Eigen baisis loslaten?
Individualisering en Gereformeerde Bond [2]
De stille evolutie, het sociologisch-theologisch onderzoek van dr. T. van de Lagemaat naar de ontwikkelingen op landelijk niveau en dat op het niveau van de gemeenten en gemeenteleden, houdt het bestuur van de Gereformeerde Bond een spiegel voor.
Het blijkt dat de koers van het hoofdbestuur in een aantal opzichten de aansluiting mist op wat onder gemeenteleden leeft. Geconfronteerd met deze feiten rijst de vraag: Herkent de bond zich in dit beeld of geeft het een schrikreactie.
SCHRIKREACTIE?
Met een gevoel voor vereenvoudiging lijkt het verschil tussen de niveaus niet zo schokkend te zijn. Concreet zou deze teruggebracht kunnen worden tot twee thema’s, de openstelling van het kerkelijk ambt voor de vrouw en het invoeren van het Liedboek. Zaken die het bestuur weliswaar niet voorstaat, maar die ook niet onbekend zijn binnen de bond. In verscheidene gemeenten zijn deze zaken op beperkte schaal al lang praktijk.
In Ede blijkt dat ook het geval, zij het dat alleen het Liedboek is ingevoerd en dat uitsluitend binnen de wijk van de ‘open bonders’. De andere wijk staat in de hoofdstroom van de bond en beweegt zich niet of nauwelijks afwijkend ten opzichte van de landelijke koers. Zo bezien brengt het onderzoek weinig verrassends. Maar tot deze zaken zijn de onderzoeksresultaten uiteraard niet terug te brengen. De studie laat zien dat de individualisering onder gemeenteleden op meer terreinen doorwerkt dan in de twee genoemde thema’s. Met name waar het gaat om het (Schrift)- gezag en de binding aan de gemeente.
In aansluiting hierop en in het kader van de aanbevolen koers van ‘Bewust vernieuwen op onderdelen’ doet Van de Lagemaat een aantal beleidsaanbevelingen, die meer of minder in het verlengde liggen van de onderzoeksresultaten.
CONCREET
Daarbij noemt hij onder andere de volgende aspecten.
• Het Schriftgezag in verhouding tot de traditie en de belijdenis vraagt verheldering. Niet ieder in de achterban accepteert bepaalde opvattingen uitsluitend op gezag. Zij willen ze zelf vanuit de Schrift kunnen onderbouwen. De rol van de belijdenis is minder een onderscheidend kenmerk in de geloofsbeleving.
• De kwestie van de openstelling van het ambt voor de vrouw vereist een hernieuwde doordenking van de hermeneutiek. Evenzo de verhouding Schrift en culturele context. Is er ruimte voor twee verschillende visies in deze zaak?
• Herbezinning op de liturgie, nu met de komst van het Nieuwe Liedboek een nieuwe situatie ontstaat.
• Heroverweging van ethische standpunten. De veranderingen in de cultuur vragen om een heroriëntatie ten aanzien van samenwonen, echtscheiding en homoseksualiteit. De huidige houding van de Gereformeerde Bond is te veel gekoppeld aan een bepaalde manier van bijbelgebruik.
INDIVIDUALISERING
Met deze en meer voorstellen zou de bond volgens Van de Lagemaat op de doorwerking van de individualisering op positieve wijze kunnen inspelen. Uitgangspunt voor hem is dat hiermee een kans wordt geboden om kerk en geloof relevant te maken voor de toekomst.
Ik erken dat er geen reden is om het verschijnsel van individualisering uitsluitend negatief te beoordelen. Het is niet alleen afkomstig van de Verlichting, maar stoelt ook op reformatorische noties. Ieder mens is een unieke schepping naar het beeld van God en met een eigen verantwoordelijkheid. Maatschappelijke ontwikkelingen hebben een emancipatieproces in beweging gezet dat de mondigheid en de persoonlijke zelfstandigheid van mensen sterk heeft gestimuleerd. Dat heeft er toe geleid dat, meer dan in het verleden, bestaande opvattingen en tradities kritisch worden bevraagd. De gezagsverhoudingen in de samenleving zijn allerwegen meer gedemocratiseerd. Ook in de gezinsverhoudingen. Verder is de participatie van de vrouw aan werk buitenshuis toegenomen. Dat alles brengt verandering in het leefpatroon van de mensen en ook in hun kerkelijke betrokkenheid.
ANDERE KANT
Maar is individualisering alleen maar positief te waarderen? Veel vaststaande opvattingen worden gerelativeerd. Gezagsstructuren zijn niet alleen gedemocratiseerd, maar het gezag als zodanig heeft sterk aan betekenis ingeboet. Er is individualisering, niet alleen in positieve zin, als een bevrijding van de mens tot meer verantwoordelijkheid, maar ook negatief, een bevrijding van tradities, van God en gebod, met een afkeer van alles wat gezag is. Dat proces speelt zich af in een cultuur die godloos is, waarin alle vaststaande zaken worden gerelativeerd en ter discussie worden gesteld. Het proces van individualisering is daarvan niet los te zien. Daarom kunnen we niet volstaan met dit verschijnsel alleen te zien als een neutraal proces, een verworvenheid van meer vrijheid van meningsuiting en mondigheid. De gelijkheid in zijn huidige radicale vorm is een vrucht van de Franse revolutie. We zullen daar oog voor moeten hebben. Dat vraagt een normatieve toetsing van de effecten van de individualisering aan Schrift en belijdenis.
INSPELEN OP CULTUUR
Zo’n onderzoek bepleit Van de Lagemaat niet. Zijn vrees is dat het hoofdbestuur met vast te houden aan de huidige beleidskeuzes ‘vanuit de ijkpunten uit het verleden’ en een koers van ‘balanceren tussen traditie en modernisering’ zich steeds verder zal verwijderen van de gemeenten. Bovendien zullen de spanningen met de flanken toenemen, met het risico van een afsplitsing zoals bij het SoWproces. Tegen de feitelijke ontwikkelingen ingaan is niet zinvol, aldus Van de Lagemaat. Beter is ze serieus te nemen dan door een defensieve houding in een isolement terecht te komen. Daarom bepleit hij een open gesprek met de cultuur en de bereidheid de eigen identiteitskenmerken ter discussie te stellen. Ook de worsteling om het gezag van de Bijbel moet ingebracht worden. En de belijdenis niet naar de letter, maar als inspiratiebron. Zo kunnen hervormd-gereformeerden vruchtbaar zijn voor de hele kerk. De bond moet zich niet opstellen als een bolwerk van zekerheid.
OMSLAG
Dit is een opzienbarende stellingname, niet minder dan een omslag ten opzichte van de klassieke grondslag van de bond. De uitgangspositie van Schrift en belijdenis van waaruit de ontwikkelingen in de theologie werden bevraagd wordt nu zelf bevraagd. Het gaat hierbij niet om toetsing van onder ons bestaande geloofsuitspraken uitgaande van het gezag van de Schrift, maar om het gezag van de Schrift zelf. Het ijkpunt voor het beantwoorden van de waarheidsvraag is daarmee niet alleen de Schrift, maar de Schrift gelezen door de bril van een externe bron, zoals de culturele ontwikkelingen.
Deze benadering is een gevolg van het feit dat Van de Lagemaat de individualisering uitsluitend sociologisch en positief benadert. De waarnemingen die het sociologisch onderzoek aan het licht brengt, worden in de studie aanknopingspunten voor aangepast beleid. Daarmee gaat Van de Lagemaat voorbij aan de vraag welke krachten de individualisering voortstuwen en in hoeverre de verschijnselen ervan mogelijk door het autonome denken van de moderne mens zijn besmet. Maar kunnen aan sociologische waarnemingen zonder normatieve toetsing zo vergaande theologische aanbevelingen worden ontleend?
OVERREACTIE
Het onderzoek wijst weliswaar uit dat er onder gemeenteleden een wat vrijere omgang is met de Schrift en een minder expliciete binding aan de belijdenis. Maar dit is niet het algemene beeld, er klinken ook heel andere geluiden. Bovendien zal dit verschijnsel, naar ik aanneem, vooral beperkt zijn tot de meer open gemeenten van de bond. Is er dan voldoende rechtvaardiging om voor het landelijk beleid aan te bevelen om ‘de worsteling om het gezag van de Schrift’ in de discussie te betrekken? Dit komt mij voor als een overreactie, een die veel verder gaat dan de situatie vereist. Hetzelfde geldt voor wat gezegd wordt over ethische kwesties als samenwonen, echtscheiding en homoseksualiteit. In de Edese gemeenten blijken hiervoor heldere regels te bestaan. En in het pastoraat wordt hiermee prudent omgegaan. Wel een spanningsveld dus, maar geeft dit aanleiding om op grond van de culturele veranderingen te pleiten voor herwaardering van de wijze van bijbellezen? Waarom het gesprek over deze zaken niet aangaan zonder de normativiteit van de Schrift dubieus te stellen?
AANSPREKEND?
Op het eerste gezicht lijkt de open houding tegenover moderne ontwikkelingen aantrekkelijk: Blokkeer het gesprek niet bij voorbaat door een starre opstelling. Verabsoluteer je eigen identiteitskenmerken niet. Ga de uitdagingen van de cultuur niet uit de weg. Maar denken we het gesprek met de cultuur aan te kunnen zonder onze identiteit te moeten prijsgeven? Is de cultuur eigenlijk wel zo’n welwillende gesprekspartner?
Met betrekking tot deze vraag bevat de geschiedenis van de kerk belangrijke leermomenten. Bij de gereformeerden was er in de vorige eeuw ook het optimisme en zelfvertrouwen dat men het gesprek met de cultuur wel aan kon. Wat jarenlang vaststond op grond van Gods Woord bleek later toch niet zo veel betekenis te hebben. Het was niet meer in de eerste plaats en uitsluitend wat Gods Woord zegt, maar wat wij vanuit onze cultuur over God en Zijn geboden te zeggen hebben. Waar dat toe geleid heeft is bekend. Lees publicaties als Geert Maks De eeuw van mijn vader en Agnes Amelinks De Gereformeerden. En heel recent De doorgaande revolutie, de publicatie van dr. G. Dekker over ontwikkelingen bij de Gereformeerde Kerken Vrijgemaakt.
Niet minder relevant zijn uitspraken van ds. T. Poot geciteerd in De Waarheidsvriend van 12 december 2013. ‘Als de kerk grote nadruk legt op de beweging ‘naar buiten’ wees dan waakzaam. Voor je het weet dicteert de agenda van ‘de wereld’ de kerk. (...) De kerk is gezonden in de wereld, maar haar agenda moet worden bepaald door haar belijdende identiteit. (…) Wil je als kerk missionair zijn dan zul je echt kerk moeten zijn. Je moet als tegenbeweging durven functioneren. (…) De prediking van het Woord is de centrale, belangrijkste missie van de kerk.’ Uitspraken uit de mond van iemand die zich bepaald niet in een kerkelijk cocon heeft opgesloten.
WEINIG PERSPECTIEF
Waarom ging het mis met de Gereformeerde Kerken? Was dat niet door de openheid naar de wereld, het relativeren van het gezag van Gods Woord en de vervreemding van de religie van de belijdenis? Voor dit soort ontwikkelingen is de hervormd-gereformeerde beweging ook niet immuun. Uit de studie komt naar voren dat de vragen van de moderne tijd ook binnen de bond de vastheid van het geloof ondermijnen. De weg van loslaten van eigen uitgangspunten en openheid naar de cultuur biedt daarom weinig perspectief. Te meer omdat naast de geest van individualisering de invloed van de evangelicalisering en de zuigkracht van de moderne cultuur een rol spelen binnen gemeenten die zich rekenen tot de Gereformeerde Bond.
Ir. L. van der Waal uit Ridderkerk is voormalig lid van het hoofdbestuur van de Gereformeerde Bond.
N.a.v. T. van de Lagemaat, ‘De stille evolutie. Individualisering in de Gereformeerde Bond’, uitg. BDU/ Boeken, Barneveld, 464 blz.; € 29,50 (verbeterd).
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 13 februari 2014
De Waarheidsvriend | 24 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 13 februari 2014
De Waarheidsvriend | 24 Pagina's