De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

HET GOUDEN TAFELTJE

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

HET GOUDEN TAFELTJE

Voorwerpen in de tabernakel [3, tafel met toonbroden]

4 minuten leestijd

In de voorste kamer van de tabernakel staat een kleine, gouden tafel. Twaalf broden liggen erop. Voor wie is deze tafel gedekt?

De grote rechthoekige tent, waarin de HEERE en Zijn volk samenkomen, bestaat uit twee kamers. De binnenste is de woonplaats van de HEERE. De voorste kamer is voor de andere partij van het verbond: in naam van het volk dienen daar priesters hun God (Hebr.9:2,6).
Wie de tabernakel binnentreedt, komt eerst in deze voorste ruimte.
Ze is negen meter lang. Alles is hier adembenemend mooi. Het plafond en de wanden bestaan uit prachtige kleden. Overal blinkt goud. De staanders, de kandelaar aan de linkerzijde, het reukofferaltaar aan het eind en het tafeltje rechts zijn alle gemaakt van dit kostbare edelmetaal.
Het ziet er schitterend uit. Toch is het slechts een voorbeeld voor het betere dat nog zou komen (Hebr.9:8-10). De rituelen en het tastbare van de oude bedeling zijn niet het echte, maar een schaduw. Christus en Zijn hemels koninkrijk vormen de ware realiteit (Kol.2:16-17; Hebr.8:5).

BROEDERS
Op de gouden tafel liggen twaalf forse broodkoeken. Verder staan er wat schalen, kommetjes en kannen. Voor wie is dat brood bestemd? De heidenen zetten voedsel in hun tempels omdat ze voor hun goden willen zorgen. Israëls God daarentegen heeft het leven in Zichzelf en daarom niets van ons nodig (Hand.17: 25).
Brood is het product van het land. De HEERE heeft Abrahams nageslacht een goed land beloofd, waarvan het leven mag. De stammen krijgen elk een erfdeel in bezit, waarmee ze aan het werk kunnen. Van de opbrengst leggen ze iets neer in het heiligdom. Ze tonen het brood voor Gods ogen (Ex.25:30). ‘Kijk, dit heeft Uw land voor ons opgebracht.’ Daarmee wijden ze het aan de HEERE, erkennen Hem als Rechthebbende en tonen Hem hun dankbaarheid. Voor elke stam ligt er een brood, want iedereen doet mee.
Maar wie eet dit brood dan? De priesters, die zelf geen erfdeel bezitten, mogen het eten (Lev.24:9). De HEERE deelt het onder Zijn dienaren. Wat de andere stammen aan Hem hadden gewijd, komt ten goede aan hun broeders. Christus zegt: ‘Voor zover u dit voor één van Mijn geringste broeders hebt gedaan, zo hebt u dat voor Mij gedaan.’ Paulus schrijft over gemeenten die zich eerst aan de Heere gaven ‘en daarna aan ons’ (2 Kor.8:5). Zo zullen onze werken uit dankbaarheid ten goede komen aan de huisgenoten Gods. We zien dat in het bijzonder bij de Heere Jezus. Hij gaf Zichzelf als dankoffer aan de Vader. Maar Zijn broeders mogen daarvan leven.
Hij is ons Brood en onze Wijn.

AANGENAAM
De opbrengst van het woekeren met onze talenten, met onze mogelijkheden en geestelijke gaven ligt steeds op tafel voor Gods ogen. Het kommetje wierook erbij betekent: de HEERE gedenkt eraan en het is Hem aangenaam (Lev.24:7). Zelfs de aalmoezen van Cornelius komen in gedachtenis bij God (Hand.10:4). Hij verblijdt Zich wanneer Zijn kinderen hun bezittingen delen met de armen.
Hoe kan Hij daar positief over oordelen? Om het heiligdom binnen te komen, moet je eerst langs het brandofferaltaar en het wasvat. Maar wie verzoend en geheiligd is, zal zijn naaste goed doen. In Gods ogen is dat goud waard. Hij ziet vrucht uit de wijnstok Christus. Zijn gemeente is ‘een heilig priesterdom, om geestelijke offeranden op te offeren, die Gode aangenaam zijn door Jezus Christus’. (1 Petr.2:5)
Het is de opbrengst van Zijn eigen gaven.


WASVAT
hoogte: 0,68 meter
lengte x breedte: 0,90 x 0,45 meter
materiaal: acaciahout en goud
bijzonderheden: met sierlijst en servies
beschrijving: Exodus 25:23-30 en 37:10-16

De tafel voor de toonbroden is niet groot. Hij staat op vier poten. Door vier ringen steken twee draagbomen. Er zit een rand omheen en een sierlijst. Alles overtrokken met zuiver goud.
Twaalf broodkoeken liggen in twee rijen van zes, of op twee stapels. Bovenop zet de priester een kommetje met wierook (Lev.24: 5-9). Er staat een kan bij als verwijzing naar het plengoffer van wijn. Ook het servies is gemaakt van goud.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 19 september 2013

De Waarheidsvriend | 24 Pagina's

HET GOUDEN TAFELTJE

Bekijk de hele uitgave van donderdag 19 september 2013

De Waarheidsvriend | 24 Pagina's