Vier jaar na ‘Marginaal’
Bijna vier jaar geleden verscheen mijn boek Marginaal en missionair, met als ondertitel: Kleine theologie voor een krimpende kerk. In de afgelopen weken heb ik voor mezelf een soort tussenbalans opgemaakt.
Klopten mijn analyses en verwachtingen? Hoe is het die krimpende kerk vergaan? Wat zijn de ontwikkelingen op missionair gebied? Lastig natuurlijk om precieze antwoorden te vinden. Door mijn werk bij de IZB en mijn bezoeken aan gemeenten door heel het land overzie ik wel veel, maar ook niet alles. Op grond van mijn waarnemingen kwam ik tot de volgende conclusies.
KRIMP
Wat betreft de krimp van de kerk, die gaat nog harder dan ik verwachtte. Meer nog dan ik vermoed had, zet deze krimp zich ook door in het uitgesproken orthodoxe deel van onze kerk, resulterend in sluiting van kerkgebouwen en opheffing van predikantsplaatsen. En nog steeds verwonder ik me over het feit dat ik weinig mensen tegenkom die ervan wakker liggen.
Nu schiet je natuurlijk ook niet echt wat op met doorwaakte nachten. Maar meer bedoel ik: behoefte aan analyse, zelfonderzoek, gebed, schuldbelijdenis. Immers het sluiten van kerkgebouwen of het opheffen van predikantsplaatsen is het eindstation van een ontwikkeling die veel eerder op gang kwam in de harten van kerkgangers. Ze zaten er nog wel, maar waren innerlijk al afgehaakt. Ze waren afgehaakt van het Evangelie of ze waren afgehaakt van de manier waarop dat Evangelie gestalte krijgt in onze diensten en vormen van gemeente-zijn. Beide vormen van afhaken komen voor. Hebben we hier ook voldoende zicht op? Hoeveel exitgesprekken zijn gevoerd met afhakers? Hoeveel geestelijke bezinning vindt hierop plaats? Ik denk dat dit bezinning heel schraal aftekent bij de energie die wordt gestoken in het rond krijgen van de begroting en de organisatorische maatregelen.
PREDIKING
Een dringende vraag is ook: wat doen we er nu, op dit moment aan dat potentiële afhakers worden geraakt in hun ziel? In heel veel preken wordt ervan uitgegaan dat alle kerkgangers gelovige mensen zijn, die wel zo ongeveer in de lijn van dat geloof denken en handelen. Maar is dat niet een faliekante vergissing? Moet niet veel meer in preken het gesprek gevoerd worden met de hoorder over het ongeloof dat hij in zijn eigen hart aantreft? Volgens de grote Duitse homileet Ernst Lange is preken: spreken met de hoorders over hun leven, over de aanvechting van het ongeloof en dan vanuit de tekst een nieuw woord van God verkondigen in het spanningsveld tussen aanvechting en belofte. Voorheen werd er in preken veel meer vanuit gegaan dat lang niet alle kerkgangers wedergeboren en gelovig waren. Later kwam een meer verbondsmatige prediking. Maar misschien zat er in de preken van voorheen meer het besef dat geloof nooit vanzelfsprekend is en altijd met het ongeloof te kampen heeft.
GEMEENSCHAP
Een andere remedie tegen het afhaken afhaken is het zoeken naar vormen van gemeenschap. Niet ieder haakt af vanwege ongeloof in het Evangelie. Ook verdwijnen mensen doordat ze te weinig gemeenschap ervaren of omdat aan hun persoonlijke beleving te weinig recht wordt gedaan. Ze gaan dan naar gemeenten waarvan ze denken dat het daar in dit opzicht beter is. Daar is niet altijd wat aan te doen, maar in een aantal gevallen wel. In ieder geval ligt ook hier nog huiswerk genoeg.
MISSIONAIR ELAN
Naast krimp was er in de afgelopen vier jaar ook een andere ontwikkeling. In verschillende gemeenten werden nieuwe ontmoetingsplekken gecreëerd, waar het Evangelie op de een of andere manier gedeeld wordt met buitenstaanders. Op veel plaatsen kwamen nieuwe missionaire activiteiten van de grond. Misschien ook nog wel iets meer dan ik indertijd vermoedde. Er kwamen mensen tot geloof die daar lang niet altijd voor voorgesorteerd stonden. Het is belangrijk om deze ontwikkeling te constateren. Elke gemeente zou in de toekomst kunnen onderzoeken of ze andere doelgroepen zou kunnen bereiken dan de huidige. Niet iedereen die op zoek is naar God schuift zomaar aan in een kerkbank. In de kerk is meer ongeloof dan we vermoeden en buiten de kerk is soms meer verlangen dan we vermoeden.
Er is wel moed voor nodig om te midden van de kerkelijke leegloop de blik naar buiten te wenden en te ontdekken dat God ons op onverwachte plaatsen roept. God kan ons hierdoor ook verrassen met een nieuwe vreugde.
Dr. W. Dekker is predikant en stafmedewerker bij de IZB te Amersfoort.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 16 januari 2015
De Waarheidsvriend | 24 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 16 januari 2015
De Waarheidsvriend | 24 Pagina's