De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Hoge taakopvatting

Bekijk het origineel

Hoge taakopvatting

3 minuten leestijd

In dit boek heb ik, onder allerlei vormen, het innigste van mijn hart gelegd, en allerlei monden en stemmen hebben mijn geloofsbelijdenis uitgesproken, zo schreef Dorothea Bohn- Beets (1812-1864) in een brief van 28 februari 1862 aan haar broer Nicolaas over haar roman Onze buurt.

Dora Beets wordt geboren in 1812 te Haarlem als oudste dochter van de apotheker Martinus Nicolaas Beets en zijn echtgenote Maria Elisabeth de Waal Malefijt. Twee jaar later wordt haar broer Nicolaas geboren, de later beroemd geworden schrijver van de Camera Obscura, geliefd dichter en vooraanstaand ethisch-irenisch predikant.

VERTELTALENT

Bij Dorothea Beets openbaren zich al vroeg bijzondere gaven van hart en verstand. Haar broer merkt deze op en hangt aan haar lippen, beschouwt haar als de vertrouwde van zijn hart, die hij heel zijn leven lang hoogacht. ‘Een helderder gemoed, een klaarder verstand, een vrolijker aard, bij diepte van gevoel en kloekheid van raad en daad heb ik nimmer ontmoet.’ Al vroeg ook ervaart hij haar verteltalent: ‘In aangenaam vertellen, geestig schetsen, plastisch voor de geest voeren… had van haar vroegste jeugd af deze mijn zuster haar gelijke niet; en nog herinner ik mij de boeiende verdichtingen waarmee zij mij des avonds in de kinderkamer uit de slaap hield, en zichzelf in slaap praatte.’ Een hooggestemd getuigenis van haar persoon en talent vinden we eveneens in de herinneringen van uitgever A.C. Kruseman. ‘Wie het gegund was u te ontmoeten (…), zij zien u onuitwisbaar voor zich; zij vergeten nooit hoe zij hingen aan uw vertellen; zij vergeten nooit die stralende ogen, die bezielde trekken, die plooibare stem, die ongekunsteldheid van uw kunstvolle schetsen, al die tederheid van gevoel bij al die flikkering van vernuft, die, bij uw nobele vormen, u stempelden tot een vrouw bij uitnemendheid, vrouw en kunstenares, maar altoos echtgenoot en moeder het meest!’

VERLIES

In 1835 trouwt Dora met boekverkoper en uitgever Pieter François Bohn (1800-1873). Voor zover bekend worden ten minste acht kinderen geboren, van wie drie vroegtijdig overlijden. Ontroerend is het hoe vroom en vertrouwend zij het overlijden van een bijna driejarig dochtertje (1839) draagt. Aan haar broer Nicolaas schrijft zij zich meestal tamelijk helder te voelen. Wat zij hiermee bedoelt, zo licht zij toe, is ‘dat ik zo vast geloven kan, dat het wijsheid en liefde is die mij van mijn kind gescheiden heeft, dat ik zo inzie dat het goed is omdat ik zo vast weet dat al wat God doet niet anders dan goed kan zijn, dat ik zo gevoel dat rampen ons nader tot God brengen’.

ONZE BUURT’

Haar groeiend gezin eist al haar aandacht op, maar in haar schaarse vrije uren voltooit zij Onze buurt (1861), haar eerste en enige roman. Hoofdpersoon hiervan is mevrouw Rueel, die ons wordt getekend als een evenwichtige vrouw van fijne innerlijke beschaving en tact die bezield wordt door oprecht christelijke liefde voor haar naaste. Van haar taak en roeping als vrouw heeft zij een hoge opvatting. Deze is voor haar in de eerste plaats gelegen in haar gezin, en voor man en kinderen, die haar een grote eerbied en liefde toedragen, weet zij een sfeer van warmte en geborgenheid te scheppen. Deze huiselijke kring, zo overpeinst mevrouw Rueel, moge beperkt zijn, ‘maar van de wijze waarop wij binnen die kring onze taak verrichten, hangt het wel en wee der mensheid af, want in onze huishoudkamers strooien wij de eerste zaden in de harten der kinderen, die later als mannen of vrouwen tot zegen of vloek der maatschappij zullen opgroeien. Voorwaar, groot is de roeping der vrouw, onberekenbaar haar invloed.’ Een citaat dat de negentiendeeeuwse idealistische opvatting over natuur, verschijning en bestaan van de vrouw goed vertolkt. Wie deze vrouwenspiegel van Dorothea Bohn-Beets leest, vertoeft enige uren in betere sferen. De roman verscheen in 2003 in achtste druk, voortreffelijk ingeleid en toegelicht door de hoogleraren Margaretha H. Schenkeveld en Maria A. Schenkeveld-van der Dussen.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 3 oktober 2014

De Waarheidsvriend | 24 Pagina's

Hoge taakopvatting

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 3 oktober 2014

De Waarheidsvriend | 24 Pagina's