‘Nog altijd stof te over’
Zeven voorgangers over preken in de lijdenstijd
Het lijkt wel alsof predikanten niet meer over de heilsfeiten durven preken. Op lijdenszondagen en in de adventtijd kun je deze klacht horen. Vinden predikanten het inderdaad moeilijk om de bekende thematiek te bepreken?
Een enkele keer gebeurt het dat je als trouw kerkganger op weg naar Kerst of Goede Vrijdag nauwelijks uit de evangeliën hoort preken. Of pas vanaf de derde of vierde lijdenszondag. Waarom? Vinden predikanten de geschiedenis te voor de hand liggend en gaan ze voor meer ‘originele’ bijbelteksten? Zijn ze mogelijk te druk?
De redactie vroeg een elftal voorgangers waarover zij dit en vorig jaar preekten en hoe zij dat ervaren. Zes predikanten en een proponent reageren op deze pagina. Twee predikanten lieten weten hiervoor geen tijd te hebben, terwijl er van twee andere predikanten geen reactie kwam.
Hoe dat zij, wie onder het gehoor van ds. W. Arkeraats, emeritus predikant te Hardinxveld-Giessendam, zat, zal niet te klagen hebben gehad. ‘Het is mijn overtuiging dat in de lijdensweken ook écht lijdensstof moet worden gepreekt’, laat hij weten. Hij kwam inmiddels 45 keer met het lijdensevangelie naar de gemeente toe, afgezien nog van de catechismuspreken over Jezus’ lijden en sterven, die buiten de lijdenstijd gehouden werden.
‘Ook na deze jaren van ambtelijke dienst is de vreugde nog even groot – zo niet groter – om me in de stof te verdiepen en te proberen het geheimenis van het lijden en sterven van de Middelaar te vertolken. De evangeliën leveren zoveel stof tot overdenking en verkondiging, dat ik de lijdenstijd altijd als kort heb ervaren. Alle jaren blijft er stof over waarover ik graag zou willen preken. Dat is te danken aan de rijkdom van het Evangelie. Het is immers een onuitsprekelijk wonder dat Christus Zichzelf in de dood overgaf tot verzoening van de zonden. Daar komen we ons leven lang niet over uitgedacht, laat staan uitgepreekt.’
Ds. Arkeraats geeft in de lijdenstijd de voorkeur aan een gedeelte uit de evangeliën, al koos hij in de loop van de jaren ook gedeelten uit het Oude Testament en uit de brieven van de apostelen. ‘De geschiedenissen in de evangeliën zijn voor kinderen toch wel wat begrijpelijker. Misschien gaf dit laatste min of meer spontaan wat kleur aan de tekstkeuze.’
DS. E. VAN WIJK
Hei- en Boeicop
‘Ik zorg ervoor dat ik niet te veel diensten heb in de lijdenstijd. Wat thematiek betreft probeer ik de breedte te behandelen en laat ik meerdere facetten van de verzoening naar voren komen. Omdat de gemeente vermoedelijk specifieke teksten over het lijden van Christus verwacht, voel ik me enigszins beperkt. Dit jaar preek ik over Klaagliederen 3:26 (wachten op het heil van de Heere), Mattheüs 5:11 (Zalig als men u vervolgt), Markus 11:11 (intocht in Jeruzalem), Johannes 12:21c (wij willen Jezus graag zien (H.A.)), Johannes 12:24b (tarwekorrel in de aarde (nabetr.H.A.)), Psalm 58:12 (loon voor de rechtvaardige), Lukas 22:42 (niet Mijn wil, maar de Uwe geschiede) en Mattheüs 27:51b (bevende aarde en scheurende rotsen). Vorig jaar was dat over Lukas 9:56 (waarom de Zoon des mensen is gekomen (H.A.)), Lukas 9:51 (Jezus naar Jeruzalem), Lukas 22:54c (Petrus volgt op afstand), Filippenzen 2:11 (belijden dat Jezus Christus de Heere is) en op Goede Vrijdag over Lukas 23:43 (heden zult u met Mij in het paradijs zijn).’
Wat ontdekte u dit jaar?
‘Niet iets totaal nieuws.
Wel grepen de woorden van de Heere Jezus in Johannes 12 me aan: ‘En als iemand Mij dient, zal de Vader hem eren’ (vs.26). Een onvoorstelbaar grote gedachte is dat.’
G.M. VAN MEIJEREN
proponent te Katwijk aan Zee
‘Het lijkt mij moeilijker om een ‘oude’ preek te houden dan over dezelfde thematiek te preken. Neem nu Lukas, die heeft alleen al een geweldige schrijfstijl. Het is onschatbaar als je ziet hoeveel geheimen van heil ons daardoor worden toevertrouwd. Sinds ik voorga – nu ongeveer twee jaar – ben ik veel bezig geweest met het evangelie volgens Lukas. Zo preek ik deze weken over Lukas 11:1-13 (gebedsverhoring), Lukas 22:31-32 (Jezus heeft voor Petrus gebeden) en Lukas 23:27- 31 (het groene hout). ‘Vorig jaar preekte ik minder dan nu, waardoor ik toen één preek voor de lijdenstijd maakte, namelijk over Lukas 23:34-35 (Jezus’ eerste kruiswoord).’
Wat ontdekte u?
‘De vormgeving en ordening van de teksten doen bij Lukas helemaal mee om de boodschap over te dragen. Ik kan daarvan niet alles verwerken in een preek, maar het bepaalt wel mijn lezen. Zo loopt er bijvoorbeeld een lijn tussen de verzoeking in de woestijn (Luk.4) en Jezus Die vertelt over gebedsverhoring op de lijdensweg (Luk.11). Waarom anders de prominente rol die het brood, het koninkrijk, de boze en de Heilige Geest in beide gedeelten spelen? Zo’n leeservaring is een blijde ervaring.’
DS. J.A.H. JONGKIND
Brandwijk
‘Het is vooral mooi elk jaar weer over de lijdensstof te preken. Je wilt graag een goed woord van de Meester spreken. De lijdensstof geeft je daar alle gelegenheid voor. Het is ook moeilijk. Wie al wat langer predikant is, heeft immers al over heel wat teksten gepreekt. Het is soms ingewikkeld om dan weer op nieuwe, frisse gedachten te komen. Dit jaar preek ik over Psalm 127 (‘Gods onmisbare zegen’, rond het H.A.), Johannes 5:7m (Ik heb geen mens), Lukas 22:27b (Als iemand die dient), 2 Thessalonicenzen 3:3 (belijdenis), Markus 14:50-52 (een jongeman vlucht), Markus 14:14m (Profeteer!) en Markus 15:42-47 (de begrafenis). Vorig jaar was dat over Psalm 40:8 (Zie, Ik kom!), Jesaja 53:1-3 (Wie heeft onze prediking geloofd?), Jesaja 53:6 (dwalen als schapen), Jesaja 53:8 (Hij is afgesneden); Mattheüs 16:24 (je kruis opnemen), Markus 15:21 (Simon van Cyrene) en Mattheüs 27:21 (Barabbas).’
Wat ontdekte u dit jaar?
‘Mij raakte in het bijzonder het houden van de preken over Johannes 5:7m en Lukas 22:27b. De misschien wat minder voor de hand liggende invalshoek voor wat betreft het lijden van Christus bleek voor mij een voordeel.’
DS. W.C. MEEUSE
emeritus predikant te Sliedrecht
‘Het is niet moeilijk ieder jaar weer stof te vinden. In iedere preek staat immers het kruis van Christus opgericht. En er is een overvloed van stof, zowel in Oude als het Nieuwe Testament. Dit jaar preek ik over Johannes 11:49-50 (raad van Kajafas), Openbaring 5:9,10 (nieuw lied in de hemel), Johannes 3:14,15 (verhoogde slang), Jesaja 53:3,4a (Hij was veracht), Lukas 23:28 (de dochters van Jeruzalem). Vorig jaar was dat over Johannes 1:29b (Zie, het Lam Gods), Klaagliederen 1:12 (een klaaglied), Jesaja 53:3,4a (Hij was veracht), Zondag 4 (God is rechtvaardig), Mattheüs 21:9b (Hosanna), Zondag 5 (er moet betaald worden), Klaagliederen 3:22-24 (Gods goedertierenheden), Mattheüs 26:63 (Jezus voor Kajafas), Mattheüs 4:19b (Volg Mij na), Mattheüs 26:63 (Jezus voor Kajafas) en op Goede Vrijdag over Mattheüs 27:5b,6 (deze Mens was Gods Zoon).’
Wat ontdekte u dit jaar?
‘Bij de preek over de intocht in Jeruzalem viel me op dat het ‘Hosanna’ een gebed bevat: ‘Heere, help toch’ (Ps.118). Bij het voorbereiden van een preek over de verhoogde slang in de woestijn zag ik dat Jezus deze geschiedenis aanhaalt in het gesprek met Nicodemus als antwoord op de vraag hoe de wedergeboorte kan plaatsvinden, namelijk door te zien op Jezus.’
DS. C.G. VISSER
Rijssen
‘Het lijden en sterven van Jezus wordt in de verschillende evangeliën zo nauwkeurig beschreven, dat we Zijn weg haast van uur tot uur kunnen volgen. Er gebeurt zo veel dat ik elk jaar weer nieuwe dingen ontdek. Dit jaar preek ik over Mattheüs 15:21-28 (Kananese vrouw), Mattheüs 26:14-16 (verraad van Judas), Mattheüs 27:24 (Pilatus) en Mattheüs 27:46 (Waarom hebt U Mij verlaten?). Vorig jaar was dat over Johannes 11:35 (Jezus weende), Johannes 18:37-38 (veroordeling door Pilatus), Johannes 19:23-24 (kruisiging), Johannes 19:26-27 (Vrouw, zie uw zoon) en Kolossenzen 2:14 (aan het kruis genagelde handschrift).’
Wat zag u dit jaar voor het eerst?
‘Opnieuw kom ik onder de indruk hoezeer de Heere Jezus de regie Zelf in de hand heeft. Alles wat met Hem gebeurt, is al voorzegd door de profeten en werkt mee aan Gods bedoeling.’
DS. A. BLOEMENDAL
Groot-Ammers
‘Voor mij is het geen enkele moeite elk jaar dezelfde thematiek te bepreken. Ik zit absoluut niet vast aan enkele gedeelten die op directe wijze vanuit de evangeliën spreken over sterven en opstanding van Christus. Ik preek graag vanuit allerlei invalshoeken over de heilsfeiten die de totale Bijbel ons aanreiken. Dit jaar preek ik in de lijdenstijd over Hebreeën 6:1 (doorgaan tot de volmaaktheid), Zondag 4 (God is rechtvaardig), Hebreeën 7:25 (Hij kan volkomen zalig maken), 1 Korinthe 13:7b (de liefde gelooft alle dingen), Hebreeën 9:14 (Christus’ bloed reinigt), Hebreeën 9:16 (de dood van de testamentmaker), Hebreeën 10:14 (één offer), Hebreeën 10:23-26 (de belijdenis vasthouden), Hebreeën 11:1 (het geloof ) en op Goede Vrijdag over Mattheüs 27:50-53 (Jezus sterft). Vorig jaar over 1 Korinthe 13:4b (de liefde is vriendelijk); 1 Korinthe 13:5b (de liefde wordt niet verbitterd); 1 Korinthe 13:7a,d (de liefde bedekt en verdraagt alle dingen); 1 Korinthe 13:7b (de liefde gelooft alle dingen); Johannes 18:37 (Jezus voor Pilatus), Genesis 1:26 (schepping van de mens; doopdienst); 1 Korinthe 13:8a (de liefde vergaat nooit; belijdenisdienst).’
Wat ontdekte u dit jaar?
‘Wat mij opviel bij de prediking over de Hebreeënbrief is de eenheid van Oude en Nieuwe Testament en tegelijk in welke rijke mate het Nieuwe Testament de vervulling van het Oude is.’
DS. W. ARKERAATS
emeritus predikant te Hardinxveld-Giessendam
‘Al zijn er vele aspecten in de worsteling om het Woord aan het hart van de hoorders te leggen, toch ervaar ik het als een groot voorrecht om van deze rijke schat iets te mogen uitdelen in de bediening der verzoening. Te meer wanneer de Heere ook de prediker iets doet smaken van de liefde van Christus. Dit jaar preek ik in de lijdenstijd over Markus 6:34 (de lijdende Hogepriester met ontferming bewogen), Lukas 22:43 (Jezus door een engel versterkt), Mattheüs 26:36-46 (Jezus’ zielenstrijd en de slapende discipelen), Mattheüs 26:50a (Vriend, waartoe bent u hier), Mattheüs 27:1-10 (Judas’ levenseinde), Openbaring 5:6a (het Lam, staande als geslacht), Mattheüs 27:47-49 (laat Elia komen!) en op Goede Vrijdag over Galaten 2:20 (met Christus gekruisigd). Vorig jaar was dat over Lukas 22:31-34 (Petrus voor satans verzoeking gewaarschuwd), Markus 15:18 (Wees gegroet, Koning der Joden), Johannes 19:17 (Jezus weggeleid, dragende Zijn kruis), Markus 15:28 (met de misdadigers gerekend (voorber.H.A.)), Lukas 23:39-43 (de moordenaar gered), Mattheüs 26:46 (door God verlaten) en Johannes 19:38-43 (Jezus’ begrafenis).’
Wat ontdekte u dit jaar?
‘Ik word doorlopend verrast door het lijdensevangelie. Ik preekte in Werkendam over Christus Die met het zicht op Zijn lijden met ontferming bewogen was en zag bij Hem een ongekende teerheid. Ook viel me op dat deze mensen eigenlijk alleen met hun ‘uiterlijke’ nood tot Jezus schenen te komen. Hij hielp hen en wees tegelijk op het ene nodige. Een heerlijk evenwicht.’
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 20 maart 2015
De Waarheidsvriend | 24 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 20 maart 2015
De Waarheidsvriend | 24 Pagina's