De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Bezinning op Avondmaal

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Bezinning op Avondmaal

Predikantenconferentie als tweedaagse voorbereiding

6 minuten leestijd

Op donderdag 15 en vrijdag 16 mei belegde de Gereformeerde Bond in Mennorode in Elspeet een conferentie voor predikanten. Het thema: Gebroken lichaam. De betekenis van het avondmaal voor kerk zijn in deze tijd.

De predikantenconferentie staat in een rij van conferenties die de afgelopen jaren door de Gereformeerde Bond in samenspraak met de IZB georganiseerd zijn. Het begon ooit naar aanleiding van het EOonderzoek ‘De boodschap en de kloof ’ (1997). Dit keer staat het heilig avondmaal centraal.
Woensdagavond 14 mei lazen we thuis op de gebedskalender van Open Doors over pastor Kashkumbayev in Kazachstan. Hij had een boete en een gevangenisstraf van vier jaar gekregen, omdat hij de gezondheid van een vrouwelijke kerkganger geschaad zou hebben met een hallucinerende drank. In werkelijkheid ging het om het gebruik van een nonalcoholisch drankje bij het heilig avondmaal.
Het raakte me. Vooral omdat ik de volgende dag naar de tweedaagse predikantenconferentie in Elspeet zou gaan. Je voelt je verlegen met het voorrecht om je in alle rust en vrijheid met een grote groep collega’s hierop te kunnen bezinnen. Om een indruk te geven deel ik wat flitsen en fragmenten.

Wat leeft er?
Om te peilen hoe het thema ertoe doet, zou je de reacties na kunnen gaan bij het lezen in het kerkblad dat het avondmaal eraan komt. Wat leeft er? Schrik, worsteling, verlangen, blijdschap, nonchalance? Het lijkt erop dat die reacties door de generaties heen verschuiven. Hoe komt het – ik schrijf dit zonder er waardeoordelen aan te verbinden − dat ik in mijn jeugd meer tranen bij het avondmaal zag dan vandaag de dag? Ook flitst de waarneming van ds. C. Blenk door me heen, al weer een aantal jaren geleden, dat de avondmaalstafels onder ons voller en de avonddiensten leger worden. Hoe vaak komt het avondmaal naar voren in het geloofsgesprek? En waarom denken gemeenteleden die uitzien naar meer beleving van geloof en van gemeente-zijn niet (direct) aan het heilig avondmaal? Dreigt het een leeg ritueel te worden?

Werkelijk aanwezig
Met de lezingen van prof.dr. K. Zwanepol en ds. H.J. Lam over de visie van achtereenvolgens Luther en Calvijn op het avondmaal doken we de geschiedenis van kerk en theologie in. Want hoe is de ten hemel gevaren Christus werkelijk aanwezig, als wij brood en wijn tot ons nemen, gelet op Zijn woorden: ‘Dit is Mijn lichaam en Mijn bloed’? Calvijn benadrukt hierbij dat Christus ons wordt gegeven dankzij de Heilige Geest. Toen in dit verband als aanvechting ter sprake kwam dat we bij de bediening soms zo bezig zijn met het goede verloop, waren we opeens dichtbij onszelf. Ik heb op zaterdagavond weleens gedacht: Zal ik nu de scriba maar laten regelen dat een ander de avondmaalsdienst leidt want ik kan er met mijn hart niet bij? Nee, niet doen, want dan heb je altijd je hand en je mond nog. Christus’ aanwezigheid is niet afhankelijk van mijn geloof. Ik herinnerde me hoe mijn vader me ooit wees op het belang van de gehoorzaamheid. Bij verrassing gaat het in je zingen: Mijn Heere en mijn God, U weet alle dingen…
Goed trouwens ook voor nu, om te merken met hoeveel souplesse Calvijn eropuit was om de diverse opvattingen en accenten in zijn dagen te verbinden. Wat is het belangrijk om elkaars motieven te peilen. Het gaat immers om een edelsteen met zoveel facetten.

Eeuwig leven
De conferentie vond voor mij plaats in de week van voorbereiding. Dat kwam mooi uit. De lezing van prof.dr. A. van de Beek over de betekenis van het avondmaal met het oog op de wederkomstverwachting had soms iets weg van een voorbereidingspreek. Dit voluit bijbelse aspect leeft in de gemeente niet sterk. In de loop der eeuwen verschoof de aandacht al meer naar de vraag of ik wel kan en mag aangaan.
Verrassend vond ik hoe Van de Beek liet zien dat die verschuiving niet op rekening van het klassieke avondmaalsformulier geschreven kan worden. Alles in dit formulier staat juist in het perspectief van het eeuwige leven en de overdenking daarvan. We zijn onderweg. De wereld is in doodsnood. De gemeente van Christus leeft als in een vluchtelingenkamp. Met dat Van de Beek die vergelijking trok, zag ik de beelden voor me in het journaal. Is ons probleem misschien dat we vervolgens die beelden weer snel kwijt zijn omdat we ons laten inpalmen door de erop volgende reclame voor vakantieparadijzen? We raken ‘zomaar’ in de ban van het hier en nu, en blijven lauw onder de opdracht om de dood van de Heere te gedenken en te verkondigen totdat Hij komt.

Samen
Prof.dr. C. van der Kooi was gevraagd om te laten zien hoe het avondmaal ons helpt om van ‘ik’ bij ‘wij’ te komen. Het accent kan te sterk liggen op de persoonlijke beleving. Het bijbelse beeld van het lichaam onderstreept juist ook het gemeenschappelijke. Hoe krijgt dat (meer) gestalte? Alleen al het naast elkaar aan tafel zitten als adoptiekinderen, maakt het concreet. Dan zeg je toch niet: Niet naast die of die? Boeiend vond ik hoe Van der Kooi zijn lezing begon door via de bril van een buitenstaander naar een viering te kijken. Hoe gaat het er aan toe? Wat gebeurt er? Dit scherpt op om na te denken over het waarom van vorm en inhoud bij de maaltijd van de Heere.

Context en prediking
Gaandeweg is me nog sterker opgevallen hoe context en cultuur waarin de dingen rond het avondmaal (al of niet) gezegd en beleefd worden, meespelen. Neem nu de Jeruzalemse bovenzaal en de havenstad Korinthe, Genève en Elberfeld, Kazachstan en Nederland, Amsterdam en Putten, ja, ook binnen één en dezelfde gemeente. Toch is daar voor alle tijden en plaatsen Jezus’ genadige opdracht: ‘Kom, want alle dingen zijn gereed.’
Verder nadenkend over de betekenis en beleving van het avondmaal voor het kerk zijn in deze tijd, ben ik benieuwd naar de invulling van preken rond het avondmaal. Welke tendensen zijn waarneembaar in de tekstkeuze? Welke accenten worden er gelegd? Hoe ligt dit bij mezelf ? Maar ook: langs welke wegen kan de schitterende inhoud van het klassieke formulier (bedoeld als één geheel!) oplichten als doorleefd geloof ? En: zijn we er voldoende van doordrongen hoe het er echt op aankomt dat we als de gemeente van de eerste pinksterdag volharden in de leer, de gemeenschap en de gebeden maar ook in de broodbreking?

Ten slotte, als ik naar zo’n conferentie ga, denk ik vaak (afgezien van de opdracht tot permanente educatie): Ik heb me wel opgegeven maar ik heb er eigenlijk geen tijd voor. Kom ik thuis, dan ben ik maar al te blij dat ik geweest ben. De gezamenlijke bezinning verdiept en inspireert. Meditatieve momenten en onderlinge ontmoeting bemoedigen. Ik verlang ernaar één en ander te verwerken in mijn omgang met de Heere en bij het werk in de gemeente. Ik dank God voor de impulsen die Hij me gaf.
Zondag vierden we in Putten als gemeente avondmaal. Het was goed onder de doorboorde, zegenende handen van Jezus Christus.


Ds. H. Markus is hervormd predikant te Putten

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 30 mei 2014

De Waarheidsvriend | 24 Pagina's

Bezinning op Avondmaal

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 30 mei 2014

De Waarheidsvriend | 24 Pagina's