Het gaat om de kerk
De plaats van de Gereformeerde Bond [2]
De grondovertuiging van de Gereformeerde Bond is dat een kerkelijk leven, en met name de prediking, op zijn sterkst is wanneer dat een gereformeerd karakter draagt. Maar de Bond zet geen eigen kerkelijk leven op. We voegen ons in de orde van de kerk.
De gereformeerde belijdenis is de krachtigste en meest radicale vertolking van het heilig evangelie. Juist ook vanwege haar paradoxale karakter, haar nochtanskarakter: de rechtvaardiging van de goddeloze, haar spreken met twee woorden: wet en evangelie, zonde en genade, Adam en Christus, vlees en Geest, reeds en nog niet, van wat we in Christus hébben en wat ons toch door de Heilige Geest toegeëigend moet worden en ook daadwerkelijk wórdt.
De prediking van heilsfeiten en heilsorde – in deze volgorde alstublieft –, trinitarisch, christocentrisch. Een prediking die ontdekkend is: een prediking waarin wij ontdekt worden en waarin Christus ontdekt wordt. Prediking van een vreemde gerechtigheid en van een vreemde vrijspraak. Prediking van een dwaas evangelie.
Want we zijn ervan overtuigd dat (ook en juist in ons tijdsgewricht) de leer van de Reformatie zekerheid en zaligheid verkondigt waar het gaat om verkiezing, verbond, geloof, genade en kerk. Daarom verlangen we naar een kerkelijk leven dat horig is aan de Heilige Schrift en zich dagelijks begeeft onder haar heilzame tucht, en dat niet schroomt om de meerderheid in het kwaad niet te volgen, maar te spreken: profetisch, onafhankelijk van mensen, afhankelijk en aanhankelijk aan God alleen.
Opleiding
Vandaar dat het werk van de Bond zich altijd sterk gericht heeft op de opleiding van de dienaren van het Woord. De prediking is hét middel dat in de kerk de toon zet, en daarom is de vorming van de predikers een hoogst aangelegen zaak. Daarom kozen we nooit voor een eigen theologische op opleiding, maar wilden we altijd daar zijn waar de kerk haar dienaren opleidt. En we zijn er echt dankbaar voor dat dat in onze tijd ook mogelijk is, zowel in Groningen als in Amsterdam.
Achillishiel
Voor de Gereformeerde Bond betekent dit dus ook dat we kerkelijk denken. Wat overigens iets anders is dan kerkistisch denken. Kerkelijk denken is de achilleshiel van de Bond. Dat is in 2004 ook wel gebleken. Wij hebben ons zonder ophouden te oefenen in kerkelijk denken, dat wil zeggen: het liefhebben van de kerk, hoeveel gebreken wij ook kunnen opsommen. Maar de gebreken van de kerk zijn ónze gebreken. We oefenen ons dus ook in het toe-eigenen van de schuld van de kerk, schuld aan haar gebrokenheid, haar dwalingen, haar oppervlakkigheid. We oefenen ons in de eenheid van de kerk, en in de orde van de kerk – in die orde voegen wij ons ook. Wij zetten geen eigen kerkelijk leven op, vormen geen schaduwkerk (en zeker geen ideale kerk!), maar begeven ons in de gebaande wegen die de kerk kent: de ambtelijke vergaderingen.
Machtsblok
De Gereformeerde Bond heeft meer dan eens het imago gehad een machtsblok te zijn. Niet dat dat ooit het beleid van het hoofdbestuur is geweest, maar in gemeenten heeft dat wel geleefd. Vooral rond Samen op Weg is wel geroepen: ‘We draaien de geldkraan dicht, en we betalen de afdrachten aan de Generale Kas en het quotum niet meer. Dan piepen ze in Utrecht wel anders. Want zonder Bond is de kerk binnen de kortste keren failliet.’ Als Hugo Visscher gelijk had gekregen, waren we inderdaad een kerkje in de kerk geworden, of een kerkje los van de kerk. Dat mogen we niet willen, maar het vlees is zwak. Ik denk dat 2004 ons geleerd heeft dat we moeten sterven aan zulk denken. Het gaat niet om de Bond, en ook niet om de bondsgemeenten – zo die al bestaan – het gaat om de kerk. En in de kerk gaat het om Christus en de eer van Christus, met de Vader en de Heilige Geest. Gaat het om de verheerlijking van Zijn Naam en Zijn werk onder de mensenkinderen.
Nieuw vertrouwen
Na 2004 is er een wending te zien in de verhouding tussen de kerk en de Gereformeerde Bond. We zijn gebleven. Omdat we niet anders konden, hoeveel principiële bezwaren we ook tegen de grondslag en de kerkorde bleven houden. En dat heeft bij anderen in de kerk toch een nieuw vertrouwen opgeroepen – we bleken niet de scheurmakers te zijn waarvoor men zo vreesde.
Dat nieuwe vertrouwen is iets waarop we zuinig moeten zijn. Het heeft namelijk het gespreksklimaat in de kerk zeer verbeterd. Ook de sterk gewijzigde context heeft ons binnen de kerk meer naar elkaar toegedreven: secularisatie en marginalisatie van de kerk. Het hoofdbestuur heeft goede contacten met het moderamen van de synode; het moderamen neemt onze inbreng serieus en neemt onze inbreng meer dan eens over. Predikanten horen onder collega’s waardering. Ik geloofde mijn oren niet toen mijn vrijzinnige vrouwelijke collega me feliciteerde met het voorzitterschap van de Bond en zei: ‘Jullie doen zoveel goeds in de kerk.’
Hotelkamer
Ik vraag me soms ook eerlijk af of zulke woorden een goed teken zijn (ook weer zoiets paradoxaals). Zijn ze een signaal dat we voor de kerk geen luis in de pels meer zijn, maar een leuke hotelkamer voor orthodoxen? Bewust willen we geen muo (modalitaire uitvoeringsorganisatie) zijn – in de vorm van een geannexeerde partner van de kerk die met goedkeuring van de kerk voor een deel van de kerk faciliteiten biedt en zorg draagt. Een organisatie die een deel van de markt bedient.
Dat lokt natuurlijk wel, en we lonken er ongemerkt soms naar, maar vanuit ons principiële zelfverstaan en ons belijden aangaande de kerk is het een onbegaanbare, onverantwoorde weg. We willen profeet zijn, geen broodprofeet. En als we een partner van de kerk zijn, dan toch misschien meer een hulpe tegenover. Geen expliciete antithese, ook geen expliciete synthese – iets ertussenin, paradoxaal. Dus toch kerkelijk denken.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 31 januari 2013
De Waarheidsvriend | 24 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 31 januari 2013
De Waarheidsvriend | 24 Pagina's