globaal bekeken
Ds. Van den Berg (Ahasveros van den Berg, lid van de berijmingscommissie 1773, vdG) hield bij de invoering van de berijming-1773 in Barneveld een preek, waarin hij aan het slot de weerstanden memoreert, die eenvoudige vromen hebben tegen de nieuwe berijming. Hij zegt dan: Zij mogen de goddelijke goedheid voor de zegen, die zij onder het gebruik van een zo kreupel gezang genoten hebben, zoveel te groter dankbaarheid toebrengen, omdat het middel zo gebrekkig was, en voorts hopen, dat de Heer nu voortaan, door een veel geschikter middel, dat Hij naar de bestelling van Zijn hoge voorzienigheid zo gunstig bezorgd heeft, in de harten die Hem vrezen, ter Zijner verheerlijking, nog veel meer vertroosting door Zijn Heilige Geest zal willen uitstorten”.
In Friesland was het een zekere ds. Lemke, ook een gecommiteerde voor de nieuwe berijming, die, ook in een preek, inging op bezwaren van gemeenteleden. “Bij sommigen zal misschien de grijze oudheid van Datheens berijming zwaar genoeg wegen om die te behouden, alsof daardoor aan deze berijming een soort waardij of heerlijkheid werd bijgezet, terwijl juist om deze reden de verandering des te noodzakelijker was.
Bij anderen zal men zich waarschijnlijk op zijn eigen ouderdom beroepen en zeggen: Daar ik mij tot hiertoe van Datheens berijming en niet zonder stichting voor mijn gemoed bediend heb, zie ik geen genoegzame reden voor verandering en inzonderheid niet, omdat ik vele psalmen uit de oude berijming van buiten ken, die ’t mij onmogelijk is uit de nieuwe nu te leren.”
Wordt een heer! is de titel van een recent boek over kweekschool De Driestar en de emancipatie van de bevindelijk gereformeerden in de periode 1910 tot 1975. In DRS wijdt W. Bosland er een artikeltje aan. Een fragment.
Mannen worden ging vanzelf. Zelfs om bejaarde te worden hoef je niet je best te doen. Maar tussen ‘man’ en ‘heer’ bestaat een sociologisch verschil: man ben je in principe al als je geboren wordt; om heer te worden zal je veel bij en af moeten leren. En dat is maar weinigen van mijn jaargenoten gelukt. In het boek komen veel personen voor. Eén ervan is ir. H. van Rossum. Samen met mijn vader had hij middelbaar onderwijs gevolgd in Middelharnis. Daarna had mijn vader de zorg voor zijn familie op zich genomen en was boer geworden. Zijn vriend was gaan studeren en zij verloren elkaar uit het oog. Maar geheel onverwacht – althans voor mijn vader – ontmoetten zijn elkaar dertig jaar daarna weer. Dat kwam zo. Ik zou onderwijzer worden. Geen haar op mijn hoofd had daar ooit aan gedacht. Maar er werd beslist en ik voegde me. Laat het duidelijk zijn: achteraf heb ik daar geen spijt van. Integendeel: ik ben er dankbaar voor. Voor mijn vader was het overigens financieel wel hoog gegrepen. Hij besloot daarom een beroep te doen op de studiekas.
Voor de officiële opening van het studiejaar in de Gereformeerde Kerk aan de Turfmarkt moesten wij ons eerst melden op een adres aan de Oosthaven. Misschien was dat het kantoor van mr. J. de Heer, want toen we aan de beurt waren, zagen we twee mannen achter een lange tafel. Het waren twee mannen die al heel lang heer waren: mr. De Heer (what’s in a name?) en ir. Van Rossum. ‘Ha, Henk’, zei mijn vader verbaasd. Ir. Van Rossum reageerde kalm: ‘Dag, meneer Bosland.’ Zo maakte hij subtiel duidelijk dat hier een heer een man ontmoette.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 14 februari 2013
De Waarheidsvriend | 24 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 14 februari 2013
De Waarheidsvriend | 24 Pagina's