Gereformeerd zonder kramp
Begin deze maand werd bekend dat dr. Edward van ’t Slot als bijzonder hoogleraar namens de Confessionele Vereniging in Groningen aan het werk is gegaan. Het Reformatorisch Dagblad had in de persoon van Eunice Hoekman een mooi gesprek met hem. Van ’t Slot is – en blijft – tevens predikant in Zwolle waar de kerkelijke betrokkenheid teruggang kent. Dit noopt tot grondig nadenken over wat in de kerk onopgeefbaar is:
REFORMATORISCH DAGBLAD
Dit raakt direct aan uw onderzoeksgebied: systematische theologie en kerk in de 21 eeuw. ‘Dit zijn inderdaad de vragen waarmee ik als systematicus bezig ben. Waarmee staat of valt de kerk? Wat kun je absoluut niet opgeven? Wat mag je loslaten? Van veel dingen waar we enorm aan hangen, moet je uiteindelijk toch zeggen: dit is niet de kerk.’
Wat bijvoorbeeld? ‘Iets heel vanzelfsprekends: kerkgebouwen. De eerste gemeenten kwamen samen in woonhuizen. Wij bezitten mooie, grote kerkgebouwen. Je kunt ze prachtig gebruiken als middel om de stad te bereiken –en daar zie ik heel veel mogelijkheden– maar ze vormen geen doel op zich. Onopgeefbaar daarentegen zijn de vier noties die je in elke dogmatiek zult tegenkomen: de kerk is één, heilig, katholiek en apostolisch. Geven we deze noties op, dan geven we de kerk zelf op.
Is dat mogelijk in de gereformeerde traditie: ‘out of the box’ kerk-zijn? ‘Het voor de hand liggende antwoord is hier: ‘ecclesia reformata semper reformanda’ – de hervormde kerk moet steeds weer hervormd worden. Juist als gereformeerde weet je: ik heb het niet in eigen handen, ik hoef tradities niet hoog te houden. Nee, ik leef uit de rechtvaardiging, met open handen. Dat bevrijdt van veel kramp. Ik denk dat juist de gereformeerde traditie een kramploze traditie is. Dat geeft openheid naar andere tradities. Tegelijkertijd mag je je best bewust zijn van de onopgeefbare schatten uit je eigen traditie, zoals de gerichtheid op héél de Bijbel en het belijden van de voorvaderen, de continuïteit. Zonder de tegenstem van de traditie, zoeken we het bij onszelf. Dat is denk ik het grote gevaar van deze tijd. Dat we genoeg hebben aan onze eigen spiritualiteit. Juist die tegenstem kan je helpen out of the box te denken.’ Lachend: ‘Ik hoor mezelf praten, wat een grote woorden. Maar goed, je vraagt er ook naar.’
Waar verlangt de 21e-eeuwse mens naar? Waarbij kan de kerk aansluiten? ‘Er is geen nood waar de Bijbel – en dus de kerk – niet iets over te zeggen heeft. Alleen, onze vragen rijmen niet zonder meer met wat de Bijbel als het enige nodige aanreikt. De kerk zal die vragen altijd weer in een ander licht zetten. Maar dat moet wel begrepen worden. Als onze drempels te hoog zijn, lukt het niet om met onze tijd in gesprek te gaan. Dáár zitten mijn zorgen. We zijn er niet voor onszelf, maar voor onze omgeving. Dat besef mag ons dringen om vormen op te geven, om taaldrempels en culturele drempels te slechten. Je moet toch wel een nette middenklasser zijn, wil je onopvallend de kerk in kunnen sluipen. Ben je dat niet, dan word je door kerkmensen, met al hun goede bedoelingen, vaak neerbuigend of medelijdend behandeld. Wanneer wij uitstralen dat we een wereld apart zijn, ontstaan er twee werelden die niets met elkaar te maken hebben. Laten we ons ervan bewust zijn dat de vragen die buiten de kerk leven ook in ons eigen hart leven. En andersom: als een voorbijganger of een toerist met een grote camera op zijn buik ons de kerk ziet binnenwandelen dan hoop ik dat zo iemand niet alleen maar dragers van een vreemde cultuur ziet. Ik hoop dat we uitstralen: wat we hier in de kerk doen, daar draait de wereld om. We zijn niet alleen een cultuurtje aan het bewaren, we houden de lofzang gaande.’
NEDERLANDS DAGBLAD
Bij de TU in Apeldoorn trad deze maand dr. Jaap Dekker aan. Hij is specialist op het onderzoek naar de profeet Jesaja en combineert het predikantschap in Enschede (NGK) met het professoraat op de zogeheten Henk de Jong-leerstoel. In het Nederlands Dagblad gaat dr. Dekker in op de verhouding tot het moderne bijbelonderzoek. Daniël Gillissen sprak met hem.
In zijn nieuwe functie wil Dekker studenten helpen de moderne bijbelwetenschap op een zinvolle manier te integreren in hun eigen visie op de Bijbel. ‘Kritisch onderzoek hoeven ze niet als bedreigend te ervaren. De kunst is om het vruchtbaar te maken voor hun eigen verstaan van de Bijbel en werk in de gemeente.’ Wat levert modern bijbelonderzoek op? ‘Modern bijbelonderzoek heeft als doel de Bijbel beter te begrijpen. Het onderzoek richt zich op de historische situatie waarin een bepaald bijbelwoord is opgeschreven, de ontstaansgeschiedenis van een bijbelboek, maar bijvoorbeeld ook op de literaire structuur. In mijn eigen onderzoek houd ik mij vooral bezig met het boek Jesaja en hoe dit boek als vijfde evangelie, als getuigenis van Christus kan worden gelezen. Het moderne onderzoek heeft geleerd niet achter elke tekst een verwijzing naar Jezus te zoeken, maar het boek Jesaja eerst in zijn eigen, oudtestamentische context te lezen.’ Waarom niet gewoon wegblijven bij de moderne bijbelwetenschap? ‘Dan doe je jezelf tekort, want het moderne onderzoek levert heel verrijkende inzichten op. Het zou ook niet verstandig zijn. Wie op een gegeven moment alsnog wordt geconfronteerd met de meer kritische vragen die de moderne bijbelwetenschap stelt, maar niet is voorbereid, kan besluiten het hele geloof overboord te zetten. Daarom moet op de universiteit, maar ook in de gemeente, aandacht zijn voor moeilijke vragen. Laat zien hoe je daarmee op een goede manier kunt omgaan en hoe dit het geloof kan verrijken. De wetenschap kan soms heel nieuw licht werpen op bijbelverhalen, zoals recentelijk gebeurde door twee Nederlandse onderzoekers die aan de hand van kleitabletten een oudoosters verhaal over Adam hebben gereconstrueerd. Als je de spanning van dit soort onderzoek uit de weg gaat door te zeggen: ‘Geloof maar eenvoudig, lees maar wat er staat’, kun je de plank flink misslaan.’ Hoe past u deze aanpak toe in uw gemeente? ‘In mijn eigen gemeente in Enschede heb ik vorig jaar gemeenteleden gevraagd naar hun struikelteksten. Welke teksten roepen vragen op? Opvallend vaak komen die uit het Oude Testament. Dat komt omdat de cultuur van het Oude Nabije Oosten ver van ons afstaat. In de middagdiensten ga ik in op de vragen van gemeenteleden. Vorige week zondag bijvoorbeeld op het gebed om wraak. Maar het kan ook gaan over schepping en evolutie, of over de Here die Mozes probeert te doden in de woestijn. De bijbelwetenschap kan bij het lezen van dit soort moeilijke teksten behulpzaam zijn.’ (…).
Is het echt gebeurd?, is een vraag die bij bijbellezers kan opkomen. ‘De Nederlands- gereformeerd theoloog Henk de Jong, naar wie mijn leerstoel is vernoemd, zei soms: ‘De bijbelverhalen zijn waar, maar hoeven niet altijd exact zo gebeurd te zijn als er staat.’ De verhalen worden ons altijd in een bepaald jasje overgeleverd en met een bepaalde boodschap. We kunnen vaak niet precies reconstrueren hoe iets is gegaan. Dat is ook niet altijd relevant. Het gaat in eerste instantie om de theologische zeggingskracht: wat vertelt dit verhaal over wie God is en wat Hij voor ons heeft gedaan? Ook de preek moet niet gericht zijn op historische reconstructie. Ik pleit ervoor bij het lezen van de Bijbel de historische, literaire en theologische vragen zo dicht mogelijk bij elkaar te houden. Wie zich te veel tot een van deze benaderingen beperkt, verliest de andere uit het oog. Dan doe je geen recht aan de Bijbel.’
Zowel bij Van ’t Slot – die met een frisse blik naar de gereformeerde traditie wil kijken – als bij Dekker valt iets te proeven van wat wel genoemd wordt ‘nietangstige aanwezigheid’ in het veld van dogmatiek en bijbelwetenschap. Het doet me denken aan het woord van Paulus aan het einde van de tweede brief aan Korinthe: ‘Wij kunnen ons niet tegen de waarheid verzetten, we kunnen ons er slechts voor inzetten.’ Als je gelooft dat de waarheid van God altijd sterker zal zijn, dan zijn angst of kramp onnodig.
Ds. G. van Meijeren is hoofd mobiliteitsbureau Predikanten & Kerkelijk Werkers van de Protestantse Kerk.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 17 oktober 2014
De Waarheidsvriend | 24 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 17 oktober 2014
De Waarheidsvriend | 24 Pagina's