Aanschouwelijk preken
Prediking en geestelijk leven uit het verleden laten zich niet herhalen. Elke opwekking heeft een eigen stijl en geluid. Toch zijn er enkele, bijna universele trekken aan te wijzen: missionaire activiteit, bereidheid om te geven, vreugde in het verkondigen en een pioniersgeest.
Het bestuderen van preken uit het verleden houdt in dat de problematiek van de hedendaagse prediking geprofileerd wordt. Het verleden geeft bouwstof aan het heden. Niet veel predikers zullen vandaag Ludwig Hofacker opgeven als één van hun preekvoorbeelden. Dit is tot hun nadeel. In de kerkelijke wereld van vandaag wordt voortdurend geklaagd over het effect van de prediking op de hoorders. Steeds waait er een zweem van spookachtige eentonigheid overheen. Velen preken correct, maar zit de pijn niet in het gegeven dat zoveel gepreekt wordt zonder volmacht? In de vorige eeuw gaf Rudolf Bohren duidelijk aan wat er binnen de gemeente van Christus aan de hand is: ‘God wordt voor de hoorder niet hoorbaar in de verkondiging. (...) Zijn zwijgen gaat door onze preken en dat maakt het preken zo moeilijk.’ Hofacker laat ons zien wat Bohren aangeeft, namelijk dat je niet de gekruisigde Christus kunt preken zonder aan de gekruisigde Christus gelijkvormig te zijn.
PREEKNOOD
Een historische en een homiletische herbezinning op de opwekkingspredikers en hun prediking kan de hoofdoorzaak aanwijzen van onze preeknood. Is dit ook niet de weg om de geloofscrisis te overwinnen? Kortom, wij hebben in de verkondiging een reformatorisch gelouterd piëtisme nodig. Aan Hofackers retorisch sterk gevolmachtigd spreken zien wij dat zijn preken hem van God gegeven zijn. Hier kan het niet anders of de hoorders zeggen: dit is van God. Onder deze preken opent de hemel zich en de hoorders merken dat God tegenwoordig is. Het paradijs is open, er brandt een vuur en er is leven. Hier wordt de hoorder bij het ter sprake brengen van de tekst meegenomen in de lof. Preken is Christus hooghouden in Zijn werk, Zijn omgang hier op aarde, Zijn lijden, sterven en opstanding, zodat mensen weer naar Hem verlangen. Voor Hofacker realiseert het geloof zich in het ‘uitrusten in de wonden van Christus’. Zo aanschouwelijk preekte hij over Christus, dat Haarbeck van zijn preken zei: ‘Jezus schrijdt Zelf door de gemeente’. Het is Hofacker niet gegeven geweest veel jaren te preken, hij is jong gestorven. De tijd die hem vergund was, heeft hij uitgebuit door de bazuin aan de mond te zetten en ‘een schreeuw voor Jezus te doen’.
TEGEN DE TREND
Predikers en zielzorgers uit het verleden stellen ons voor de vraag wat het geheim is van hun gezegende werkzaamheid. In onze tijd staan predikers voor vragen als: ‘Hoe kom ik over?’ ‘Wat is nu de trend?’ Hierdoor is het te verwachten dat de vraag naar het werk van de levende God Zelf, in verkondiging en zielzorg zal versluieren. Maar wij kunnen de vraag naar de tegenwoordigheid van God in de verkondiging niet ontwijken. Doen we dit wel, dan wordt verkondiging louter een voordracht, zonder de volmacht, los van de vrees voor Gods Naam. Waar de eeuwigheid van God in de preken mee resoneert, daar zijn harten die deze woorden opvangen.
GEEN OPENHEID
Met de grote theologische vragen van zijn tijd is Hofacker niet in gesprek geweest. Het ontbrak hem aan openheid naar de wereld, maar hij doorzag wat er leefde in de harten van de mensen. Hij zag het lege leven zonder God – ook van de mensen die de ideeën van de Verlichting omhelsden – en hij kende de oorzaken daarvan.
ACTUEEL
Des te opmerkelijker is het dat zijn preken nu nóg gelezen en bestudeerd worden, zelfs actueel zijn. Dat juist deze preken mensen ook nu aanspreken, geeft ons moed, kracht én vreugde om te preken. Aan deze charismatische prediker laat God ons concreet zien, wat Hij ook ons schenken wil. Hofacker kunnen wij niet kopiëren, omdat onze tijd heel anders is. Wel geloven wij dat de God van Hofacker leeft en nu ook Zijn genade schenkt aan voorgangers en gemeenteleden. Om nu, zoveel jaren later, aan deze opdracht van de verkondiging vast te houden vraagt van voorgangers om – tegen de preektrends van de dag in – vast te houden aan een verkondiging die de hoorders tot Christus brengt. Goethe heeft al in zijn tijd de protestantse kerk verweten dat ze zo weinig van de eeuwigheid sprak. Wij worden geroepen om de hoorders van onze tijd uit de doodsangst van deze tijd te preken en voor de gewone mensen in hun sterfelijkheid de verlossingsvreugde te brengen. Houdt in de verkondiging de deur open. Hofackers verkondiging helpt ons om de vreugde van het preken en van het horen van preken opnieuw te beleven.
OM TE BEKEREN
Mensen die zich door God laten gebruiken, behoren nooit tot het verleden (K. Heim). Hofacker kende het heerlijke voorrecht, direct met de Heiland van de wereld van doen te hebben. Kinderen van God zien niet horizontaal, maar verticaal. Zijn optreden was een uniek protest tegen zoveel religieuze ‘spelerij’ die het eind van alle godsdienst is. De preken van Hofacker zijn niet enkel beschouwingen waarbij de mensen worden opgeroepen om mee te denken. Aan dit soort prediking is een koele algemeenheid eigen. Hierbij laat de prediker vooral horen dat hij goed bij de tijd is, maar plaatst hij mensen niet voor dé beslissing van hun leven. Deze preken zitten zo in elkaar, dat de ene voor de eerste keer en de ander voor de laatste keer van Jezus kan horen. Deze preken zijn om te bekeren, niet om te beleren. Het piëtisme is begonnen als een bijbelbeweging die uit de eerste hand naar de stem van God wil luisteren. Om de kern van de Bijbel te kennen moet je de schaal openbreken door grondige kennis van de tekst. De Bijbel is voor de prediker hét homiletisch magazijn. Verheugend is het daarom dat de nieuwe dogmatiek van theologen Van den Brink en Van der Kooi zoveel Bijbel bevat.
DRIJFVEER
Uiteindelijk is de vraag naar de levende God de drijfveer. Alles beweegt zich om de vraag naar de persoonlijke ontmoeting met de levende God. Het gaat om de ontmoeting met Christus, Die door de viva vox (levende stem) van het Evangelie, door de prediking, door lied en catechismus de gemeente tot geloof roept. Het spreken van de Bijbel en van de kerk is voor veel mensen vreemd en ver geworden, zoals zoveel van de oude levensvormen van voorgaande tijden. ‘Predikanten hebben een scheut piëtisme nodig’, hield prof.dr. A. de Reuver ons een aantal jaren geleden voor. Ons wordt zoveel geschonken wanneer wij door de omgang met de Bijbel in het dagelijks gesprek met God leven, daaruit leven, liefhebben en hopen.
BAZUIN
Hofacker is voor hen die geroepen zijn om het Woord te verkondigen een betrouwbare gids. Het aandringen in zijn preken dat de hoorders zich zouden laten verzoenen met God, trok de mensen zo sterk aan, dat velen het ervoor over hadden de hele nacht door te lopen, om deze bazuin van God op zondagmorgen te kunnen horen. ‘Zie het Lam van God’ was de enige snaar waarop hij in zijn prediking tokkelde. Dit heeft hij volgehouden tot op zijn sterfbed toe. Enkele dagen voor zijn sterven wees hij zijn bezoekers op een plaat aan de wand met het beeld van de met doornen gekroonde Christus. Daarbij zei hij: ‘Das ist mein Mann’. (‘Dat is mijn Man.’) Als dienaar van het Evangelie was hij zich levenslang bewust van wat eeuwen daarvoor Augustinus had verwoord: De predikers van Uw Woord gaan voorbij: zij gaan uit dit leven naar een ander leven; Uw Schrift echter blijft tot aan het einde van de wereld over de scharen uitgespannen.
Dr. J. Kommers is hervormd emeritus predikant te Harderwijk en buitengewoon hoogleraar aan de North-West University in Potchefstroom, Zuid-Afrika.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 24 april 2014
De Waarheidsvriend | 24 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 24 april 2014
De Waarheidsvriend | 24 Pagina's