Verhoogd in eer
Eerbetoon aan mensen [4, slot]
Christenen kunnen zich er wat ongemakkelijk bij voelen wanneer iemand status en aanzien verwerft. Mogen we daaraan meedoen? Het lijkt in strijd met de vereiste bescheidenheid.
De Bijbel vertelt dikwijls over het eerbetoon aan koningen. Hun hoge status is hun door God toebedeeld (Dan.5:18-19). Over dit thema is veel te leren van koning Salomo. We lezen bijvoorbeeld: ‘Toen maakte de HEERE Salomo buitengewoon groot voor de ogen van heel Israël. Hij gaf hem zoveel koninklijke majesteit als geen enkele koning van Israël vóór hem had gehad.’ (1 Kron.29:25) Dit herinnert ons aan zijn gebed te Gibeon. Salomo vroeg wijsheid. De HEERE waardeerde het dat hij niet vroeg om een lang leven, rijkdom of overwinning op de vijanden. Salomo wilde graag het volk goed kunnen regeren. Vervolgens beloofde God hem behalve wijsheid toch ook rijkdom, een lang leven en eer (2 Kron.1:11-12). Salomo vroeg niet om eer, hij kreeg het als toegift. Een mens moet geen eer najagen, maar kan beter streven naar ootmoed en wijsheid. Juist zo iemand zal worden geëerd. Ook in de Psalmen krijgt een godvrezende koning rijkdom, leven en eer toegezegd (Ps.21:4-6; Ps.72:9-15; Ps.91:15- 16). Volgens het boek Spreuken komen deze drie zegeningen zelfs ieder mens toe die de HEERE vreest. ‘Het loon van nederigheid − de vreze des HEEREN − is rijkdom, eer en leven.’ (Spr.22:4; Spr.3:16)
WAT IS EER?
Het begrip ‘eer’ duidt op de waarde die iemand heeft in de ogen van zijn omgeving. Voor een brandweerman bestaat bijvoorbeeld meer waardering dan voor een zwerver. Het betreft dus de status die mensen aan je toekennen binnen een groep of samenleving. In onze westerse situatie kan je sociale waarde samenhangen met je baan, bezittingen, nevenfuncties, gedrag. In de oosterse cultuur bestaan verschillende redenen waarom iemand wordt geëerd. Sommigen hebben een eervolle positie door geboorte of roeping, zoals een priester of de zoon van een koning. Anderen vergroten hun eer door bijzondere daden. Zo verwierf David veel roem met zijn overwinningen op de reus Goliath en de Filistijnen. Ook het tonen van rijkdom of dragen van een kroon kan eraan bijdragen dat je eer ontvangt.
UITERLIJKE STATUS
Nadat koning David voor zijn zonde met Bathseba vergeving had gekregen, nam hij de stad Rabba in. De kostbare kroon van de Ammonitische koning werd gezet op Davids hoofd (2 Sam.12:30). Deze gebeurtenis bewijst dat hij in eer is hersteld. In Psalm 21 zien we de koning zegevierend terugkeren van de strijd (vs.4-7). De HEERE heeft hem bewaard en zijn levensdagen verlengd. Hij wordt gekroond met zuiver goud. De HEERE heeft hem bekleed met majesteit en glorie. Zijn hoge status is voor iedereen zichtbaar. God geeft het Zijn dienaren dat ze in aanzien stijgen (Ps.71:21).
Anderzijds is uiterlijke status zeer betrekkelijk. Iemand met grote rijkdom kan hoog in aanzien staan bij de wereld. Maar de eenvoudige man ondervindt van zulke machtigen vaak veel onrecht. Psalm 49 leert ons niet bang voor hen te zijn. Bezittingen kunnen geen mens redden van de dood. De Bijbel geeft een eigen visie op eer. God toont voor rijken niet meer achting dan voor armen. Uiteindelijk zal Hij de oprechten verhogen in een positie van eer (Ps.49: 15b-16). Ook Asaf in Psalm 73 gelooft dat God hem zal leiden tot heerlijkheid.
GEPAST GEDRAG
Het boek Spreuken benadrukt dat eer toekomt aan hen die naar wijsheid zoeken. Wijsheid is meer waard dan goud of zilver (Spr.8: 11,19). Roem en pracht zijn niet de belangrijkste redenen voor een goede reputatie. De ware eer voor een mens is de HEERE te vrezen. Daarbij is nederigheid een noodzakelijke grondhouding (Spr.18: 12; 29:23). Het is mooi om lof te ontvangen, maar opscheppen is niet goed. ‘Laat een vreemde u prijzen en niet uw eigen mond.’ (Spr.27:2)
Het is belangrijk je eigen plaats te kennen en niet jezelf naar voren te schuiven (Spr.25:6-7). Met correct gedrag kan ieder mens respect krijgen, daar hoef je geen prins of held voor te zijn. Welk gedrag men gepast vindt, is afhankelijk van je positie en van de geldende cultuur,
SCHANDE
Tegenover eer staat schande en smaad. De mensen kunnen je eer aantasten en je vernederen. Dat is een zeer pijnlijke ervaring en roept een gevoel van schaamte op (Ps.69:20-21). Soms zijn het onze eigen zonden die onze waardigheid aantasten. We maken onszelf te schande. In de straf van God zit ook het element van vernedering. Christus droeg die schande aan het kruis om zondaren ervan te bevrijden. Vergeving betekent daarom ook eerherstel. In andere situaties wordt je reputatie geheel onterecht geschonden. De Psalmen spreken vaak over vijanden die je waardigheid aantasten met spot, kwaadspreken, bedreigingen of gebruik van geweld. Dergelijk verlies van eer wordt ervaren als een zwaar lijden. Je kunt er bang voor zijn. De psalmisten bidden of God hen voor de schande bewaart of weer herstelt in eer. Het gebed of Hij de tegenstanders beschaamd maakt (Ps.70:3), is een roep om recht. De plannen van de goddelozen moeten mislukken. Zondaren verdienen geen eer, maar schande.
JOZEF
In de Bijbel lijden de rechtvaardigen veelvuldig onder smaad en minachting. Volgens Jezus is dat een goed teken. ‘Zalig bent u als men u smaadt en vervolgt, en door te liegen allerlei kwaad tegen u spreekt, omwille van Mij.’ (Matt.5:10-12) Je gaat ermee in het spoor van de profeten. De apostelen beschouwden het als een eer dat zij smaadheid leden omwille van Jezus’ Naam (Hand.5:41).
Anderzijds ontvangen gelovigen ook respect. Jozef werd door zijn broers diep vernederd, maar kreeg bij Potifar een eervolle positie. Na zijn lijdensweg heeft de HEERE Jozef op de troon gebracht. Met Psalm 84 belijden we: ‘Hij zal genade en eer geven.’ Gods kinderen kunnen soms veel aanzien genieten bij hun omgeving. Zo nam ook Jezus toe in genade bij God en de mensen (Luk.2:52). God is het Die de geringen verheft om hen te doen zitten bij de edelen van Zijn volk (Ps.113). Het onaanzienlijke van de wereld heeft God uitverkoren en een volwaardige plaats geschonken in Zijn gemeente.
BELOFTE
De weg van Christus staat model voor Zijn kerk. Via de vernedering op aarde ging Hij naar de hoogste positie in de hemel. God gaf Hem een Naam boven alle naam. Alles moet voor Hem buigen. In deze wereld zien we dat de roem van een koning afstraalt op zijn volk. Zo is het ook bij Christus. Wanneer wij met Hem lijden, zullen wij ook met Hem worden verheerlijkt (Rom.8:17). Hij maakt ons tot koningen en priesters voor God (Opb.1: 6).
Door het Lam zijn wij meer dan overwinnaars. In het laatste oordeel zal dat voor heel de wereld zichtbaar zijn (Opb.17:14). Het rijke en geroemde Babylon zal tot de hel toe worden vernederd (Opb.18). Maar de bruid van Christus, Nieuw-Jeruzalem, verschijnt met goddelijke heerlijkheid (Opb.21:9-27). De HEERE zal de schande van Zijn volk wegnemen en het bekleden met vorstelijke glorie. Eerherstel is een belangrijk aspect van het beloofde heil. In dat vooruitzicht mag de verdrukte kerk van Christus zich verheugen (Ps.149:4-5).
Ds. A.N. van der Wind is predikant van de hervormde wijkgemeente Rehobôth te Hollandscheveld.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 30 januari 2015
De Waarheidsvriend | 20 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 30 januari 2015
De Waarheidsvriend | 20 Pagina's