De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

LAND VAN DE REFORMATIE

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

LAND VAN DE REFORMATIE

Duitsland

7 minuten leestijd

Duitsland staat nog steeds bekend als het land van de Reformatie, waar Luther meer dan wie ook de Hervorming van 500 jaar geleden belichaamde. Maar hoe staat het met de kerk in dit land van de Reformatie anno 2014, vooral met de protestantse kerk?

Na de chaos van de eerste godsdienstoorlogen tussen protestantse en rooms-katholieke veldheren en hun aanhangers, vond in 1555 het godsdienstgesprek van Augsburg plaats, dat uitliep op de Godsdienstvrede van Augsburg. Niet alleen de rooms-katholieke, maar ook de lutherse godsdienst werd erkend en wel met de formule eius regio, cuius religio (van wie het land is, is ook de godsdienst). Dit hield in dat een prins, hertog, koning of welke wereldlijke machthebber van een gebied dan ook de godsdienstige oriëntatie van zijn grondgebied, van zijn onderdanen bepaalde.

ERKENNING
Andere godsdienstoorlogen − vooral de verwoestende Dertigjarige Oorlog (1618-1648), die samenviel met de laatste dertig jaar van de Tachtigjarige Oorlog in de Nederlanden − leidden tot de onderhandelingen die na 1640 plaatsvonden. Resultaat van deze ingewikkelde onderhandelingen tussen de Europese grootmachten was voor de Lage Landen de Vrede van Münster en voor de rest van Europa de Vrede van Westfalen (1648). Nu genoot de gereformeerde belijdenis eindelijk officieel erkenning.
De verdeling in nationale landskerken (Landeskirchen) van de protestantse kerk in Duitsland tot op vandaag is een erfenis van Augsburgse Vrede (1555) en de Vrede van Westfalen (1648). Sindsdien zijn er overwegend protestantse (in het noorden en oosten) en rooms-katholieke gebieden (behalve Münsterland vooral in het zuiden, Beieren) in Duitsland.
Overigens verliep de geschiedenis van de kerk voor en na Münster (1648) in de Duitse gebieden − een verenigd Duitsland was er pas veel later, na 1870 – totaal anders dan in de Nederlanden.

NA DE OORLOG
Een zeer drastische breuk kwam er na de Tweede Wereldoorlog, toen ongeveer 12 miljoen Duitse vluchtelingen uit de voormalige Duitse rijksdelen in Oost-Europa (Oost-Pruisen, Silezië enz.) en zuid-oosten (Sudetenland enz.) in het westen van Duitsland, de latere Bondsrepubliek, opgenomen moesten worden. Aangezien velen van hen protestants (evangelisch) waren maar zich vaak moesten vestigen in rooms-katholieke gebieden − en soms ook omgekeerd –, vormden de Duitse regio’s niet meer zo’n eenheid wat betreft de belijdenis als voor de oorlog.
Nog meer invloed op kerk en geloof in Duitsland had echter de veertigjarige marxistische, antichristelijke overheersing van Oost-Duitsland. Had in deze overwegend lutherse gebieden in 1949 nog ongeveer 97 procent van de bevolking een protestantse levensovertuiging, in 1989 was dat gedaald tot ongeveer 25 (!) procent. Dit ingrijpen in het voormalige Oost-Duitsland leidde tot de uitspraak over Saksen die ik in een grote Duitse krant las: ‘In geen enkele regio van de wereld geloven minder mensen in een God, zoals het resultaat van een onderzoek onlangs luidde.’ (Die Welt, 30.10.2013)

EVANGELISCHE KIRCHE
De Evangelische Kirche in Deutschland (EKD) is het officiële samengaan van de verschillende nationale kerken (nu zo’n twintig). Al in de negentiende eeuw waren er aanzetten voor een fusie, maar het ontstaan van de EKD gaat terug tot na de Tweede Wereldoorlog, toen de behoefte ontstond aan een gemeenschappelijk dak voor de regionale kerken.
Men zag zichzelf als voortzetting van de Bekennende Kirche: het deel van de Duitse kerken dat zich voor en tijdens de oorlog tegen het nationaalsocialisme en diens aanhangers keerde. Bekende theologische vertegenwoordigers van dit kerkelijke verzet tegen het nazibeleid waren Dietrich Bonhoeffer, Martin Niemöller en Karl Barth – de laatste vooral vanwege zijn voorname rol in de Bekennende Kirche en bij het opstellen van de Barmer Thesen, een Duitse belijdenis uit 1934 met een grote signaalwerking. Na de hereniging met de DDR (Oost-Duitsland) in 1990/1991 voegden de voormalige Oost-Duitse staatskerken zich bij die van West-Duitsland in de EKD.
Naast de EKD zijn er veel zogenaamde ‘vrije kerken’, zoals die van baptisten, doopsgezinden, methodisten, pinkstergelovigen, charismatischen, Vergadering der gelovigen en andere gemeenschappen en kerken. Deze zijn meestal zelfstandig, dat wil zeggen met weinig of geen binding met een landelijk kerkverband of bepaalde belijdenis.

TERUGLOOP
Gezien het aantal leden kun je stellen dat in het land van de Reformatie minder dan een derde van de in totaal bijna 82 miljoen inwoners zich vandaag tot de Reformatie rekent, al was het maar op papier. Volgens de statistieken behoort bijna 29 procent van de Duitse bevolking tot de EKD, is 29,8 procent van de bevolking rooms-katholiek en heeft meer dan een derde geen geloofovertuiging. Intussen is het een gegeven dat het totaalaantal van de twee grote kerken, de rooms-katholieke en protestantse, jaarlijks met ongeveer 500.000 terugloopt (Die Welt, 09.06.2013). Dit leidt tot de schatting dat over twintig jaar minder dan 50 procent van de Duitsers tot een van de twee grote kerken behoort.
Kerkbezoek is een ander meetinstrument voor geloofsovertuiging. Volgens recente cijfers kwam in 2011 op een doorsnee zondag 3,7 procent van de 23,6 miljoen protestantse kerkleden en 12,3 procent van de katholieken naar de kerk. (Idea, 30.08. 2013)

OVER TWINTIG JAAR
Onlangs schetste een krantenartikel een nogal somber beeld: ‘Godsdienst zal in Duitsland in twintig jaar tijd veel minder verbreid zijn dan vandaag. Het christendom wordt een zaak van een minderheid.’ En: ‘In januari 2013 toonde een sinusonderzoek onder Duitse katholieken: ‘Veel respondenten zien zichzelf niet als gelovig in traditionele zin en zijn ook niet actief op zoek naar een relatie met God.’ De meeste van deze kerkleden omschrijven zichzelf als religieus, maar definiëren de inhoud van hun geloof en hun ideeën over God nogal diffuus.’
En: ‘De opstanding van de doden of de onbevlekte ontvangenis worden ‘door maar weinigen letterlijk genomen.’’ (Die Welt, 16.09. 2013)
‘Bij de Duitse protestanten geldt vandaag ten minste 20 procent van de kerkleden als niet-religieus en kerkvreemd. Op Goede Vrijdag bezoekt gewoonlijk 4 procent van de protestantse kerkleden een kerkdienst. Aangezien godsdienst vooral in gezinnen wordt doorgegeven, van ouder op kind, lijkt alles erop te wijzen dat in twintig jaar tijd onder de overgebleven kerkleden de trouw aan belijdenissen en tradities van hun voormalige geloofsovertuiging nog minder zal zijn dan deze nu al is.’

PORSELEIN
Grote zorgen geven telkens weer geluiden en stemmen die afwijken van de gereformeerde belijdenis. Prof.dr. Georg Huntemann haalt in een van zijn boeken, Die Selbstzerstörung des Christentums überwinden (De zelfvernietiging van het christendom overwonnen), bijvoorbeeld een aantal uitspraken uit EKD-kring aan die vervreemding van de reformatorische belijdenis demonstreren. Hij citeert pastor Wolfram Kopfermann over zijn periode in de evangelisch-lutherse kerk van Hamburg: ‘Het is niet overdreven als ik zeg: Meer dan 95 procent van de ouders is totaal onwetend als het gaat om de doop...’
Juist recent verscheen een boek van de hand van de gerenommeerde Heidelbergse nieuwtestamenticus Klaus Berger, Die Bibelfälscher (Bijbelvervalsers), waarin hij laat zien hoe vernietigend de weerslag van de bijbelkritiek in de theologie is. Hij schrijft: ‘De historisch-kritische exegese van de laatste 200 jaar heeft al het porselein in het Huis van de Christenheid verbrijzeld, tot op de laatste bloemenvaas.’

WARE SCHAT
Als je naar cijfers en uitspraken over de situatie van de kerk in Duitsland kijkt, dan is dat allemaal erg deprimerend. Maar laten we niet vergeten dat de 62e stelling van Luthers 95 stellingen van 31 oktober 1517 zegt: ‘De ware schat van de kerk is het allerheiligst Evangelie van de heerlijkheid en genade van God.’ Als we deze uitspraak onszelf voorhouden, samen met vraag 54 van de Heidelbergse Catechismus − ook een belijdenis van Duitse origine −, dan blijven we hoopvol over de toekomst van de kerk in het land van de Reformatie.
Vraag 54
Wat gelooft gij van de heilige algemene christelijke kerk?
Dat de Zoon van God uit het ganse menselijke geslacht Zich een gemeente, tot het eeuwige leven uitverkoren, door Zijn Geest en Woord, in enigheid van het ware geloof, van het begin van de wereld tot aan het einde, vergadert, beschermt en onderhoudt; en dat ik daarvan een levend lidmaat ben en eeuwig zal blijven.
We richten dus het oog niet op mensen, maar alleen op Christus, Die Zijn kerk verzamelt, beschermt en behoudt − ook in Duitsland, het land van de Reformatie.

Dr. V.E. d’Assonville is als theoloog verbonden aan het Reformatorisch- Theologisch Seminarie in Heidelberg.


Wat is de situatie van de kerk in Europa, het continent dat het meest geraakt is door het Evangelie en waar nu de meeste weerstand is? In dit jaar van Europese verkiezingen komt elke veertien dagen een lidstaat naar voren. Deze week: Duitsland


GODSDIENST IN DUITSLAND
Duitsland telt bijna 82 miljoen inwoners. Volgens recente statistische tellingen in Duitsland zijn rond 24,4 miljoen inwoners lid van de Rooms-Katholieke Kerk, ongeveer 23,6 miljoen van de Evangelische Kirche in Deutschland. Het aandeel protestanten die bij een van de landskerken horen, ligt daarmee op 28,8 procent van de totale bevolking. 29,8 procent van de bevolking is rooms-katholiek en meer dan een derde zegt geen geloofsovertuiging te hebben. Daarnaast is 4,9 procent moslim en 1,6 procent orthodox-christelijk (Grieks, Servisch, Russisch, Roemeens Orthodox). Het aantal leden van onafhankelijke gemeenten wordt aangegeven met 0,4 procent. Verder kent Duitsland boeddhisten (0,3 procent), Joden (0,2 procent) en hindoes (0,1 procent). (Bron: Idea, 10.01.2012)

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 30 januari 2014

De Waarheidsvriend | 24 Pagina's

LAND VAN DE REFORMATIE

Bekijk de hele uitgave van donderdag 30 januari 2014

De Waarheidsvriend | 24 Pagina's