PThU wil kwaliteit bieden
Kerk zou theologiestudent mogen stimuleren
Naast de veertien algemene universiteiten kent Nederland ook vier door de overheid bekostigde universiteiten met een levensbeschouwelijk karakter, waaronder de Protestantse Theologische Universiteit. Wat is de positie van de PThU en wie geven de predikantsopleiding inhoud?
Met de oprichting van de PThU in 2007 werden de ambtsopleidingen van de kerken die in 2004 in de Protestantse Kerk in Nederland zijn samengegaan onder een nieuw universitair dak samengebracht. Om voor overheidsbekostiging in aanmerking te (blijven) komen dient ook een levensbeschouwelijke universiteit te voldoen aan algemene kwaliteitseisen met betrekking tot onderwijs en onderzoek. Zo moet het onderwijs zijn ingericht volgens het gangbare Europese systeem van bachelor- en masteropleidingen, dat aan het begin van deze eeuw de aloude Nederlandse kandidaats- en doctoraalprogramma’s verving. Iedere aangeboden opleiding dient bovendien om de zes jaar haar accreditatie opnieuw te verwerven op basis van een visitatie door onafhankelijk theologisch deskundigen. Los daarvan wordt ook het onderzoeksprogramma van de PThU eenmaal per zes jaar beoordeeld door een internationale commissie van theologen.
Normen
Op deze wijze opereert de PThU geheel volgens de normen die worden gesteld aan het door de Nederlandse overheid bekostigde universitair onderwijs. Te midden van dat academisch onderwijs hoort de theologie, ook de kerkelijke theologie, thuis. Het oordeel over kwaliteit van onderwijs en onderzoek wordt daarbij terecht in handen gelegd niet van de overheid zelf, maar van zogenaamde ‘peers’, deskundigen die op dezelfde of aanpalende vakgebieden internationaal actief zijn. De bekostiging van de Nederlandse universiteiten door de Rijksoverheid vindt plaats volgens een algemeen systeem, waarin wordt gerekend met vaste voeten, studentenaantallen, behaalde diploma’s en prestatieafspraken. Op basis daarvan ontvangt de PThU jaarlijks een bedrag van ongeveer 9.000.000 euro. Met de door studenten verschuldigde collegegelden en inkomsten uit onder meer nascholing van predikanten bedraagt de jaarlijkse begroting van de PThU ongeveer 11.000.000 euro.
Twee vestigingsplaatsen
De beslissing om de opleidingen van de PThU vanaf 2012 te concentreren op twee nieuwe vestigingsplaatsen werd vooral ingegeven door inhoudelijke overwegingen. De PThU wil haar opleidingen verrijken door ze aan te bieden in de context van brede universiteiten waar de theologie op een hoog academisch niveau wordt beoefend. Daarnaast heeft ook het relatief geringe studentenaantal een rol gespeeld bij het besluit om terug te gaan van drie (Utrecht, Leiden en Kampen) naar twee opleidingsplaatsen (Amsterdam en Groningen). Om studenten goed onderwijs te kunnen bieden moet efficiënt met de beperkte middelen worden omgesprongen. Een studentenaantal van minder dan 500 laat zich dan moeilijk rijmen met drie verschillende opleidingsplaatsen.
Personeel
Ten behoeve van de uitvoering van haar onderwijsprogramma’s heeft de PThU twaalf hoogleraren in dienst en veertig personen in andere andere wetenschappelijke rangen. Daarnaast is er een ondersteunende staf van ruim twintig personen. De personeelskosten maken ruim 70 procent van de jaarlijkse begroting van de PThU uit. Zonder de overige personeelscategorieën tekort te doen, zijn het de hoogleraren die in eerste aanleg het gezicht van de PThU binnen de wetenschappelijke wereld, de maatschappij en de kerk bepalen. Van hen wordt verwacht dat ze niet alleen actief zijn in onderwijs en wetenschap, maar ook dat ze zich mengen in het maatschappelijk en kerkelijk discours. De kwaliteit en de reputatie van een universiteit worden immers vooral bepaald door de mate waarin haar hoogleraren zich gezaghebbend weten te manifesteren in het wetenschappelijk, maatschappelijk en kerkelijk debat. Personeelsbeleid en vooral wervingsbeleid is daarom ook voor de PThU een van de meest kritische succesfactoren. Bij het selecteren van nieuw aan te stellen leden van de wetenschappelijke staf kunnen daarom geen concessies aan kwaliteitscriteria worden gedaan. ‘Beter om verlegen, dan mee verlegen’ en ‘Bij twijfel, niet binnenhalen’ zijn hierbij relevante stelregels.
Kerkelijk betrokken
Het levensbeschouwelijk karakter van de PThU komt niet alleen tot uiting in haar opleidingsaanbod, maar ook in de erkenning door de Protestantse Kerk als de officiële opleidingsplaats van haar dienaren des Woords. Deze relatie vertaalt zich in de afspraak dat voor benoeming van nieuwe leden van de vaste wetenschappelijke staf in de rang van universitair docent en hoger de instemming van de synode van de kerk vereist is. Het college van bestuur doet daartoe enkelvoudige voordrachten aan de synode. Een conditio sine qua non (noodzakelijke voorwaarde) bij een voordracht is dat de betrokkene belijdend lidmaat van de Protestantse Kerk dient te zijn.
Bijzonder hoogleraar
Naast de twaalf ‘gewone’ hoogleraren kent de PThU, net als andere universiteiten, ook ‘bijzondere’ hoogleraren. Aan de PThU zijn op dit moment acht bijzondere hoogleraren verbonden, van wie twee op initiatief van de Gereformeerde Bond. Het bijzondere van een bijzondere leerstoel is dat het initiatief hiertoe genomen wordt door een instantie buiten de universiteit. Vaak gaat het daarbij om een maatschappelijke of kerkelijke organisatie die in het onderwijsprogramma van de PThU bijzondere aandacht wil vragen voor een bepaald thema. Als de universiteit hiermee instemt (en na goedkeuring door de synode) wordt gezamenlijk door initiatiefnemer en universiteit naar een geschikte kandidaat voor de nieuwe leerstoel gezocht. De aanstelling geschiedt meestal voor vijf jaar. In de selectieprocedure worden dezelfde kwaliteitseisen gesteld aan bekwaamheid tot het geven van onderwijs en het verrichten van wetenschappelijk onderzoek als bij gewone hoogleraren.
Met het aanstellen van bijzondere hoogleraren beoogt de PThU haar opleidingsaanbod te verrijken. Omdat de aanstelling tijdelijk is en de bekostiging niet uit de reguliere begroting komt, verzorgt een bijzonder hoogleraar in de regel keuzevakken en niet de vakken die tot het kerncurriculum van de opleiding behoren. Bij het aanvaarden van een bijzondere leerstoel moet de universiteit zich er daarom vooraf van vergewissen of er onder de studenten voldoende belangstelling voor dit extra aanbod zal bestaan. Met haar bijzondere leerstoelen verschaft de Gereformeerde Bond zich een eigen gezicht in de PThU-opleiding. Het is dan ook te hopen dat de Gereformeerde Bond haar leerstoelbeleid in de toekomst zal continueren, zelfs al zouden er meer hervormd-gereformeerde wetenschappers tot gewoon hoogleraar binnen de PThU worden benoemd.
Promovendi
Een belangrijke nog niet genoemde personeelscategorie vormen de promovendi: zij die zich via het schrijven van een dissertatie verder willen bekwamen in de theologische wetenschapsbeoefening. Omdat een dissertatie een noodzakelijke voorwaarde vormt voor een academische loopbaan, zullen uit de promovendi van vandaag de docenten en hoogleraren van morgen worden gerekruteerd. Het regulier budget van de PThU laat helaas slechts de benoeming van een beperkt aantal reguliere promovendi toe. De universiteit stimuleert daarom externe partijen theologisch wetenschappelijk onderzoek te ondersteunen door het sponsoren van een promovendus. De Gereformeerde Bond nam hiertoe recent een navolgenswaardig initiatief.
Het zou overigens ook onze kerk niet misstaan een fonds in het leven te roepen waaruit gekwalificeerde studenten in de gelegenheid kunnen worden gesteld zich via een academische promotie verder in de theologische wetenschap te bekwamen.
Gemeenschap
Dit bonte gezelschap van hoogleraren, bijzondere hoogleraren, universitair docenten en hoofddocenten, ondersteunend personeel, promovendi en studenten maken samen de academische gemeenschap van de PThU uit. Ze delen de overtuiging dat theologie ook in de 21e eeuw een relevante en intrigerende academische studie vormt, die niet alleen voorbereidt op het ambt van dienaar des Woords, maar evenzeer de weg opent naar leidinggevende posities op andere plaatsen in onze maatschappij. Het is beslist geen gemeenschap van onderling gelijkgestemden, maar wel een gemeenschap waarin ieder volop ruimte krijgt zich te (blijven) ontplooien door persoonlijke geloofsontwikkeling, academische vorming en professionele bekwaamheid. Onderling respect en vertrouwen zijn daarbij noodzakelijke en onvervreemdbare uitgangspunten. Een aantredend theologiestudent uit een Gereformeerde Bondsnest zal zich ongetwijfeld wel eens als een kat in een vreemd pakhuis wanen, maar mag erop vertrouwen dat docenten en hoogleraren de breedte van de kerk kennen, respecteren en die ook weten aan te spreken.
Prof.dr. F.A. van der Duyn Schouten is voorzitter van de raad van toezicht van de PThU.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 10 januari 2013
De Waarheidsvriend | 24 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 10 januari 2013
De Waarheidsvriend | 24 Pagina's