Globaal bekeken
In het boek Wees een gids!, het tweede deel, na Wordt een heer!, van de geschiedschrijving van De Driestar in Gouda (Royal Jongbloed, Heerenveen) neemt historicus Ton van der Schans een citaat over van ds. H. Rijksen van de Gereformeerde Gemeenten (toen bestuursvoorzitter). Hij typeert het citaat onder het kopje ‘een andere verbondsbeschouwing’. Rijksen oriënteerde zich op Calvijn:
Maar wij zien onze leerlingen niet alleen als gevallen in Adam, maar ook als meisjes en jongens die mogen leven onder het verbond der genade. Ik geloof dat dat in ons onderwijs toch wel een heel grote nadruk moet hebben. Want hoe zien wij onze leerlingen? Het zijn verbondskinderen. Onze vaderen hebben alle nadruk gelegd op het verbond. En als we dan het Oude Testament nagaan, dan zien we dat op dat verbond, zoals de Heere dat met Abraham en zijn zaad oprichtte, dat genadeverbond, het hele volk wordt aangesproken. Meermalen getuigt de Heere in het Oude Testament van Israël dat Hij hen heeft getrouwd. Het is Zijn volk. En daar legt ook Calvijn bijzonder sterk de nadruk op. Calvijn verzet zich bijv. in zijn commentaar op Genesis uitdrukkelijk tegen de voorstelling als zou de Heere alleen met de uitverkorenen uit Abrahams zaad het verbond hebben opgericht. Calvijn legt er alle nadruk op dat het verbond der genade door de Heere gesloten is met Abraham en zijn zaad. Het gaat hem erom dat het hele volk tot volk des verbonds is aangenomen en daarop door de Heere wordt aangesproken. Nooit vinden we de gedachten in het Oude Testament, dat bepaalde jongens en meisjes niet tot het volk des verbonds worden gerekend. De Heere zegt tot zijn volk Israël: “Gij hebt mijn kinderen genomen en die aan de molog geofferd”. De Heere klaagt smartelijk. “Mijn kinderen waren het en die hebt u aan de afgoden geofferd, Mijn kinderen krachtens het verbond”.
Ds. Rijksen, wiens visie in eigen kring niet onweersproken bleef, oriënteerde zich ook op het doopformulier:
In het dankgebed danken we de Heere dat Hij onze kinderen tot Zijn kinderen en erfgenamen heeft aangenomen. Dat is de rijke betekenis van het verbond waar wij altijd weer nadruk op hebben te leggen in het onderwijs. Zo zien wij onze kinderen.’
Het boek biedt, in de bijdrage van redacteur John Exalto, ook een gedicht dat in februari 2013 op een van de prikborden in het gebouw van Driestar Educatief werd aangetroffen, ondertekend door Karlo Reiziger, een oudleerling.
Driestar
De kleine luyden waren anoniem.
Hun kroost hoeft niet te leren of studeren
en niets te zijn – ‘God moet ze eens bekeren’
Maar Kersten met zijn scholen legt de kiem.
De Krabbendijkse kweekschool is ultiem
In Gouda’s strijdperk, weleerwaarde heren,
zal men bestuurlijk breder gaan funderen
Kuyt’s refo-instituut wordt legitiem.
In pluriformiteit gelijkgezind;
de zonen van De Driestar worden heer!
‘Ontzaglijk – niets te wezen – niets te zijn’,
doceerde onbegrepen heer Florijn.
O hoeksteen van de zuil, blijf bij de leer:
Uw zonen moeten worden als een kind.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 16 januari 2015
De Waarheidsvriend | 24 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 16 januari 2015
De Waarheidsvriend | 24 Pagina's