De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Alleen maar doorgeven

Bekijk het origineel

Alleen maar doorgeven

3 minuten leestijd

September 1966. Nog maar nauwelijks had ik als kersverse jeugdwerkleider voet aan wal gezet op het voormalige eiland Flakkee, of een bestuurslid van de Stichting Jeugdwerk Goeree-Overflakkee (een van mijn bazen dus) adviseerde me dat ik spoedig een kennismakingsbezoek moest brengen bij juffrouw Witvliet in Middelharnis.

Vier ongetrouwde zussen wonen bij elkaar. Jij moet Abra hebben, die doet zo veel in het jeugdwerk!’ Ik maakte telefonisch een afspraak en spoedde me naar de Hoflaan in Middelharnis.
Het was bij binnenkomst meteen duidelijk dat ik verwacht werd. ‘Ik heb uw foto gezien in het kerkblad’, begroette ze mij en in een oogopslag zag ik dat ze het gesprek degelijk had voorbereid. Verscheidene plakboeken lagen open op tafel en de bladen van de HGJB ontbraken niet. De Kandelaar en Ons meisjesblad lagen binnen handbereik, geflankeerd door het kaderblad Leiding.
‘Ja, zo gaat dat, je rolt van het een in het ander. Eerst de jonge meisjesclub, later de grote meisjesvereniging en toen deze fuseerde met de jongelingsvereniging de ‘gemengde’ jeugdvereniging. Maar ik doe het niet alleen, bij beide verengingen zijn we met z’n tweeën. Ik vind het heerlijk om te doen. Je blijft er jong bij!’
We raakten in gesprek en al luisterend besefte ik dat ik Abra nog vele keren zou tegenkomen op allerlei fronten. ‘U gaat cursussen houden, las ik. Ik hoop van de partij te zijn, hoor.’ Het was een leuk bezoek en ik begreep de tip van ons bestuurslid. Deze allround leidster zou inderdaad een steunpunt voor me zijn.

Leergierig
Juffrouw Witvliet – niemand noemde haar bij de voornaam – kon je niet mislopen. Tijdens de vele cursussen die ik heb gegeven, ontbrak ze nooit. Verder had ze een plaats in het bestuur van de ring van jeugdverenigingen, een overkoepelend orgaan. Ze bezocht de bondsdag van de HGJB en ze had, niet te vergeten, een inbreng in de jeugdweekends die door de vereniging van Middelharnis werden opgezet.

Juffrouw Witvliet kon je niet mislopen

Ze was een deftige verschijning, hield van orde en regel en was ook kritisch. Dat laatste was ze ook naar zichzelf toe. ‘Ik leer het nog wel…’, zei ze vaak tijdens cursusavonden tegen mij en tegen de andere deelnemers. Blij was ze als ze een nieuwe techniek handenarbeid onder de knie kreeg of tijdens een bijbelstudie belangrijke dingen ontdekte. Ze was leergierig!

van hart tot hart
Dieper spitten gebeurde pas geruime tijd na onze eerste ontmoetingen. Ik herinner me nog een gesprek van hart tot hart, ook bij haar thuis. ‘Waarom denkt u dat dit jeugdwerk zo graag doe?’ ‘Omdat u het leuk vindt’, reageerde ik. ‘Ja, dat ook, maar ik zie het als een stukje roeping. Ik heb geen gezin, maar op deze manier mag ik toch iets bijdragen aan de vorming van kinderen en jongeren. Zelf heb ik Goddank mogen ontdekken wat het is om persoonlijk de Heere Jezus te kennen. Wij zijn hier gezegend met fijne dominees. Ik noem u de namen van ds. T. Poot, ds. H. Goedhart en onze huidige predikant, ds. K. Schipper. Ieder heeft zijn eigen gaven en ieder legt eigen accenten, maar allen zijn mij op een geweldige manier tot zegen geweest.
En die boodschap, dat Woord wil ik doorgeven aan de volgende generatie. Kortgeleden las u tijdens een bijeenkomst het eerste gedeelte van Psalm 78. Daar haal ik mijn motivatie uit en uit dat Woord put ik ook mijn kracht. Wat moet ik doen? Alleen maar doorgeven wat ik zelf heb ontvangen.’

afscheid
Bij mijn afscheid van Flakkee kreeg ik een multoband met persoonlijke afscheidswoorden. Haar bijdrage bevatte onder andere deze regels: ‘Mijnheer Terlouw, ik heb veel van u geleerd, maar dat niet alleen. U was voor mij een broeder in Christus. We hebben meermalen van hart tot hart gesproken. Ik dank u daar heel hartelijk voor. Wij mogen beiden het Woord van God doorgeven (…)’

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 18 april 2013

De Waarheidsvriend | 24 Pagina's

Alleen maar doorgeven

Bekijk de hele uitgave van donderdag 18 april 2013

De Waarheidsvriend | 24 Pagina's