Niet als andere volken
De taak van de kerk in Israël is een andere dan het bekendmaken van Gods naam. Israël, dat nu 65 jaar een eigen staat heeft, heeft een aparte positie. Maar hoe kan de kerk dan toch present zijn in het Joodse volk en in het land Israël?
Israël heeft een aparte positie gekregen en verschilt van landen waar men Gods naam niet kent. Daarom spreken we niet over zending ín Israël.
Echte zending
Zending als de verkondiging van het evangelie, in woord en daad is ten diepste: meegenomen worden in een beweging die bij God begint en de wereld ingaat. Deze beweging gaat sinds de verkiezing van Abraham door Israël heen. Sinds Pinksteren is deze op een nog veel krachtiger wijze dan in het Oude Testament gericht op alle volken.
Waar is dat evangelie begonnen? Het woord ‘evangelie’ komt uit Jesaja, waar de vreugdebode vrede aankondigt, goede boodschap (= evangelie) brengt, het heil verkondigt en tot Sion spreekt: ‘Uw God is Koning’ (m.n. Jes.52:7). Tot het volk dat het zicht op God verloor wordt een ‘evangelist’ gezonden.
Dat begint dus helemaal bij God. Vervolgens gaat deze ‘blijde boodschap’ naar Israël. Maar reeds in dat gedeelte van Jesaja gaat die boodschap direct ook veel verder. De HEERE heeft Zijn heilige arm ontbloot voor de ogen van alle volkeren; zo zullen alle einden der aarde het heil van onze God zien (Jes.52:10).
Echte zending begint dus met luisteren, ontvangen en opgenomen worden in deze beweging, die als een innerlijke beweging in God Zelf begint. Die lijn trekt Paulus na in Romeinen 10 (in een uitleg van Jes.52:7): Hoe zullen mensen God aanroepen als ze niet in Hem geloven, hoe zullen ze geloven als ze niet gehoord hebben, hoe zullen ze horen zonder prediker en hoe zullen zij prediken zonder gezonden te zijn? De keten van het heil begint bij God en eindigt ook weer bij God. Het doel van het brengen van de goede boodschap is dus niet slechts: geloven en het heil verwerven, maar: Hem aanroepen en verheerlijken. De beweging uit God heeft als doel de verheerlijking van zijn Naam. Zending begint en eindigt bij God.
Zending met Israël
Op welke manier heeft Israël een plaats in deze beweging? In de eerste plaats komen we Israël tegen als het volk dat dezelfde roeping kent en al veel eerder dan de kerk in beweging werd gezet door de missio, die van God uitgaat. Israël staat dus in de eerste plaats achter ons en naast ons in deze beweging die bij God begint. God is bij hen begonnen. Zij dragen een traditie, waar christenen uit de heidenen bij mogen komen (Ef.2:19), maar die ook door hen nog steeds gedragen wordt. Daarom kunnen wij ook vandaag nog steeds van hen leren, als wij naar hen luisteren hoe zij deze missio hebben leren verstaan.
Zending met Israël Op welke manier heeft Israël een plaats in deze beweging? In de eerste plaats komen we Israël tegen als het volk dat dezelfde roeping kent en al veel eerder dan de kerk in beweging werd gezet door de missio, die van God uitgaat. Israël staat dus in de eerste plaats achter ons en naast ons in deze beweging die bij God begint. God is bij hen begonnen. Zij dragen een traditie, waar christenen uit de heidenen bij mogen komen (Ef.2:19), maar die ook door hen nog steeds gedragen wordt. Daarom kunnen wij ook vandaag nog steeds van hen leren, als wij naar hen luisteren hoe zij deze missio hebben leren verstaan.
de heidenen wordt begeleid door de voortgaande lofprijzing uit de mond van Israël. Zo wordt na de beslissingen ten aanzien van de heidenen, zoals deze in Handelingen 15 genoemd zijn, aan het slot van dat hoofdstuk benadrukt dat Mozes van oudsher in iedere stad gepredikt wordt, en dat dat voort zal gaan: hij wordt daar elke sabbat voorgelezen (Hand.15:21). De missio in de wereld vindt plaats naast de beweging die van God uitgaat door Israël heen en zal zich daarmee moeten verhouden, omdat deze uit dezelfde bron komt. Zo staat de kerk in zijn zending dus ook naast Israël. Wanneer de kerk uit heidenen dit besef gaat missen van mee te mogen delen in de beweging die van God uitgaat en door het Joodse volk heen ook vandaag nog voortgaat, zal het evangelie zomaar losgemaakt kunnen worden van zijn Joodse context. Dan kan zelfs Jezus Christus een niet-Joods gezicht krijgen.
Daardoor kunnen heidense patronen de kerk binnenkomen en is er weinig of geen verweer tegen het voortdurend sluimerende antisemitisme. Daar ligt het grote belang te beseffen dat wij in onze zending ook naast Israël staan, delend in dezelfde beweging die van God uitgaat. Dit kan de kerk behoeden voor binnensluipend heidendom. De concrete ontmoeting met Israël kan dus heilzaam zijn voor de zending en de reflectie daarop.
Ontvanger
Vervolgens, als derde, komt de kerk ook leden uit het volk van Israël tegen als voorwerp van deze zending, als ontvangers van de boodschap. Zoals ook de kerk zelf steeds weer ontvanger is van het evangelie en dit nooit als een gearriveerde boodschap ‘op zak’ heeft, en zoals wij onszelf tegenkomen, als wij willen luisteren naar de stem die ons de wereld instuurt: zo komen we ook Israël tegen als voorwerp van deze zending. Maar principieel blijft de kerk ook dan in zijn missio aan Israël altijd ook naast Israël staan. Dat is anders dan bij alle andere volkeren.
Andere toonzetting
Israël is anders dan alle andere volkeren. Daarmee wordt ons woord voor Israël op een andere manier getoonzet dan dat voor andere volkeren. Een gelovige christen is nu eenmaal verbonden met het volk Israël. Niet omdat dat volk bijzondere kwaliteiten heeft, maar eenvoudig omdat God dit volk uitkoos en deze verkiezing niet heeft opgezegd (Rom.11:1).
Dat heeft een donkere achtergrond. De verkiezing van Abraham en zijn nageslacht is een antwoord van God op de opstand van alle mensen tegen Hem. Gods schepselen wilden zichzelf een naam maken en zetten zichzelf in het middelpunt, in plaats van God (Gen.11:1-9). Dan grijpt God in.
In Genesis 12 draait God het om. Niet Abraham, maar Gód zal Abrahams naam grootmaken. Dat doet Hij niet omdat Abraham en zijn nageslacht groter of beter is, maar uit eenzijdige liefde (Deut.7: 7,8).
Daarmee vergeet God alle mensen niet. Hij verbindt hieraan dat door Abraham alle geslachten van de aarde gezegend zullen worden (Gen.12:3). Toch zal Gods zegen voor de wereld voortaan niet losgemaakt kunnen worden van Gods specifieke liefde voor dit éne volk, waaruit de Messias geboren is.
Pinksterfeest
Heeft dit nog steeds betekenis, nu de belofte van Genesis 12 vervuld is op het pinksterfeest? In Genesis 11 – bij de torenbouw van Babel – konden de volkeren elkaar niet meer verstaan; in Handelingen 2 – bij de uitstorting van de Heilige Geest – verstonden mensen uit alle volkeren de volgelingen van Jezus toen zij spraken over Gods grote daden. Het lijkt erop dat de vloek van Genesis 11 geheel is afgewend en omgedraaid.
Inderdaad, zo wordt het doel dat God in Genesis al voor ogen had, bereikt op het moment dat ChristusChristus Zijn werk volbracht en de Geest wordt uitgestort op alle vlees. Zo wordt het plan dat God had om Zijn heil aan alle mensen zichtbaar te maken een stap verder gebracht in de geschiedenis. Maar betekent dit nu dat Gods specifieke belofte voor dat éne volk is opgeheven, nu Israël de Messias voor een groot deel niet aanvaardt? Als dat zo zou zijn, zou dat plan van God ons niet veel hoop kunnen bieden.
Hoop
Echter, juist als Israël ter sprake komt in het Nieuwe Testament, gaat het vaak over de hoop (bijv. Hand.28:20, Ef.3:12). Juist bij Israël wordt zichtbaar dat wij hoop mogen hebben op God, die trouw blijft aan wat Hij belooft. Die trouw, onder meer zichtbaar in Gods blijvende verbond met Abraham en zijn nageslacht, is het fundament van de hoop. Wanneer wij getuigen van de hoop, doen wij dat als mede-erfgenamen van de hoop van Israël, ingelijfd in dat verbond dat God niet heeft opgezegd. Daarom is de blijde boodschap een blijde boodschap, omdat die spreekt van deze trouw van God.
Dr. M.C. Mulder is directeur van het Centrum voor Israëlstudies.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 2 mei 2013
De Waarheidsvriend | 24 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 2 mei 2013
De Waarheidsvriend | 24 Pagina's