Prof. Kuitert en de kerk
In de week waarin de Protestantse Kerk haar najaarssynodevergadering hield, verscheen het jongste boek van prof. dr. Harry Kuitert Kerk als constructiefout, bij gelegenheid van zijn negentigste verjaardag. Prof. Kuitert is bekend geworden door zijn slagzin dat ‘al ons spreken over boven van beneden komt’. In Trouw (15-11) sprak Gerrit-Jan Kleinjan met prof. Kuitert over de kerk.
TROUW
Wat drijft u?
‘Ik wil mensen de ogen openen, helpen nadenken. Dat kan ik zonder enige aarzeling onmiddellijk zeggen. Als je ziet wat er allemaal wel niet gezegd wordt, zin en onzin over kerk en geloof. Ik vat dan toch weer moed. Mijn behoefte om orde te scheppen in de chaos die vandaag de christelijke leer teistert, is nog niet uitgewoed.’
Met welke vraag zat u nog?
‘Eén vraag kwam voortdurend terug: waarom gaat het met de kerken nou toch zo slecht? Dat komt door de leer van de kerk. Die kerkelijke leer houdt in dat de kerk zichzelf als spreekbuis van boven presenteert, en met die zelfinterpretatie haar gezag over de zielen legitimeert. Zo beroven kerkelijke ambtsdragers de gelovigen bewust of onbewust van hun vrijheid om zelf te kiezen. Maar daarmee zijn de kerken bezig hun eigen graf te graven. Sinds de Verlichting blijken de mensen zich prima zonder kerk te kunnen redden.’ (…)
Kleinjan schrijft dat het werk van Kuitert zich laat lezen ‘als een stap voor stap voortschrijdende zoektocht naar een antwoord op de vraag: wat zijn de christelijke geloofsvoorstellingen waard?’
Hoe kijkt u terug op dit proces?
‘Alle boeken die ik geschreven heb in de loop der tijden, dat zijn verslagen van een zoektocht, telkens een stapje verder. Ik wist niet waar ik uit zou komen. Een zoektocht is pas een zoektocht als je niet weet waar het eindigt. Anders is het niet oprecht zoeken.’
Op welk moment wist u dat de kerkelijke leer niet is vol te houden?
‘Dat gaat langzaam. Dat proces begon misschien nog wel eerder, maar in ieder geval weet ik nog heel zeker dat er aan een draadje werd getrokken bij de watersnoodramp in Zeeland in 1953. Ik moest de zondag na de ramp preken in Haamstede, een plaats die hard getroffen was. We hoorden dat hele families op hun dak de Westerschelde waren ingedreven en nooit meer waren teruggekomen. Allemaal verdronken. Waar moest ik over preken? Het werd ‘scheepke onder Jezus hoede’. Dat die bekende woorden niet betekenen dat je niet verdrinkt.’
Uiteindelijk duurde het nog jaren voor u de eindconclusie trok: God bestaat, maar alleen in de gedachten van mensen. ‘Je verweert je tegen jezelf als het ware. Je gaat zo lang mogelijk weer verder en mee. Ik ben loyaal aan mijn kerk. Maar niettemin, je kritische zin verlaat je niet. Telkens als ik wat ontdekt had, deed ik er verslag van. Uiteindelijk is er één punt geweest waarop voor mij het kwartje viel. Dat was in het jaar 2000. Ik bedacht, we zeggen altijd dat het christelijk geloof geënt is op de God van Israël. Maar waar komt die dan vandaan? Toen zag ik ineens, die komt natuurlijk ook niet uit de lucht vallen. Toen wist ik: eerst waren er mensen, daarna pas religie en goden en God. Toen was het gebeurd.’ (…)
BAPTISTEN.NL
Tijdens de presentatie van het boek sprak ook prof.dr. Henk Bakker, hoogleraar baptisme aan de VU. In zijn reactie – te lezen op baptisten.nl − schuwt hij fundamentele kritiek niet. Het boek van Kuitert raakt ‘niet zozeer de constructie van de kerk als wel het hart van de kerk, namelijk haar beroep op God’. Enkele passages uit het slot van zijn bijdrage:
Ik waag het daarom te spreken van een constructiefout in Kuiterts eigen redenering. Grondleggend voor zijn denken, ook in dit boek, is de bewering: ‘Alle spreken over boven komt van beneden, ook de uitspraak dat iets van boven komt.’ Maar dit soort totaaluitspraken zegt uiteindelijk niets, juist vanwege het totaalkarakter. Want als alles van beneden is, is niets meer van beneden, net zoals niets meer groen is, als alles groen is. (…) In dit licht constateer ik dat Kuitert zich als een koele rekenmeester opstelt die het failliet van de kerk voorrekent, of een harde keurmeester die stelt dat de kerk ver over haar houdbaarheidsdatum heen is, terwijl de redenering meer op aannames (commitments) berust dan op dwingende gevolgtrekkingen. Hij lijkt dwangmatig de vraag te moeten stellen: ‘Kan het ook stuk?’ Ja, alles kan stuk, maar hoezo? Waarom moet dat? Ik wil daarom afsluiten met drie kritische overwegingen. 1. Spreken over boven begint beneden en komt daar nauwelijks bovenuit. Karl Barth had gelijk toen hij stelde dat wij juist in het geloof dienen te zeggen dat godskennis pas begint met weet hebben van Gods verborgenheid. Met andere woorden, dat God Zich niet kenbaar maakt is niet de uitzondering. De uitzondering is dat mensen zoals wij iets van Hem mogen ontwaren. Maar dit ontwaren is er, wis en waarachtig, en er valt ook over te praten. 2. De kerk is geen sneue vereniging of een verdwaald fossiel uit een ver verleden. Links en rechts wordt dit soort beeldvorming door de feiten ingehaald. Kerk is gebeurende gemeenschap die als vanzelf voortvloeit uit verlossende gemeenschap. Het is nooit anders geweest. Maar deze gemeenschap is geen blufclub. Zij is weerloos en kwetsbaar, net zoals Jezus was en net zoals de Schrift die van God getuigt. Het is daarom niet moeilijk om de kerk ervan langs te geven. Het is makkelijk om hard en koud te zijn. (…) 3. Een uitspraak zoals: ‘De wereld redt het wel’, ook zonder de kerk, is pure bluf. Wie kan dit nog met droge ogen te zeggen in het licht van de kwesties waar we wereldwijd voor staan? Ik wil niet het tegendeel beweren en de eindtijdprofeet uithangen, maar optimisme is beslist nergens op gebaseerd. Daarom meen ik dat het ethos van Jezus Christus meer nodig is dan ooit. Jezus’ visie op bijvoorbeeld geweld en vrede, bezit en hebzucht, leegroof van de aarde en verantwoordelijkheid. Maar niet alleen Zijn visie, vooral ook Zijn Geest Die dit door mensen heen uitwerkt.
TROUW
De vraag is of de benadering door Kuitert (nog) veel weerklank vindt in de kerk van onze dagen. In Trouw constateerde journalist Kleinjan naar aanleiding van de synodebespreking van het rapport Brandpunten in de verkondiging (auteurs: hoogleraren Van der Kooi/Van den Brink) dat ‘vrijzinnigheid een beetje passé lijkt te zijn’.
Hoe werd er gereageerd op zulke orthodoxe opvattingen? [van Van der Kooi en Van den Brink – GvM]
Het werd wel duidelijk dat de PKN breder en gemêleerder is dan dit rapport. Er werd behoorlijk over gediscussieerd, en het stuk is teruggestuurd, met het verzoek om het flink te herschrijven, zodat de pluriformiteit van de protestantse kerk terug is te zien. (…)
De PKN is dus niet zo orthodox als het lijkt?
De PKN is breed geschakeerd, dat bleek wel weer. Maar in de theologiebeoefening zie je wel degelijk een soort restauratie van de orthodoxie. Dat zo’n streng stuk ter discussie wordt voorgelegd, ademt wel een andere sfeer dan een paar jaar geleden. Vrijzinnigheid lijkt onder vaktheologen een beetje passé te zijn.
De laatste zin kan worden opgevat als een understatement. In twintig jaar tijd is het theologische klimaat drastisch veranderd ten gunste van openbaringstheologie. Maar daarmee is de kloof nog niet overbrugd tussen laten we zeggen de officieel beschreven geloofsleer en het beleefde geloof. Wanneer de twijfel aan bijbelse grondbegrippen en de christelijke traditie niet meer in het centrum van de belangstelling staat, zijn daarmee de worsteling om te geloven en de verlegenheid om te spreken nog niet voorbij. Ik eindig daarom met een verwijzing naar de tekst van een lied/gebed van ds. A.F. Troost dat hij in opdracht van de IZB maakte en dat op de synode werd gezongen (op de melodie van lied 745 Nieuwe Liedboek).
Ds. G. van Meijeren is hoofd mobiliteitsbureau Predikanten & Kerkelijk Werkers van de Protestantse Kerk
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 28 november 2014
De Waarheidsvriend | 24 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 28 november 2014
De Waarheidsvriend | 24 Pagina's