De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Jeremia

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Jeremia

Profetische woorden [2]

7 minuten leestijd

Terwijl het boek Jeremia vooral een sombere inhoud heeft, domineren in de hoofdstukken 30-33 heilsprofetieën. Een hoogtepunt in dit gedeelte is de perikoop over het nieuwe verbond (Jer.31:31-34).

Daar wordt opgemerkt dat het mozaïsche verbond wordt verbroken. Het nieuwe verbond kenmerkt zich door herstel na de verbondsbreuk. In dit verbond is sprake van totale en radicale schuldvergeving. Ook zal de Heere de Israëlieten tot een God zijn en zullen zij Hem tot een volk zijn. Vervolgens schrijft God Zijn wetten in het binnenste van de Israëlieten.
Een ander element is omvattende en persoonlijke godskennis: zij zullen allen God kennen, van hun kleinsten tot hun grootsten. In dit artikel zal worden getoond hoe het contrast tussen verbondsbreuk en nieuw verbond aan de tekst extra diepte geeft. Ook zal worden ingegaan op de wijze van vervulling van de tekst.

Verbondsbreuk
In de eerste 25 hoofdstukken komt de thematiek van de verbondsbreuk naar voren (Jer.11: 10). De mogelijkheid tot verbondsbreuk ligt opgesloten in de teksten over zegen en vloek in Leviticus 26 en Deuteronomium 28. In deze teksten komen we de voorstelling tegen dat de Israëlieten door gehoorzaamheid het land kunnen verwerven.
Het landbezit sluit aan bij de oudere belofte van een rijk dat zich uitstrekt van Egypte tot de Eufraat (Gen.15:18-20). Bij ongehoorzaamheid zal het volk het land echter kwijtraken en verstrooid worden over de aarde (Deut.28:15-68).
De geschiedenis van de Israëlieten laat de voorspelde gevolgen van gehoorzaamheid en ongehoorzaamheid zien: na zegen onder David en Salomo raakt Israël geleidelijk alles kwijt.
De oorzaak van de dramatische gebeurtenissen ten tijde van Jeremia moet dus worden gezocht in zonde en verbondsbreuk.
Het is opvallend dat Jeremia nooit nieuwe wetsbetrachting aanbeveelt als weg tot herstel. Dit is in de optiek van de profeet onmogelijk, omdat de oorzaak van de zonde zo niet wordt aangepakt. Op een aantal plaatsen wijst Jeremia erop dat ontrouw ontstaat door het ontaarde menselijke hart (Jer.17:1,9). Een mens kan zich uit eigen kracht niet verlossen. Vanuit deze sombere uitgangspositie laat het boek Jeremia wegen van verlossing zien.

Herstel
Jeremia 25:12 geeft aan dat de onderdrukking door de Babyloniërs niet eindeloos duurt, maar dat deze na zeventig jaar eindigt. Het herstel zal er echter niet voor iedereen zijn. In Jeremia 24, 28 en 29 komt naar voren dat maar een deel zal overleven. Niet wie in Juda zijn gebleven, maar juist degenen die in 597 v.Chr. naar Babel zijn gegaan, zullen het redden. Via teksten over de gelovige rest belanden we bij heilrijke woorden over het nieuwe verbond.

Vernieuwd verbond
De indruk kan bestaan dat sprake is van volledige verbondsbreuk en dat het nieuwe verbond wezensvreemd is aan het oude. Dat God herstelt, heeft echter zijn wortels in Deuteronomium 30:1-10, een onderdeel van het mozaïsche verbond.
In dit gedeelte wordt uitgegaan van een situatie waarin de Israëlieten door hun zonden verspreid zijn over de aarde. Ook wanneer dit zo is, is er een weg van bekering en terugkeer mogelijk. Hoewel verschillen tussen beide teksten zijn aan te wijzen, is er toch sprake van eenzelfde boodschap, namelijk dat na verbondsbreuk herstel mogelijk is.
In die zin is het beter de term ‘nieuw verbond’ op te vatten als ‘vernieuwd verbond’. Zonder de ernst van de verbondsbreuk af te vlakken, moet worden onderstreept dat teksten over het Mozaïsche verbond nooit de intentie hebben gehad de relatie met Israël definitief op te geven.

Goddelijk initiatief
De boodschap dat het verbond verbroken is door de verdorvenheid van het hart van de Israëlieten, bepaalt ons erbij dat verlossing alleen kan komen door goddelijk initiatief en niet door menselijke inspanningen. Een reden voor Gods genadige ingrijpen is te vinden in 31:3, waar gesproken wordt over de chesed ‘verbondsliefde’ die voor eeuwig duurt. De tekst over het nieuwe verbond spreekt vervolgens over definitieve schuldvergeving voor heel Israël. Hier overstijgt de tekst alles wat eerder is gezegd over schuldvergeving, want er moest eerder steeds opnieuw geofferd worden voor overtredingen. Het goddelijke initiatief komt op een bijzondere manier naar voren in de beschrijving van de toekomstige innerlijke verandering. Hier hebben we met een radicaal nieuwe gedachte te maken. God zelf herschept het menselijke hart en stelt de mens in staat te doen wat de Heere zegt. Gevolg van deze verandering is dat iedereen God persoonlijk zal kennen en dat deze godskennis algemeen zal zijn voor al degenen die deel uitmaken van de gemeenschap van het nieuwe verbond.

Bevrijding
Wanneer God Zijn volk heeft vernieuwd en ze tot andere mensen zijn geworden, kan Hij Zijn zegen gaan doorgeven. Een onderdeel hiervan is een nieuwe exodus. Hierover is al in Jeremia 23:8,9 gesproken: zoals er bevrijding uit Egypte was, zal er ook bevrijding uit Babel zijn.
Wat in de tekst over het nieuwe verbond opmerkelijk is, is dat het verbond bestemd is voor Israël en Juda. Dit betekent dat het koninkrijk van Israël en Juda in volle glorie wordt hersteld. We kunnen daarmee ook concluderen dat de vervulling van de heilsprofetieën in Jeremia zich niet beperkt tot de tijd na de terugkeer van een zeventigjarige ballingschap.

Het Nieuwe Testament
Op verschillende plaatsen wordt de tekst over het nieuwe verbond verwerkt in het Nieuwe Testament. Wanneer Christus het avondmaal instelt, neemt Hij de beker op en zegt: ‘Deze beker is het nieuwe verbond in Mijn bloed’ (Luk.22:20).
Hiermee geeft de Heere Jezus aan dat het verbond ingaat bij Zijn kruisiging en wordt geïnstitueerd tijdens het laatste avondmaal. Het feit dat het avondmaal juist tijdens het pesachfeest plaatsvindt, heeft als reden dat hiermee het mozaïsche verbond wordt vervuld. Hij kwam immers niet om de wet en de profeten af te schaffen, maar om ze te vervullen (Mat.5:17). Vooral in 2 Korinthe 3 verwerkt de apostel Paulus gegevens over het nieuwe verbond. Paulus geeft aan dat de gelovigen in Korinthe levende brieven van Christus zijn. In Jeremia 31:31 was nog geen sprake van het werk van de Geest, maar hier geeft de apostel aan dat in hen geschreven is met de Geest van de levende God. In het hoofdstuk geeft Paulus tevens aan dat het nieuwe verbond superieur is aan het oude.
In Hebreeën 8-10 komt de superioriteit van het nieuwe verbond in Christus aan de orde. Accent ligt hier vooral op het definitieve karakter van vergeving door het offer van Christus. Onder het oude verbond was een zondaar gerepresenteerd door een priester die het aardse heiligdom binnenging. Over het nieuwe verbond gaat Jezus, de hemelse hogepriester, het hemelse heiligdom binnen.

Landsbeloften
Inzake de vervulling van het nieuwe verbond blijven vanuit het Oude Testament ook vragen over. Heilsprofetieën van Jeremia zijn namelijk onlosmakelijk verbonden met landsbeloften. Het Nieuwe Testament lijkt niet in te gaan op deze aspecten van het nieuwe verbond.
Dit heeft wellicht te maken met de concentratie op één specifieke zaak: er wordt aangetoond dat in Christus het nieuwe verbond begint. Voor de geopolitieke elementen van het nieuwe verbond bestaat geen aandacht. Het feit dat daarover weinig wordt gesproken, is echter nog geen bewijs voor de afwezigheid ervan.

Eschatologie
Vanuit het Nieuwe Testament is het nieuwe verbond in Christus geïnitieerd, begonnen. Het verbondsvolk kenmerkt zich door hartsverandering. Het is een rest, waarmee de Heere doorgaat.
Vanuit het Oude en Nieuwe Testament kleven bezwaren aan de beperking van het nieuwe verbond tot de kerk. We missen op dit moment namelijk de volledige verbondszegen waarover de tekst uit Jeremia spreekt. We zouden kunnen zeggen dat dit in de hemelse heerlijkheid tot vervulling komt. Aan deze aanname kleven echter bezwaren, omdat we zo vergeten dat door alle verbondsteksten heen de landsbelofte van cruciaal belang is. Hierbij dienen we ook te beseffen dat het Nieuwe Testament de oudtestamentische beloften heel laat. Paulus erkent bijvoorbeeld dat op zijn volksgenoten de beloften rusten (Rom.9:4). Hij betrekt hierbij ook het restmotief en maakt duidelijk dat God met een gelovige groep Israëlieten doorgaat (Rom.11:5).
Wanneer Paulus zegt dat ooit gans Israël zalig zal worden (Rom.11:26), geeft hij aan dat de Heere met een rest van de Israëlieten een ondoorgrondelijke weg gaat, die mede te maken heeft met de nationale entiteit van de Israëlieten.


Drs. C.C. Stavleu is docent aan de Christelijke Hogeschool Ede (CHE) en medewerker van de Studiebijbel Oude Testament.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 7 februari 2013

De Waarheidsvriend | 20 Pagina's

Jeremia

Bekijk de hele uitgave van donderdag 7 februari 2013

De Waarheidsvriend | 20 Pagina's