De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Uit de dubieuze sfeer

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Uit de dubieuze sfeer

relaDr. A.J. Plaisier wil niet dat ethiek van losse bijbeltekst afhangt

11 minuten leestijd

Homoseksualiteit is een gevoelig thema, zowel pastoraal als menselijk gezien. Het gaat niet zomaar over een opvatting maar over een identiteit, over wie je bent. Er is nauwelijks een thema dat meer beladen is dan dit, aldus dr. A.J. Plaisier, scriba van de generale synode van de Protestantse Kerk.

Kijk maar hoe dit thema het noorden en het zuiden verdeelt, hoe het een kerkelijke splijtzwam is in bijvoorbeeld de Anglicaanse Kerk, en hoe het ook in onze eigen kerkelijke kringen aanleiding is tot gepassioneerde debatten.’ Toch wil de scriba wel ingaan op het thema. Daarvoor was hij ook uitgenodigd tijdens de studiedag die de Gereformeerde Bond en HGJB in Huizen belegden, met het verzoek te benoemen wat de studie van dr. A.A.A. Prosman voor de kerk betekent. ‘Ik wil me niet aan mijn verantwoordelijkheid onttrekken. Ook omdat het voor velen wél een vraag is en het onbarmhartig zou zijn die dan maar te negeren. Maar vooral omdat dit thema ook een testcase is hoe wij in de kerk omgaan met moeilijke vragen.’

HUWELIJK
In de eerste plaats wil dr. Plaisier iets over het huwelijk zeggen. Want wie over seksualiteit spreekt, moet daar ook iets over zeggen. Het huwelijk is volgens hem een culturele instelling die teruggaat tot de eerste sporen van menselijk leven. ‘Wie gelooft in de Schepper, zal het huwelijk bovendien verstaan als instelling van God, als gave van God aan het menselijk geslacht. Huwelijk is in de geschiedenis altijd gedefinieerd als een relatie voor het leven tussen man en vrouw.
Een huwelijk heeft vanouds twee elementen in zich: het erkent de unieke sociale betekenis van de man-vrouwrelatie en het onderstreept de betekenis van de menselijke seksualiteit als instrument van voortplanting, het krijgen van kinderen die vervolgens worden opgevoed door de biologische ouders.
Het is in de Bijbel een trouwverbond voor Gods aangezicht en is beeld van de relatie tussen Christus en de gemeente. Een huwelijk is de meest intieme relatie, van lichaam en geest, die tegelijk een asymmetrische relatie is, een relatie tussen twee gelijkwaardige mensen die anders zijn.’

INDIVIDUELE RECHTEN
Dr. Plaisier stelt vast dat het in onze tijd de tendens is om mensen als gelijk te zien, als individuen voorzien van gelijke individuele rechten. ‘Een instituut dat niet voor allen gelijk openstaat, staat daar haaks op. Dat geeft de druk om ‘huwelijk’ zo te definiëren dat er geen onderscheid gemaakt wordt tussen heteroseksualiteit of homoseksualiteit. Dat wordt ervaren als discriminatie en schending van individuele mensenrechten. Tegen de tendens om alles gelijk te schakelen is het mijns inziens wezenlijk om een homoseksuele relatie niet gelijk te stellen aan een integendeel, ik denk dat juist een erkenning van het onderscheid recht doet aan de betekenis die homoseksuele en heteroseksuele relaties in onze samenleving hebben en ook intrinsiek hebben.’heteroseksuele. Dat heeft niets discriminerends in zich, integendeel, ik denk dat juist een erkenning van het onderscheid recht doet aan de betekenis die homoseksuele en heteroseksuele relaties in onze samenleving hebben en ook intrinsiek hebben.’

Het onderscheid dat de kerkorde tussen homoseksuele en heteroseksuele relaties maakt, is anders flinterdun. ‘In de kerkorde van de Protestantse Kerk wordt een onderscheid gemaakt tussen een huwelijk – tussen man en vrouw dus – en andere levensverbintenissen. Die laatste zijn er ook, worden expliciet benoemd en kunnen (als gemeente en kerkenraad daarvoor kiezen) worden gezegend. Maar deze relatie wordt niet gelijkgeschakeld met een huwelijk. Dat is anders dan dr. Prosman in zijn boek beweert.’

MENSELIJK
Seksualiteit is een menselijk fenomeen, aldus dr. Plaisier. ‘Daarbij staat voorop dat elk mens geroepen wordt als mens van God en voor God te leven. Op een of andere manier heeft dat ook met onze seksualiteit te maken. Dat is niet een op zichzelf staand gegeven, maar het is een deel van onze wijze van in het leven staan, en een deel van de wijze waarop wij onze menselijke bestemming voor het aangezicht van God leven. Wij kunnen elkaar alleen maar aanmoedigen zo’n leven te leiden. Welke keuze we hierin maken, is onderdeel van het geheim van ons leven voor God.’

GRENZEN
‘Wij weten allemaal dat seksualiteit een gave is én een opgave,’ merkt de scriba op. ‘De print van de genade valt op ons hele menszijn, ook op onze aandriften, verlangens en behoeften. Voor de invulling daarvan zijn zeker grenzen. Pedofilie is zo’n grens. In termen van het christelijk geloof is bijvoorbeeld ook de one-nightstand een grens.
Seksualiteit is een aandrift die alleen tot zijn recht komt als het iets anders is dan zelfbevrediging waar ik de ander voor nodig hebt. Er moet sprake zijn van een relatie van liefde en trouw.
De gehoorzaamheid aan God realiseert zich wel contextueel. Ze heeft te maken met mijn biografie, maar ook met de tijd waarin ik leef en met culturele waarden of onwaarden.’

ERKENNING
Volgens dr. Plaisier kunnen we niet ontkennen dat er zoiets als homoseksualiteit is. ‘Het is er altijd geweest en het zal er altijd blijven in dit ondermaanse. Het is goed dat in onze cultuur deze seksualiteit uit het schemergebied is gehaald. Een boek als dat van ds. Prosman biedt daar zeker een bijdrage aan. Het kan gemeenten en kerkenraden helpen om christelijk christelijk, genuanceerd en pastoraal met het thema, en vooral met de homo-christen en diens familie om te gaan. Deel 6, de pastorale bezinning, levert veel waardevols op. Het taboe op het thema zal moeten verdwijnen. De christenhomo heeft er recht op. Deze heeft recht op een oor dat hoort, ruimte voor het eigen verhaal. De kwaliteit van de christelijke gemeente is in het geding als het gaat om de vraag welke ruimte er voor de christen-homo is. Daarmee is natuurlijk nog niet gezegd welke ethische keuze er wordt gemaakt, maar dat er een ondubbelzinnig pleidooi voor de pastorale ruimte wordt gemaakt, is zeker positief te waarderen. In dit opzicht kan ik het boek van Prosman aanbevelen. Maar homoseksualiteit is niet alleen een pastoraal thema. Het is ook een ethisch thema.’

ETHIEK
Homoseksualiteit is anders dan heteroseksualiteit, vindt dr. Plaisier. Maar hoe? ‘Is het een onderdeel van de schepping zoals God die heeft bedoeld? Is het een afwijking, meer te plaatsen in het kader van een gevallen schepping? Dat is zeker een serieuze vraag, al vraag ik me af wat het oplevert. Er zijn kerkvaders die seksualiteit als zodanig beschouwden als gevolg van de zondeval. Ook zij hebben begrepen dat je er dan toch het beste van moet maken.
Is er ook zo’n grens te trekken als het om homoseksualiteit gaat? Dat is een vraag van vandaag. Een vraag die wel om een antwoord vraagt, hoe pastoraal, empathisch en meevoelend we ook over dit thema spreken. De meningen gaan hier sterk over uiteen, ook in onze kerk. Hoe we hier ook over denken, ethiek mag nooit gereduceerd worden tot een ‘het mag’ of ‘het mag niet’.’

U kijkt er duidelijk anders tegenaan dan dr. Prosman
‘Persoonlijk zie ik het zo. Homoseksualiteit valt in het spectrum van de menselijke natuur, die niet volmaakt is, maar waar we het wel mee moeten doen. Dat geldt voor alles wat we natuurlijk noemen. ‘Homoseksuele beleving gaat tot op het bot, zij doen niet iets dat tegen hun natuur ingaat, maar volgen die en zien die natuur als de gave van God’, schreef dr. G.G. de Kruijf eens.
Wie homoseksualiteit als gave van God ziet, hoe moeizaam deze gave misschien ook is, kan deze gave een plaats geven in een duurzame vriendschapsrelatie. Die relatie zal nooit dezelfde betekenis hebben als een relatie tussen man en vrouw (hij staat bijvoorbeeld niet open naar vruchtbaarheid), maar wie zegt dat deze relatie daarom niet ook bepaalde unieke waarden kan uitdrukken? Oordelen hierover zijn al snel oordelen van buiten. Het gaat er juist om goed te luisteren naar de ervaring van homo-christenen zelf en hun de vraag te stellen welke waarde deze gave voor hen heeft en wat God hun en dus ons allen hierdoor te zeggen heeft. Wellicht dat zij in hun relatie meer het fenomeen ‘vriendschap’ uitdrukken dan dat dit in een huwelijk – en dus een heteroseksuele relatie – het geval is.’

LAST
‘Ik realiseer me hiermee niet alles gezegd te hebben. Seksualiteit draagt een eigen last met zich en dat geldt nog weer in toegespitste mate voor homoseksualiteit. Dat zeg ik niet, maar dat zeggen vele homoseksuelen, christenen en niet-christenen. Er zijn moeilijke en eenzame kanten, en we dienen niemand ermee die onbenoemd te laten.
Tegelijk denk ik, net als dr. H.W. de Knijff, dat homoseksualiteit ook een humanisering ondergaat (duurzame vriendschap) juist als homoseksualiteit als gave wordt gezien die een plaats krijgt in een duurzame relatie. Daarmee komt deze uit de dubieuze sfeer waarin homoseksualiteit lang heeft verkeerd. Ik zie dat als een grote winst.
Ik weet ook dat er veel christenhomo’s zijn die bewust en met overtuiging kiezen voor een celibatair leven. Zij zien homoseksualiteit als uitdaging, als de aan hen opgegeven strijd. Deze mensen zien geen mogelijkheid om een homoseksuele relatie te combineren met toewijding en gehoorzaamheid aan Christus. Deze christen-homo’s verdienen de steun en het medeleven van christenen, ook van die christenen die zelf een andere afweging maken.’

Wijst de Bijbel een homoseksuele relatie volgens u dan niet af ?
‘Laat er niet een soort tweedeling ontstaan tussen hen die verlicht zijn en hen die het nog niet zijn, of tussen hen die de Schrift niet serieus nemen en hen die dat wel doen. Uiteindelijk gaat het niet om een ‘mogen’ of ‘niet mogen’, maar om de vraag of wij met een zuiver geweten Christus dienen. Paulus had het in zijn brieven over het eerbiedigen van elkaars gevoelens, elkaars geweten, de zwakken van de sterken en omgekeerd. Hij plaatste alles onder het hoofd van het dienen van Christus. Ik laat in het midden wie dan de zwakken en de sterken zijn. Hier stel ik dat keuzes anders kunnen uitvallen, maar dat we dan toch geroepen zijn elkaar vast te houden en elkaar te bemoedigen.
Er is als het om een thema als dit gaat, een verhouding tussen vrijheid en mijn vrijheid in Christus, en rekening houden met elkaar, dat zijn de twee polen die bij het leven als navolgers van Christus horen.’

BIJBELTEKSTEN
Maar hoe zit het dan met de Schriftgegevens?
‘Dr. Prosman behandelt uitvoerig de teksten uit de Bijbel die over dit thema gaan. Voor zover ik dat kan beoordelen, doet hij dat zorgvuldig en geleerd. Hij doet dit ook sympathiek en beproeft de rek die er in sommige teksten zit. Die zit er zeker in, en toch is zijn conclusie dat de Schrift duidelijk is als het gaat om afwijzing van homoseksualiteit.
Bijna krijg je als lezer iets van: helaas, hoe hard we ook wringen, we krijgen het niet los. Alsof ds. Prosman dat zelf ook graag had gezien, maar de eerlijkheid gebiedt hem anders te besluiten. Ik denk dat een andere conclusie ook moeilijk te trekken valt. De keren dat het in de Bijbel over homoseksualiteit gaat, is dat in afwijzende zin.
Maar natuurlijk zijn we er hier niet mee. En dat beseft dr. Prosman ook terdege. Zijn benadering is verre van biblicistisch. Hadden die paar teksten, met name in het Nieuwe Testament er niet in gestaan, lag de zaak dan anders? Wordt de ethiek zo niet afhankelijk van een enkele bijbeltekst? En als we morgen nu anders uitleggen, wellicht op grond van nieuwe informatie, ziet het beeld er dan ineens anders uit? Is gehoorzaamheid aan God hetzelfde als buigen voor een tekst, die een oordeel uitspreekt, waar we het dan maar mee moeten doen? Gaat het niet altijd ook om een verstaan van wat de Schrift ons zegt en een lezen van de Schrift vanuit haar kern, God in Christus? Met dr. A. van de Beek zeg ik dat de Bijbel niet de situatie kende van een maatschappij waarin homoseksualiteit aanvaard is als volwassen relatie tussen mensen, waar liefde en trouw mee gemoeid is. In zo’n tijd leven wij nu wel.
Stellen dat onze maatschappij hiermee massaal in het kwaad aan het vallen is, acht ik een forse uitspraak die vanuit een comfortzone gemaakt kan worden. We zullen het fenomeen van de homoseksualiteit, zoals deze zich nu voordoet, echt moeten doordenken en dan, in gehoorzaamheid aan wat de Heer van de kerk ons te zeggen heeft, onze keuzes moeten maken.’

RELATIEF
Dr. Plaisier wil het thema overigens wel graag in perspectief blijven zien, dat wil zeggen: relatief en niet absoluut. ‘Niet onze seksualiteit is het belangrijkste, maar dat we in Christus zijn. Onze energie moet erin liggen om navolgers van Christus te zijn. Om getuige te zijn van Zijn naam. Om God te belijden als Vader, Zoon en Heilige Geest. Om trouw te zijn aan de naam van Jezus. Om kerk te zijn als gemeenschap van broeders en zusters, die ingewijd worden in het geheim van het leven met Christus.’

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 8 mei 2014

De Waarheidsvriend | 24 Pagina's

Uit de dubieuze sfeer

Bekijk de hele uitgave van donderdag 8 mei 2014

De Waarheidsvriend | 24 Pagina's