Vissers van mensen
Jezus zei tegen hen: Kom achter Mij, en Ik zal maken dat u vissers van mensen wordt. Markus 1: 14-18
In Peru hebben we in de afgelopen jaren heel wat jongeren ontmoet die vissers van mensen wilden zijn. Soms waren het jongeren die maar net tot een ander leven waren gekomen. Zij toonden een enthousiasme dat je warm en dankbaar maakt.
Heel graag wilden ze ‘de preekstoel’ op – soms is dat maar een gammel tafeltje – om Gods Woord door te geven om zo mensen te vangen. Maar opdat niet iedere week ‘dezelfde koets met een ander paard ervoor’ door de gemeente zou rijden, was en is het goed dat er in het zuiden van Peru (Ayacucho) een seminarie is gekomen, waar deze jongeren een vier- tot vijfjarige theologische studie kunnen ontvangen.
Mensen vangen vraagt immers om voorbereiding. Een Johannes de Doper was tot zijn dertigste in de woestijn en werd gesterkt in de geest. Jezus nam na zijn twaalfde toe in wijsheid en in grootte en in genade bij God en de mensen. Zullen ook de jaren van zijn twaalfde tot zijn dertigste geen voorbereidingstijd geweest zijn? Als Paulus mensen gaat vangen in Antiochië en op zijn zendingsreizen zijn er sinds zijn bekering bij Damascus verscheidene jaren verstreken. Mensen vangen vraagt dus om voorbereiding.
LEERLINGEN
Als Jezus onder anderen tegen een Simon en een Andreas (Mark. 1:17) zegt dat Hij zal maken dat ze vissers van mensen worden, dan heeft Jezus hen eerst bij Zich geroepen, zoals Hij dat ook met de andere discipelen doet (Mark.3: 14). Ze moeten eerst Hem volgen, ze moeten letterlijk achter Hem komen. Eerst worden ze leerlingen van Jezus om later anderen tot leerlingen te kunnen en te mogen maken (Matt.28:19). We zien bij de discipelen dat het er dan ook om gaat dat ze de Schriften moeten leren verstaan. Die Schriften, voor hen het Oude Testament, maakten hun duidelijk Wie Jezus was en waarvoor Hij gekomen was. Zo moesten ze eerst groeien in de band met Hem.
DICHTBIJ
Mensen vangen, mensen winnen begint met een leven dicht bij de grote Visser der mensen. ‘Kom achter Mij’, zegt Hij. Dat geldt voor ons net zo goed. Doen we dat niet, dan raken we gemakkelijk moedeloos bij de lege netten. Ligt hier voor ons als ouders, als ambtsdrager, als jongere of als oudere, die graag een mens wil vangen, een aanwijzing tot bezinning in? Moeten we misschien dichter bij de grote Visser der mensen leven om te leren? En moeten we dichter bij Zijn Woord leven door het te onderzoeken? Moeten we andere dingen doen dan tv kijken, facebook bijhouden, appjes versturen en beantwoorden? Hoe nuttig deze dingen ook kunnen zijn, mogen ze wat minder tijd van ons krijgen?
GEBED
Vissers van mensen worden, is geen bevel, maar een belofte. Aan het seminarie in Ayacucho zijn jongeren zich aan het voorbereiden om visser van mensen te worden. Dragen we hier in Nederland dit voorbereidingswerk in gave en gebed? Laat het voorbereidingswerk én het visserswerk daar en hier dan mogen voortgaan.
Ds. G.H. Nijland is predikant van de hervormde gemeente te Mastenbroek.
VISSERS VAN MENSEN
Bij het meer van Galilea
riep de Heiland vissers toe:
Voortaan zult u mensen vissen.
Ik leer u waarmee en hoe.
Kom en volg Mij. Het is hoogtij.
Ik, Ik ben het die het doe!
Netten hoeft u niet te maken,
want het vangnet is Mijn Woord.
Slechts moet u dit Woord vertalen;
Netwerk, enig in zijn soort.
Mensen vissen, ’t kan niet missen,
want u hebt Mijn Geest aan boord.
Zeeën, meren, oceanen,
vang Mijn vis daaruit volop.
Ook al weet Ik reeds het aantal,
Ik leg u geen quotum op.
Vis vrijmoedig overvloedig;
zet geheel uw hart daar op.
Als u meent het zelf te kunnen,
vist u telkens achter ’t net.
Dag en nacht laat Ik u vissen,
vruchtloos zwoegen tot en met.
Ga de netten slechts uitzetten.
in geloof en met gebed.
Ik zal steeds Mijn almacht tonen.
U roept blij: Het is de Heer!
Ik doe steeds de zee bedaren,
voor Mij legt de wind zich neer.
Vissen komen met de stromen.
Netten vullen zich dan weer.
Elke vis die werd gevangen,
werd zelf visser mettertijd.
Eén groot visserskoor zal zingen
aan het einde van de tijd:
Lof zij Christus, lof zij Ichthus.
U zij dank in eeuwigheid!
DS. W. KOK
(Melodie: ‘Eens als de bazuinen klinken’)
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 27 februari 2015
De Waarheidsvriend | 24 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 27 februari 2015
De Waarheidsvriend | 24 Pagina's