‘MIJN ZIEL IN MIJ ZINGT’
Advents- en kerstpoëzie [2]
De Vlaming Anton van Wilderode vertolkt in zijn gedichten een diep besef van het feit dat het Licht in diepere zin van God uitgaat. Kernachtig schreef hij eens: het licht van boven/ is niet te doven.
Soms kom je ze nog wel eens tegen: korte, kernachtige gedichtjes als wandversiering, in een lijstje of op een tegeltje. Zo bijvoorbeeld het vierregelige gedichtje dat velen bekend zal voorkomen:
Mij spreekt de blomme een tale,
mij is het kruid beleefd,
mij groet het altemale,
dat God geschapen heeft!
Hier spreekt een dichter die diep onder de indruk is van de schepping en die de natuur bezingt als een wonder uit Gods hand. Het taalgebruik − blomme, tale, altemale − doet Vlaams aan. De dichter is dan ook een Vlaming, de in Brugge geboren Guido Gezelle (1830-1899), die heel bewust niet in het Frans schreef en maar in het Vlaams. Gezelle heeft vele van dergelijke gedichten geschreven: kort en compact. Zelf noemde hij ze ‘kleengedichtjes’.
HET DAAGT UIT HET OOSTEN
Ook de Vlaamse dichter Anton van Wilderode (1918-1998) schreef ‘kleengedichtjes’. Guido Gezelle was voor hem een lichtend voorbeeld. Beiden waren rooms-katholiek. Door de nauwe band met de Bijbel is hun poëzie niet slechts een stukje roomse folklore, zoals bij heel wat Vlaamse auteurs die weggegroeid zijn van het christelijk geloof. Bij beiden komen we diep-christelijke gedichten tegen en bij het lezen ervan kunnen we iets ervaren van de ‘heilige, algemene, christelijke kerk’ zoals de vroegchristelijke Apostolische Geloofsbelijdenis formuleert.
Een fijnzinnig ‘kleengedichtje’ van hem is het volgende titelloze vers, waarin onder meer motieven uit Jesaja mee resoneren.
Wij vroegen jaar na jaar
een teken, een gebaar,
een dageraad van vrede
maar hoe, wanneer en wáár?
Gij komt ons thans vertroosten:
het daghet uit den oosten.
Interessant is de slotregel, die opvalt door het archaïstische taalgebruik (‘daghet’ en ‘den oosten’).
Het is dan ook een regel die teruggaat op een eeuwenoud wereldlijk lied, een middeleeuws liefdeslied dat zo begint: ‘Nu daagt het in het oosten,/ het licht schijnt overal.’
Zo leverde een wereldlijk lied bouwstof voor een geestelijk gedicht dat heen wijst naar het Oosten, vanwaar het ‘heil’ kwam in onze duistere wereld, het heil dat door God alleen is ‘geschied’.
MARIA’S LOFZANG
Van Wilderode schreef gedichten die eenvoudiger zijn dan een gedicht als ‘Advent’ van Guillaume van der Graft. Jezus was voor hem niet slechts een profeet, een groot leidsman of martelaar, maar ‘Godde- Redder’. Die onopgeefbare kern laat hij duidelijk in zijn poëzie uitkomen. Zijn mooie berijming van de lofzang van Maria in Lukas 1 maakt dit goed zichtbaar.
Bijbelteksten en bijbelse kernwoorden komen we met grote regelmaat tegen in de poëzie van Van Wilderode en in dit gedicht uiteraard uit Lukas 1: ‘Mijn ziel’, direct al in de aanhef, en verder woorden en formuleringen als ‘de geslachten’, ‘machtigen’, ‘rijken … weggezonden’, ‘Israël zijn knecht’, ‘barmhartigheid’ en ‘Abraham’.
Een kernwoord is ongetwijfeld ‘genade’ in de derde strofe. De redding van ons mensen is geen verdienste van onszelf, maar een goddelijk geschenk. Het is louter Gods ‘genade’ en ‘barmhartigheid’. En die blijven, aldus de dichter, ‘nu en eeuwig’.
Maria
Mijn ziel in mij zingt voor de Heer haar lof,
een lied van dankbaarheid voor God-de-Redder.
Ik ben zijn dienares en de geringste,
maar in den hoge blijft Hij voor mij zorgen.
Ik mag mij voor altijd gelukkig noemen
tezamen met de komende geslachten,
want Hij die heilig is, Heer-in-dehemel,
heeft mij zijn liefde grotelijks bewezen.
Van vroeger tot vandaag was Hij de Helper
van wie gevoelig is voor zijn genade,
zijn rechterarm vormde met kracht de wereld
maar weert hooghartigheid en trots terzijde.
De machtigen verdreef Hij uit hun zetels,
van kleinen en geringen maakt Hij meesters,
wie honger had heeft Hij méér dan verzadigd,
de rijken weggezonden als berooiden.
Om Israël zijn knecht was Hij bekommerd,
want zijn barmhartigheid blijft nu en eeuwig.
Zo had Hij met de vaders afgesproken,
met Abraham en nakroost, voor altijd.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 12 december 2013
De Waarheidsvriend | 24 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 12 december 2013
De Waarheidsvriend | 24 Pagina's