TWEE KEER BESNEDEN?
Tekst & uitleg [Jozua 5:2] In die tijd zei de HEERE tegen Jozua: Maak u stenen messen en besnijd de Israëlieten voor de tweede keer
In Jozua 5:2 wordt gesproken over het opnieuw besnijden van Israël, voor de tweede keer. Waren deze mensen dan al eerder besneden? Hoe moeten we dit zien?
De tekst verplaatst ons naar het moment dat de Israëlieten onder leiding van Jozua door de Jordaan getrokken zijn en hun voet hebben gezet in het beloofde land. Strategisch gezien lijkt het een goed moment om gelijk tot de verovering van het land over te gaan, maar de HEERE beslist anders. Hij geeft Jozua de opdracht: ‘… besnijd de Israëlieten opnieuw, voor de tweede keer’.
EIGEN KRACHT
Wat wordt er bedoeld? Blijkbaar waren op dat moment veel Israëlitische mannen niet besneden. Hoe kwam dat? De schrijver van Jozua 5 legt in de vervolgverzen uit dat dit te maken heeft met de gebeurtenissen in Kades (Num.14:23). In plaats van te vertrouwen dat de HEERE voor hen zou strijden, gingen de toenmalige strijdbare mannen uit van eigen kracht en durfden de strijd niet aan. Alsof de vervulling van Gods belofte aan Abraham gedaan – het beërven (!) van het beloofde land – van hen afhing. En zij droegen nog wel het teken van het verbond (de besnijdenis), dat hen continu herinnerde aan Gods belofte, werk en kracht. Het gevolg voor deze uit Abraham voortgekomen, besneden en uit Egypte verloste (eerste) lichting Israëlieten is dat zij – op een enkeling na – zullen sterven in de woestijn en het beloofde land niet zullen binnengaan. Wat erg dat zij die getuige hadden kunnen zijn van de vervulling van de aan Abraham gedane landbelofte, dit nu niet zelf meemaken. God neemt de zonde van het ongeloof zeer hoog op (1 Kor.10:1-6).
WAARSCHUWING
De eerste lichting Israëlieten heeft een negatieve houding. Ze denken dat de HEERE hen in Egypte niet ziet lijden, ze morren over gebrek aan brood, vlees en water en als dieptepunt is er hun ongeloof in Kades. Maar ondanks dit alles gaat God in Zijn trouw door. In Jozua 5 – we zijn inmiddels zo’n veertig jaar verder – mag een jongere (tweede) lichting Israëlieten het beloofde land binnengaan. Maar nu blijkt dat deze tweede lichting strijdbare Israëlitische mannen voor een groot gedeelte niet besneden is. Was het nalatigheid? Dan zou dit een onderstreping zijn van het ongeloof van de in de woestijn gestorven generatie. We kunnen uit Exodus 4:24-26 immers opmaken hoeveel waarde de HEERE eraan hecht dat Zijn volk dit teken draagt. Of heeft de HEERE ter onderstreping van de ernst van hun ongeloof bij Kades aan hen die daarna in de woestijn geboren zouden worden tijdelijk Zijn verbondsteken teruggenomen, dus verboden? Met als consequentie hiervan dat ook het Pascha in al die jaren niet gevierd kon worden (Ex.12:43-48). Dat zou helemaal schokkend zijn. Dit zou dan heel concreet een herinnering en waarschuwing zijn om niet in hetzelfde ongeloof van hun vaderen te vervallen.
LANDBELOFTE
En wat laat de HEERE nu in het vervolg zien? Dat de vervulling van de aan Abraham gedane landbelofte helemaal en alleen Zijn werk is. Zonder hen, voor hen. Zonder dat er gestreden hoefde te worden, mag het volk de voet in het beloofde land zetten. Vervolgens geeft de HEERE opdracht voor een tweede algemene ‘volksbesnijdenis’ (bij Abraham de eerste) van de mannen die tot op heden niet besneden waren. Dit zorgde voor een kwetsbare situatie. Maar de HEERE zorgt er Zelf voor dat Zijn volk geen kwaad wordt aangedaan (Joz.5:1). Bovendien laat Hij het volk ook nog een aantal dagen het Pascha vieren. Wat toonde de HEERE zo Zijn macht en zorg voor Zijn volk. Dat belooft wat voor de toekomst. Hoe ontspannend is het als in geloof op de HEERE mag worden gezien.
SMAAD
Nu de HEERE Zelf het bewijs heeft geleverd dat Hij hen het beloofde land doet beërven (zonder mannelijke kracht), op datzelfde moment werd ‘de smaad van Egypte afgewenteld’. Bedoeld wordt de smaad van het ongeloof (het verwachten van eigen kracht, het onderschatten van de HEERE), die het volk sinds Egypte over zichzelf (van u, vs.9) had afgeroepen. Van hieruit (Gilgal; let op de medeklinkers) kunnen we heel mooi de lijn trekken naar het Nieuwe Testament, naar Golgotha. Is dit niet bij uitstek de plaats waar ‘de smaad (van de zonde) werd afgewenteld’, toen Jezus Christus, de meerdere Jozua, door Zijn lijden en sterven, voor een ieder die in Hem gelooft, de schuld heeft verzoend en de straf gedragen? ‘Opdat zelfs ’t wederhorig kroost altijd bij U zou wonen.’ (Ps.68:9ber.)
Ds. C. Boele is hervormd predikant te Oud-Beijerland.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 9 januari 2014
De Waarheidsvriend | 24 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 9 januari 2014
De Waarheidsvriend | 24 Pagina's