joods of Grieks?’ Duidelijk wordt dat we de Bijbel wat betreft de antropologie niet moeten overvragen, ze geeft ons flarden aan informatie en biedt ons geen totaal. Toch speelt het lichaam wel een grote rol en spreekt de Bijbel soms erg concreet, aldus dr. Van Eck. Dr. Klink geeft ons twee handvatten: Ten eerste moeten we terug naar een bijbelse antropologie, omdat we vanuit deze traditie de ziel van de mens veel beter kunnen peilen. Daarnaast moeten we van beide stromingen kennis nemen. Augustinus, Calvijn, Kierkegaard en anderen hadden dat ook en dat is een opdracht aan ons. Wel moeten we ons in het spreken over God en mens altijd voor ogen houden dat het bijbels spreken sterk is verbonden met, maar ook uniek uitstijgt boven het hellenisme.
Op doek
Dat bijzondere van de Bijbel wordt ook duidelijk in de lezing van prof.dr. G. Kwakkel: ‘Het unieke van de oudtestamentische Godsopenbaring’. Het unieke komt tot uiting in de vergelijking met het Nieuwe Testament, maar ook met de Umwelt, omgeving. Ten opzichte van het Oude Testament neemt in het Nieuwe Testament de duidelijkheid toe; er is geen wezenlijk inhoudelijk verschil, maar het verschil moet historisch gezien worden, met de geboorte van Christus als feit.
Na zijn lezing krijgen we ons thema in beelden uitgedrukt te zien door de hand van mevrouw A. Kaai-van Wijngaarden. De kunstenares laat zien hoe zij op inspirerende wijze het bijbelboek Openbaring op het doek heeft gezet, vanuit de overtuiging dat God mensen door kunst in het hart treft. Een heel andere, maar zeker mooie en boeiende manier om met het thema om te gaan.
Praktijk
De schakel naar de (predikants)praktijk geven de echtparen ds. en mevrouw C. van den Berg en ds. en mevrouw J.B. ten Hove. Bij deze laatste twee lezingen zijn ook de vriendinnen, verloofdes en echtgenotes van de studenten present. Voor hen een mooie manier om iets mee te maken van de GB-week. Het eerste echtpaar deelt zijn ervaring in China met ons. Ze vertellen van de leiding van God in hun leven. Op de vraag hoe je de Heere volgt op de weg die Hij wijst, antwoordt ds. Van den Berg: ‘Je moet de weg zien, Hem zien en bereid zijn de weg te gaan.’ Ds. en mevrouw Ten Hove laten ons zien hoe zij samenwerken en voor welke keuzes het leven in de pastorie kan plaatsen. Dat alles niet vanzelf gaat wordt wel duidelijk: het spanningsveld kerk en gezin blijft bestaan en vraagt om goede doordenking.
Tijdens de week spreekt ds. P. Veerman met de aanstaande eerstejaars over ambt en roeping. Dr. H. van den Belt verzorgt de bemoedigende afsluiting van de week.
In deze dagen, waarin spreken over God centraal staat, wordt duidelijk dat we voor alles God tot ons moeten laten spreken, in onze afhankelijkheid. Eerst horen, dan spreken. Daarom mag ons gebed zijn: ‘Spreek Heere, want Uw knecht hoort’!
Als studenten zien we terug op een mooie, goede en gezegende week en bedanken we de commissie voor haar voorbereidend werk. Ook de goede en fijne begeleiding van en ontmoeting met ds. en mevrouw P. Koeman deden ons erg goed.
---
Spreken over God en de vrienden van Job
Tijdens de studieweek van de Gereformeerde Bond treedt ds. A.J. Mensink uit Krimpen aan den IJssel voor het eerst publiek op als voorzitter van de Gereformeerde Bond. In zijn openingswoord, dat hieronder ingekort volgt, leidt hij het thema ‘Leren spreken over God’ in.
Isaäc da Costa schrijft ergens: ‘Plaats het uitnemendste schilderstuk ondersteboven, en gij hebt de aanblik daarvan volkomen bedorven.’ Ik kwam deze uitspraak van Da Costa tegen in zijn bijbellezingen over Job. Waarheden die op het verkeerde moment worden uitgesproken, kunnen als ónwaarheden gaan werken. Het boek Job biedt daarvan talloze voorbeelden, zeker als het gaat om het spreken over God, die de waarheid is en die de waarheid liefheeft.
Aan het eind van boek Job, met al z’n redevoeringen en debatten, gaat de Heere Zelf spreken. Zijn spreken is genadig, vol majesteit, maar ook bestraffend. Jobs drie vrienden, Elifaz, Bildad en Zofar, worden bestraft. Niet omdat zij niet juist over Job hebben gesproken, maar omdat hun spreken niet juist over de Heere was. Dat is een verrassende bestraffing. Ons spreken over God raakt niet alleen onze naaste, maar raakt ook en vooral God Zelf.
Orthodox
Als je de redevoeringen van deze drie vrienden naleest, ontdek je dat ze juist heel orthodox zijn geweest. Ze hebben terdege waarheden over God gesproken. Zoals Elifaz: ‘Als je je bekeert tot de Almachtige, zul je gebouwd worden. Je zult vurig tot Hem bidden, en Hij zal je verhoren.’ Dat zijn bijbelse waarheden in het spreken over God, waarheden die getuigenis hebben van de wet, en de profeten, en de psalmen.
‘Bekeer je, en je zult vrede hebben.’
Me dunkt: uitspraken die in een bijbels- gereformeerde preek zullen en moeten klinken.
Toch hebben deze broeders niet juist van de Heere gesproken. Ze hebben hun waarheden ondersteboven opgehangen. En waar ze niet juist van de Heere hebben gesproken, hebben ze het lijden van Job verzwaard. Spreken over God heeft dus tweeërlei belang: het rechte kennen en dienen van de Heere én het heil van onze naaste.
Geïsoleerd
Dat de vrienden met al hun waarheden toch niet juist van de Heere spraken, komt onder andere doordat ze het spreken over God hebben opgebouwd vanuit een menselijk, rationeel schema. Namelijk een vergeldingsschema, gebaseerd op het feit dat God rechtvaardig is. De rechtvaardigheid van God betekent dat Hij de zonde straft, maar de vroomheid zegent. Een schema dus van schuld en vergelding, van vergelding en schuld. Een schema waarin Gods gedachten even hoog of even laag zijn als de onze.
Dat komt ook omdat ze deze ene eigenschap van God, Zijn rechtvaardigheid, isoleerden van de andere waarheden van God. Zoals Zijn almacht, Zijn liefde, Zijn soevereiniteit. Ketterijen ontstaan waar waarheden geïsoleerd worden van de totale waarheid en vervolgens uitvergroot worden voorgesteld. Dat kun je met elk spreken over God doen, of dat nu Zijn liefde of Zijn welbehagen is, geloof als goddelijke gave of menselijke autonome beslissing, Gods almacht en Zijn mededogen.
De bestraffing door de Heere in Job 42 is ook voor ons gewetensprikkel. Als predikant moet ik elke dag leren dat ik met twee woorden moeten spreken, minstens twee. Dat het kennen van God een geheimenis is, waarmee ik niet aan de haal kan gaan.
Lering
Als ik lering uit de valkuilen van Jobs drie vrienden probeer te trekken, dan is het wel dat ik niet óver God kan spreken zonder mét Hem te spreken. Zonder de verborgen omgang spreek ik, zelfs over God, als een schel metaal. De mond kan niet zonder het oor, anders roept hij maar wat. En dan nog geldt: wie zal de Heere ten volle kennen?
Ik leer ook dat ik de waarheid over God niet kan spreken, zonder zelf ook onder deze waarheid door te gaan. Het is de vraag of de vrienden van Job dat wel gedaan hebben. Zij willen met de waarheid Job bekeren, maar vergeten zij niet dat de waarheid allen tot bekering roept? Als ik over God spreek, spreek ik niet alleen tegen mezelf, maar spreek ik vooral ook mezelf tégen. In het spreken over God toont de Heilige Geest mij hoe tegengesteld ik ben aan God en aan Zijn waarheid, en dat ik voor Zijn waarheid dus ook steeds weer ingewonnen moet worden.
Nieuwtestamentisch gesproken ontdekken we dat het de vrienden van Job ontbroken heeft aan de kennis van Christus. Aan de kennis van God die in de toorn aan Zijn ontferming gedenkt. Aan de kennis van Hem die wel straft, maar niet naar onze zonden.
In hoeverre kunnen wij over God spreken zonder de kennis van Jezus Christus, de Zoon door Wie Hij in deze laatste dagen gesproken heeft (Hebr.1:1)? Hij is de Waarheid, en dus ook de Weg, en dus ook het Leven – niemand ziet de Vader dan door Hem. In het beeld van Da Costa: elke waarheid die niet verbonden is aan de openbaring van Jezus Christus, is een schilderij dat ondersteboven wordt opgehangen. Dat betekent omgekeerd: vanuit de kennis van Jezus Christus spreken wij vrijmoedig over God.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 6 september 2012
De Waarheidsvriend | 24 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 6 september 2012
De Waarheidsvriend | 24 Pagina's