De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Dertien doctors

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Dertien doctors

Gepromoveerd bij professor Graafland

4 minuten leestijd

Als bijzonder hoogleraar vanwege de Gereformeerde Bond in Utrecht had prof. Graafland de bevoegdheid om promotieonderzoek te begeleiden. In de periode tussen 1984 en 1996 leverde hij dertien doctors af. Zij blikken terug op de begeleiding door dr. Graafland.

W. DE GREEF ‘Calvijn en het Oude Testament’ (1984)

‘Graafland wilde ervan overtuigd zijn dat ik Calvijn goed weergaf. Gelukkig liet hij zich daarvan overtuigen in de vele gesprekken die we gevoerd hebben.’


W. VERBOOM ‘De catechese van de Reformatie en de Nadere Reformatie’ (1986)

‘Graafland begeleidde mij deskundig en betrokken. Kritisch ook, gericht op de kwaliteit van het eindproduct: de dissertatie. Tegelijk was hij meer dan een promotor.’


P.H. VAN HARTEN ‘De prediking van Ebenezer en Ralph Erskine’ (1986)

‘Zijn dogmatische feeling en beduchtheid voor eenzijdigheden die tekort zouden doen aan de rijkdom van de bijbelse boodschap zijn mij bijgebleven. Zijn begeleiding kenmerkte zich door een bescheidenheid en persoonlijke belangstelling.’


B. LOONSTRA ‘Verkiezing-Verzoening-Verbond. Beschrijving en beoordeling van de leer van het pactum salutis in de gereformeerde theologie’ (1990)

‘De ruimte die hij mij gaf om mijn eigen hypotheses te vormen en te onderzoeken, heb ik als weldadig ervaren. Daarbij ontmoette ik veel belangstelling en respect van zijn kant voor mijn conclusies. Ook al was hij de expert, zo gedroeg hij zich niet.’


B.J. WIEGERAAD ‘Hugo Visscher, een calvinist op eigen houtje’ (1991)

‘Als ik soms overwoog de bezinning op Visscher af te breken, hielp deze gedachte me: ‘Je hoeft het niet met iemand eens te zijn om toch over hem te schrijven.’ Graafland heeft me ertoe gebracht door te gaan. Hij wist het evenwicht te bewaren tussen leiding en begeleiding.’


M. VERDUIN ‘Canticum Canticorum. Het lied der liederen. Een onderzoek naar de betekenis, de functie en de invloed van de bronnen van de kanttekeningen bij het Hooglied in de Statenbijbel van 1637’ (1992)

‘Toen twee promotores mij tijdens mijn onderzoek ontvielen, bood dr. Graafland spontaan aan mij te begeleiden, met daarbij een brede begeleidingscommissie. Altijd ben ik hem dankbaar gebleven dat hij mij niet in de steek heeft gelaten. De meeste indruk heeft op mij gemaakt Graaflands vaderlijke nabijheid.’


A. DE REUVER ‘Bedelen bij de bron. Kohlbrugge’s geloofsopvatting vergeleken met Reformatie en Nadere Reformatie’ (1992)

‘Ik zie het nog voor me, het studeervertrek waar mijn promotor me ontving als ik dacht weer een hoofdstuk gereed te hebben. Na minutieuze voorbereiding trok hij telkens een hele ochtend uit voor corrigerend commentaar, waarin hij me bijbracht dat het juiste antwoord slechts te vinden is door de juiste vraag te stellen.’


H. BOERSMA ‘Richard Baxter's Doctrine of Justification in Its Seventeenth Century Context of Controversy’ (1993)

‘Prof. Graafland was bovenal een bijzonder vriendelijke en hartelijke man. Of het nu ging om de beoordeling van de geloofsleer van anderen, om zijn omgang met studenten, of om zijn benadering van persoonlijke vragen, hij luisterende altijd eerst goed, om vervolgens voorzichtig en vriendelijk zijn bijdrage te leveren.’


C.A. DE NIET ‘Gisbertus Voetius. De praktijk der godzaligheid. TA AEKHTIKA sive Exercitia pietatis - 1664). Tekstuitgave met inleiding, vertaling en commentaar’ (1996)

Voor de deelterreinen van mijn onderzoek waarop hij geen eigen deskundigheid bezat, heeft prof. Graafland mij in contact gebracht met specialisten, onder anderen met mijn copromotor, dr. Aart de Groot. Ook in die zin is hij dus een promotor, dat wil zeggen bevorderaar van mijn studie geweest.’


C. VAN SLIEDREGT ‘Calvijns opvolger Theodorus Beza. Zijn verkiezingsleer en zijn belijdenis van de Drieënige God’ (1996)

‘Graafland prees mij vanwege mijn volharding om zoveel theologische jaren met Beza te leven. Ik prijs hem om de innemende wijze waarop hij mij zo lang begeleidde. Soli Deo Gloria.’

In 2001 overleed dr. G. van den End, die in 1991 promoveerde op ‘Guiljermus Saldenus (1627-1694), een praktisch en irenisch theoloog uit de Nadere Reformatie’. Dr. W.J. van Asselt overleed afgelopen voorjaar. Hij promoveerde in 1988 op de dissertatie ‘Amicitia Dei, een onderzoek naar de struktuur van de theologie van Johannes Coccejus (1603-1669)’. In dit overzicht ontbreekt L. Engelfriet, die in 1995 bij prof. Graafland promoveerde op de studie ‘Bilderdijk en het jodendom’.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 17 oktober 2014

De Waarheidsvriend | 24 Pagina's

Dertien doctors

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 17 oktober 2014

De Waarheidsvriend | 24 Pagina's