De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

‘Om onzentwille’

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

‘Om onzentwille’

Ad den Besten dichtte lied over verzoening

3 minuten leestijd

In Romeinen 5 verwoordt Paulus de diepere betekenis van Christus lijden en sterven: Wij dan, gerechtvaardigd uit het geloof, hebben vrede bij God door onze Heere Jezus Christus. Ad den Besten schreef er een lied over.

De onopgeefbare kern van de verzoening hebben dichters op poëtische wijze verwoord: Jezus Christus, Gods Zoon, heeft geleden en is gestorven voor ons zondaren. Voor die verwoording in poëzievorm mogen we dankbaar zijn in onze geseculariseerde tijd, waarin Jezus voor velen hooguit een bijzonder mens is geweest of waarin zelfs aan het historisch bestaan van Jezus wordt getwijfeld.
Ik denk hier in het bijzonder aan de dichter Ad den Besten (1923), die blijkens zijn vele gedichten en liederen gedurende een halve eeuw zeer actief is geweest op het terrein van de christelijke poëzie. Hij heeft diverse lijdensgedichten en lijdensliederen geschreven. Eén daarvan is ‘Sinds Gij de dood zijt ingegaan’, dat ook is te zingen als lied.

OPBOUW
Het driestrofige gedicht heeft een duidelijke opbouw. De eerste strofe gaat over het kruis op Golgotha: het is een symbool van de haat tegen Gods liefde en wij mensen kunnen door haat die liefde weerstaan. De tweede strofe geeft de kernbetekenis aan van Christus’ lijden: Hij leed en stierf ‘om onzentwille’ en om tot dat inzicht te komen is de werking van de Heilige Geest onmisbaar. In het verlengde daarvan – de werking van de Heilige Geest – benadrukt de derde strofe dat een ‘vijand Gods’ − zelfs wie spottend geroepen heeft: ‘Laat Zijn bloed maar komen over ons...’ (Mat.27: 25) − kan worden ‘herboren’ tot een mens die, dankzij Christus’ offer aan het kruis, ‘vrede’ heeft met God. Door de Heilige Geest worden vijanden getroffen door de pijlen van Gods liefde in Jezus Christus.

PAULUS
De formulering van de slotregel − ‘vrede (…) met God’ − is een regelrechte verwijzing naar het eerste vers in Romeinen 5: ‘vrede bij God door onze Heere Jezus Christus.’ Den Besten plaatste dan ook boven het gedicht de informatieve mededeling: ‘Een lied (…) bij Romeinen 5:1-11.’ Als we het gedicht nauwkeurig lezen, vallen veel meer woordelijke overeenkomsten met Romeinen 5 op, zoals ‘Gods liefde’ in strofe 1 (zie Rom.5:5,8), ‘Gods Geest’ in strofe 2 (zie Rom. 5:5) en ‘vijand Gods’ in strofe 3 (zie Rom.5:10).

UITDRUKKING
Onopgeefbaar in onze belijdenis is het feit dat Christus heeft geleden en is gestorven (en daarna is opgestaan). En over het ‘waarom’ daarvan is de dichter heel duidelijk: het gebeurde allemaal ‘om onzentwille’ − ter wille van ons – om zondaren te redden.
Een goede dichter maakt gebruik van arrangement, bijvoorbeeld door een opvallende woordkeuze of een ongebruikelijke woordvolgorde, om zo het meest wezenlijke te accentueren. Een mooi voorbeeld hiervan is de formulering ‘om onzentwille’. Deze uitdrukking is archaïstisch geworden (ongebruikelijk, verouderd) – iets wat de dichter natuurlijk heeft beseft – maar valt juist daardoor des te sterker op.
De plek waar Den Besten ‘om onzentwille’ plaatst lijkt ook niet toevallig: exact in het midden van het gedicht. Daardoor krijgt de formulering het karakter van een scharnier naar de tweede helft van het gedicht, uitlopend op de slotregel ‘een mens die vrede heeft met God’.
Vrede alleen door Christus’ offer.


SINDS GIJ DE DOOD ZIJT INGEGAAN
Sinds Gij de dood zijt ingegaan,
zie ik uw kruis, o Christus, staan
in ’t hart der aarde: ’s mensen haat
weerstaat Gods liefde metterdaad.

O Heer, ik wist niet wat ik deed,
wist niet dat alles wat Gij leed
om onzentwille is geweest, −
ik weet het niet dan door Gods Geest.

Die heeft geroepen om uw bloed,
een vijand Gods, − hij vond voorgoed
zich in uw dood herboren tot
een mens die vrede heeft met God.


Dr. J. de Gier uit Ede is neerlandicus.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 20 maart 2015

De Waarheidsvriend | 24 Pagina's

‘Om onzentwille’

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 20 maart 2015

De Waarheidsvriend | 24 Pagina's