De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Evangelisatiewerk op Cuba

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Evangelisatiewerk op Cuba

Gemeenteleden vol elan om naaste te bereiken

6 minuten leestijd

De kerk op Cuba ontvangt de laatste jaren meer vrijheid. In september verbleef ds. P.J. den Admirant ruim twee weken in dit communistische land om les te geven op het seminarie van de baptistenkerk. Enkele impressies van dit bezoek.

De Cubaanse kerk maakt sinds de val van het communisme in de voormalige Sovjet-Unie een ongekende bloeiperiode mee. Je merkt aan alles dat de kerk gericht is op de verbreiding van het evangelie.
Het doel van mijn reis was lesgeven op het seminarie van de baptistenkerk in Santiago de Cuba. Deze stad ligt ruim 750 km ten oosten van de hoofdstad Havana.

Misioneros
De studenten die ik lesgaf werden misioneros genoemd, zendelingen.
De weken dat zij geen lessen volgen en in de weekeinden en zondagen dienen zij een evangelisatiepost die, naar verwachting, zal uitgroeien tot een zelfstandige gemeente. Daaruit blijkt dat het doel van de theologische vorming de verkondiging van het evangelie is.
Studenten brengen grote offers.
Velen van hen hebben al een eigen gezin en zijn soms lange tijd van huis.
Het leven op het seminarie maakt een heel gedisciplineerde indruk.
Om zes uur ’s morgens luidt de bel. De studenten staan op en komen om half zeven in de kapel voor het ochtendgebed. Daarna krijgen ze nog een half uur catechese van de capellán, de predikant die belast is met de geestelijke zorg voor de studenten. Om half acht luidt de bel voor het ontbijt. Waag het niet vijf minuten te laat te komen, want dan krijg je een stevige uitbrander. Ik bewonder het werk van broeder Argelio, die de studenten pastoraal begeleidt.

Ventilatoren
De lessen beginnen om kwart over acht. De ventilatoren gaan aan, want lesgeven en lessen volgen bij een temperatuur van 30 graden en hoger is slaapverwekkend. De eerste week ontmoet ik de eerste- en derdejaars studenten. Zij krijgen les in het vak Methoden van bijbeluitleg.
De studenten hebben een goed niveau. Sommigen van hen hebben al een universitaire studie gevolgd in een seculier vak. Ze hebben een uitstekende bijbelkennis. Hierbij valt wel op dat ze vooral losse teksten uit hun hoofd kennen, zonder dat ze die in hun verband kunnen plaatsen.

Geen leescultuur
Op Cuba is geen leescultuur. Theologische boeken zijn er nauwelijks.
Die zijn daar eenvoudig niet te koop. Vrijwel alle theologische boeken moeten uit het buitenland komen. De studenten beschikken dus over heel weinig hulpmiddelen om te leren hoe de Bijbel moet worden uitgelegd.
Ik tast af of zij bijbelgedeelten in hun verband weten te plaatsen. Zin voor zin een bepaald gedeelte uit de Bijbel lezen en uitleggen blijkt een lastige opgave voor hen te zijn.
Hoe gaat dat als er gepreekt wordt?
Van verschillende zijden hoor ik dat er dikwijls thematisch gepreekt wordt, aan de hand van losse bijbelverzen.
Maar ze genieten er zichtbaar van als we hele bijbelgedeelten met elkaar lezen en aan de hand van enkele ‘leesregels’ die gedeelten proberen uit te leggen.

Vertrouwen
Op zaterdag ga ik samen met de decaan van het seminarie, broeder Gabriel, en een vrouwelijk gemeentelid dat ons vergezelt naar een stad ruim honderd kilometer verderop. Halverwege stopt de motor en kunnen we niet verder rijden. Onmiddellijk begint onze zuster te bidden dat God Zijn engelen stuurt en ons helpt. Terwijl we wachten komen al snel twee mannen naar ons toe, die blijkbaar meer auto’s hebben gerepareerd.
Na een half uur kunnen we de reis hervatten.
Mij treft hoe bij een probleem onmiddellijk de Heere God wordt aangeroepen en gedankt als Hij de gebeden heeft verhoord. Mensen hebben geleerd om in hun diepe armoede en nood op de Heere te vertrouwen.

Elan
De tweede week geef ik les aan dertig betrokken gemeenteleden.
Sommigen van hen komen uit de wijk in de buurt van het seminarie.
Zij zijn zeer gedreven en vragen mij om op een vrijdagavond in een evangelisatiepost, 4 kilometer verderop, in een dienst te preken. Ongeveer 25 mensen komen in het schemerdonker onder het afdak van een eenvoudig huisje samen.
Maar wat een aandacht is er voor het Woord en wat een liefde stralen deze mensen uit.
Op zondagmiddag had ik beloofd een cursiste te bezoeken en haar man, die van het geloof en de kerk afgedwaald is. Hij staat open voor een goed gesprek. Daarna brengt dit echtpaar mij nog in twee andere huizen waar ik gevraagd word om te bidden en een korte overdenking te houden.
Mij treft het elan van gemeenteleden, het diepe verlangen om ook anderen bij Christus te brengen.

Stappenplan
Een predikant legt me uit wat de werkwijze van de gemeenten is in het evangelisatiewerk. Het lijkt een stappenplan:
- Gemeenteleden nodigen buren en vrienden uit voor een korte bijeenkomst bij hen thuis. Als zij open blijken te staan voor het evangelie krijgen ze de vraag om een eenvoudig gebed na te bidden en hun leven aan Christus te geven.
- Daarna vindt er gedurende acht weken lang geloofsonderricht plaats. Pas als deze acht weken zijn afgesloten, vraagt men aan de jonggelovigen mee te gaan naar de kerk.
- Als dat het geval is, krijgen zij een uitnodiging voor een cursus, die plaatsvindt tijdens de morgensamenkomst van de kerk. Deze cursus is enigszins vergelijkbaar met onze belijdeniscatechese en duurt vier maanden.
- Als men dit traject van vier maanden heeft afgelegd, dan breekt het moment aan dat men zich laat dopen. Als iemand dan gedoopt is, behoort hij bij het lichaam van Christus. Van lidmaatschap van de kerk is echter nog geen sprake.
- Er volgt namelijk nog een cursus van twee maanden, waarbij de grondbeginselen van de kerk waartoe men toetreedt aan de orde komen. Ook gaat men uitgebreid in op wat het lidmaatschap inhoudt en wat de kerk van de leden verwacht.
- Pas als dit alles is doorlopen, ontvangt de gemeente hen als haar nieuwe leden, met alle rechten en plichten die daarbij horen.

Eropuit trekken
Natuurlijk kunnen we de werkwijze van de kerken in Cuba en hun theologische uitgangspunten niet zonder meer overnemen en in onze situatie toepassen. Wat mij het meest getroffen heeft is de Geest-drift (gedreven door Gods Heilige Geest) en de volharding waarmee gemeenteleden op pad gaan om hun naaste te bereiken.
Elan kun je niet overnemen, volharding evenmin. Maar we mogen er wel om bidden dat we zoveel in het evangelie zien en zoveel van de kracht van Gods liefde en genade proeven, dat ook wij eropuit trekken om anderen voor Christus te winnen.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 22 november 2012

De Waarheidsvriend | 20 Pagina's

Evangelisatiewerk op Cuba

Bekijk de hele uitgave van donderdag 22 november 2012

De Waarheidsvriend | 20 Pagina's