Parels moet je dragen
Werp uw parels niet voor de zwijnen, opdat die ze niet op enig moment met hun poten vertrappen, zich omkeren en u verscheuren. Mattheüs 7 : 6b
We horen nogal eens zeggen dat we geen paarlen voor de zwijnen moeten werpen. We bedoelen ermee dat we het Evangelie niet moeten verspillen aan hen die er de waarde niet van kunnen of willen beseffen. Ondertussen kunnen we er ons met deze woorden gemakkelijk van afmaken.
Jezus heeft het Evangelie van het Koninkrijk van God verkondigd en grote menigten volgden Hem. Daarna zegt Hij in Zijn onderwijs dat Zijn oprechte volgelingen te herkennen zijn aan een overvloediger gerechtigheid dan van de Schriftgeleerden en farizeeën. Het gaat om meer dan het gewone. Jezus peilt de geboden van God tot op de bodem. Ze gaan over onze gedachten, woorden en werken.
Gods oordeel over ons leven gaat ook over de binnenkant. Wat hebben we er dagwerk aan tegen onze eigen boosaardigheid te strijden. Dat kunnen we alleen als een ootmoedig biddend gelovige. We ontdekken een balk in ons oog te hebben en op die manier niet in staat te zijn de splinter uit het oog van onze broeder te verwijderen. Net zo min als een blinde oogarts zijn patiënten kan opereren om splinters uit de ogen te verwijderen.
GODSVRUCHT
We horen de hoogste Profeet en Leraar in dat verband zeggen dat we onze parels niet voor de zwijnen moeten werpen. Die kostbare parels moeten we drágen. De geboden van Hem Die meer is dan Mozes en die Hij ons voorhoudt, behoren ons leven te stempelen. Anders leven we niet in ootmoed van het evangelie van Gods genade.
Als we er in ons leven een potje van maken, doen we net als vrouwen die hun mooie parels zelf niet dragen, maar ze voor de zwijnen werpen. De zwijnen menen dat ze eikels of bruine bonen krijgen, maar ontdekken dat het parels zijn. Die kunnen en willen ze niet eten. Als je hongerige zwijnen parels voert, loop je het gevaar dat ze zich omkeren en op je afkomen om je kwaad te doen.
Zo kan het je vergaan als je jezelf niet versiert met goede werken en niet leeft naar Gods geboden, maar ze anderen wel voorhoudt. Die anderen hebben niet aan jou gezien wat ze met je woorden kunnen doen. Je hebt die parels niet gedragen. Ze keren zich dan tegen je.
ZOUT
In dit verband denk ik aan het opgeheven vingertje van Europa en Amerika tegenover de overwegend islamitische Arabische wereld. Mensen in het westen wijzen op verworven vrijheden en democratie. Moslims vinden op hun beurt ons goddeloos en kunnen − menigmaal terecht − zeggen: ‘Houden jullie je mond maar. Kijken jullie maar naar jezelf wat je ervan maakt.’ Ze keren zich om en vallen christenen in hun omgeving aan, die ze identificeren met de westerse bevolking. Vele volgelingen van Christus moeten er onder lijden.
Wat in het groot gebeurt, kan ook in het klein. Als we zelf ongehoorzaam zijn, horen we ook zulke geluiden van buitenstaanders. We zijn geen zout van de aarde om bederf te weren en smaak te geven. Het zout heeft zijn smaak verloren en deugt nergens meer voor dan om weggeworpen en door de mensen vertrapt te worden.
Het resultaat van al onze evangelisatiearbeid zonder gehoorzaamheid is zelfs negatief. Anderen ontdekken niet wat het Evangelie van het Koninkrijk van God betekent in ons leven.
HEILIGE GEEST
Nodig hebben we dat Gods geboden door de Heilige Geest in ons hart geschreven worden en we van binnenuit gedrongen worden het goede te doen. Juist als we beseffen dagwerk te hebben aan onze strijd tegen de zonde, gaan we bidden om de Heilige Geest. Jezus belooft in dit verband dat gebed te verhoren: ‘Bid, en u zal gegeven worden. (...) Als u, die slecht bent, uw kinderen goede gaven weet te geven, hoeveel te meer zal uw Vader, Die in de hemelen is, goede gaven geven aan hen die tot Hem bidden.’ Bij Lukas lezen we in plaats van ‘goede gaven’: de Heilige Geest. Dat is de beste gave voor volgelingen van Christus. Met die gave zijn we licht van de wereld, zout van de aarde, een stad boven op een berg en dragen we parels om ons leven te versieren en is het leven van een christen aantrekkelijk.
Concluderend horen we Jezus dan ook aan het eind van deze perikoop zeggen: ‘Alles dan wat u wilt dat de mensen u doen, doet u hun ook zo, want dat is de Wet en de Profeten.’ Laten we déze parels blijven dragen. Dat is de bedoeling.
Ds. H. Roseboom uit Kesteren is emeritus predikant.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 30 januari 2015
De Waarheidsvriend | 20 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 30 januari 2015
De Waarheidsvriend | 20 Pagina's