De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

OVERLEDEN GELIEFDEN

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

OVERLEDEN GELIEFDEN

MEDITATIE: KLAAGLIEDEREN 5:1 Denk, HEERE, aan wat er met ons gebeurd is, aanschouw en zie onze smaad!

4 minuten leestijd

Wij denken aan u, aan jou. Dat zijn woorden waarmee wij elkaar zoeken te troosten. Maar in de woorden Denk aan ons, HEERE ligt niet alleen troost, maar ook verlossing. Dat is waar de schepping, een schepping die zucht, naar uitziet, samen met Gods kinderen.

We zijn al weer bij de laatste week van het kerkelijk jaar. In veel gemeenten de zondag waarop wij hen gedenken die ons ontvielen, oftewel die ons zijn voorgegaan. Daarin schuilt de spanning van verlies of overwinning. De dood is de laatste vijand. Het boek Klaagliederen raakt mij altijd weer. Wat een verdriet verwoordt het. De zinnen lijken op knallen. Telkens klinkt er een dodelijk schot. Wat in Jeruzalem en Judéa is gezien, is niet te verwoorden. Als je het leest, komen je beelden voor ogen, zoals wij ze ook zien in het nieuws.

KLACHT

Op de laatste zondag van het kerkelijk jaar wordt alles weer bij elkaar gebracht: de namen, de gezichten, de levensgeschiedenissen. Je voelt het gemis. Je voelt het verdriet. Er is een klacht. En dan is daar die zin in Klaagliederen 3. ‘Wat klaagt dan een mens, die leeft? Laat ieder klagen over zijn zonden!’ Onze ouders leerden ons: ‘Waren er geen zonden, dan waren er geen wonden.’

HERINNEREN

In Klaagliederen 5:1 staat heel treffend verwoord hoe wij tot God mogen gaan. ‘Denk, HEERE, aan wat er met ons gebeurd is, aanschouw en zie onze smaad!’ Denken staat hier in de betekenis van herinneren. Dan gaat het hier allereerst om al datgene wat er in de eerste vier hoofstukken is genoemd. De ellende is gekomen, omdat er niet is geluisterd naar het goede onderwijs van God. Er is niet naar Zijn profeten geluisterd. Het heil is gezocht bij de afgoden, de vreugde in een losbandig leven en de zekerheid in een hoogmoedige onverschilligheid. De gevolgen zijn niet te beschrijven. Juist de meest kwetsbaren, zoals kinderen en vrouwen, zijn getroffen. Niemand beschermde hen. En door al die klachten heen hoor je de profeet belijden: Hadden wij maar … geluisterd naar en vertrouwd op God.

ONTFERMING

En dan de Naam HEERE, Ik zal zijn, Die Ik zijn zal. Die wil ik graag verbinden met twee andere zinnen die ik las in Klaagliederen 3. ‘Want wanneer Hij bedroefd heeft, zal Hij Zich ontfermen, naar de grootheid van Zijn goedertierenheid. Want niet van harte verdrukt Hij en bedroeft Hij mensenkinderen.’ Er wordt niet tot een mens gesproken, maar tot de HEERE. Hij weet van goedertierenheid. Van genade, van ontferming, van trouw aan Zijn verbond. Ik zal hun tot een God zijn en zij zullen mij tot een volk zijn. Ik zal vergeven. Als je nu bij de HEERE alles gaat brengen wat er met ons gebeurd is. Als je nu niets meer verbergt. Als je zelfs tegen de HEERE zegt: ‘U herinnert en doorziet het zoveel dieper en scherper dan wij’, dan gaat er iets heel bijzonders gebeuren.

SMAAD

Op de laatste zondag van het kerkelijk jaar volgt advent. Hij komt. Hij ziet dat die smaad, die hoon, die op het volk is, daar is, omdat het Zijn volk is. De dood is een smaad, een hoon. Het mooiste, het dierbaarste wat wij hebben, mijn man, vrouw, vader, moeder, kind, vriend of vriendin – zo mooi, zo dierbaar, zo teer – heeft de dood zo vreselijk bij ons weggerukt dat wij hem of haar moeten gaan begraven en achterlaten. Het mooie lichaam vergaat. De mooie schepping van God vergaat. Wat een smaad. Onze geliefden zijn ons ontvallen.

BELOFTE

Denk, HEERE! Gods gedenken gaat nooit voorbij aan de belofte van Zijn Zoon. Want Hij aanschouwt onze smaad. Hij ziet er niet oppervlakkig overheen. Hij peilt de diepte met innige bewogenheid. En wat Zijn liefde wil bewerken, ontzegt Hem Zijn vermogen niet. Als wij bij onze overleden geliefde staan, zouden wij hem of haar wel uit de dood willen verlossen. Maar wij kunnen het niet. God wel. Hij heeft het gedaan in Zijn Zoon. Hij heeft ons vlees en bloed aangenomen. Hij heeft de vloek van de zonde en dood gedragen en overwonnen. Hij is opgestaan. Hij is ons voorgegaan. Hij zegt: Volg Mij. In Hem jaagt de dood geen angst meer aan. In geloof mogen wij dan belijden: onze geliefden zijn ons voorgegaan. Want zalig zijn de doden die in de Heere sterven. Klaagliederen neemt ons mee naar de diepe oorzaak van het verdriet. Klaagliederen neemt ons ook mee naar de levende God, Die onze Heiland is.

Ds. B.J. van de Kamp is hervormd predikant te Hierden.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 21 november 2013

De Waarheidsvriend | 24 Pagina's

OVERLEDEN GELIEFDEN

Bekijk de hele uitgave van donderdag 21 november 2013

De Waarheidsvriend | 24 Pagina's