Globaal bekeken
In Wapenveld (‘over geloof en cultuur’) verschijnt van tijd tot tijd een ‘brief aan mijn kleinkind’. Ditmaal van prof. dr. W. Verboom. Een fragment.
Mijn vader was zeer vrijmoedig en sprak, met zwart pak en al, mensen in bus of trein, in winkel of park, hierover zonder aarzelen aan. Ooit zat hij met een stel militairen in een trein. Hij stelde hen voor samen te gaan zingen. Om beurten gaven ze een lied op. Toen mijn vader aan de beurt was, gaf hij Psalm 116:1 op: ‘God heb ik lief.’ Hij heeft de psalm alleen gezongen. Bij het uitstappen kwam een van de militairen naar hem toe en bekende onder tranen dat hij de psalm heel goed kende, maar niet mee durfde te zingen. Mijn vader heeft hem toen moed ingesproken. (…)
Hoe heb ik deze afkomst beleefd en hoe heeft dit het nu achter mij liggende leven gemaakt tot wat het is geworden? Graag vertel ik jullie daar ook iets over. Vanaf het moment dat ik me van mezelf en de wereld om me heen bewust werd, wist ik één ding zeker: ik word later dominee. Daarvoor ben ik in de wieg gelegd. (…) Dominee worden betekent uiteraard meteen een vraag naar je eigen geloofsleven. Hoe stond ik in het bevindelijke geloofsklimaat waarin ik opgroeide? Eigenlijk heel ontspannen. Ik heb me nooit van de wijs laten brengen door mensen met extreme bekeringsverhalen. Er ontwikkelde zich in mij een zekere vrijheid om met het aangereikte op mijn eigen manier om te gaan. Een voorbeeld. Ik kan me nog herinneren dat ik in de kerk zat als jongen van een jaar of twaalf en dat ik onder de collecte in de Dordtse Leerregels zat te neuzen. Ik vond ze prachtig. Thuisgekomen vertelde ik dat aan mijn vader. Die vroeg erop door en toen bleek dat ik in de dwalingen van de Remonstranten had zitten lezen en die zo mooi gevonden had. Toen ben ik in de echte Leerregels gaan lezen en die vond ik ook mooi. Ik had noch het een, noch het ander als dwaling verworpen. Toen ik later las over Willem Teellinck (1579-1629), de nadere reformator van Middelburg, merkte ik dat het bij hem ook ongeveer zo lag. Dat troostte mij.
***
Dr. H.J.C.C.J. Wilschut, die de overstap maakte van de Gereformeerde Kerken vrijgemaakt naar de Protestantse Kerk in Nederland, gaf hiervan een verantwoording in een boek Gebleven en meegegaan (uitg. Royal Jongbloed, Heerenveen).
Sinds 1979 ben ik predikant binnen de Gereformeerde Kerken (vrijgemaakt). (…) De ontwikkelingen in eigen kerkverband, de afkeer van afscheidingen die daar plaatsgrepen en de live ontmoeting met gereformeerd kerkelijk leven in de PKN hebben bij mij vanaf 2007/2008 een nieuwe bezinning op gang gebracht in het denken over de kerk. Ik ging (opnieuw) bij Calvijn en andere reformatoren te rade. En ik kreeg meer oog voor de bijbelse gronderegel: Waar het Woord is, is de kerk – en niet andersom. Het bracht mij tot de overtuiging dat de hervormdgereformeerde gemeenten te beschouwen zijn als de ware kerk in de zin van artikel 28 van de NGB, al beschouwde ik aanvankelijk het geheel van de PKN nog als een valse kerk. Voortgaande studie en overweging leidden ertoe dat ook in dit opzicht mijn denken zich heeft gewijzigd. Ik heb steeds meer begrip gekregen voor het argument in hervormd-gereformeerde kring: een kerk waar ruimte is voor het Woord, mag je niet afschrijven en verlaten als een valse kerk. Ik herkende er het onderwijs van Calvijn in, die zegt dat je een kerk pas mag verlaten wanneer daar officieel de grondwaarheden van het christelijk geloof worden ontkend en trouwe belijders worden buitengesloten of gedwongen worden om aan goddeloosheid mee te doen.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 6 maart 2015
De Waarheidsvriend | 24 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 6 maart 2015
De Waarheidsvriend | 24 Pagina's