De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Boekbespreking

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Boekbespreking

4 minuten leestijd

René van der Rijst
De uitzaaiing van het Woord. Homiletiek in het spoor van Derrida.
Boekencentrum Academic, Zoetermeer; 260 blz.; € 24,50
.
Dit boek diende oorspronkelijk als proefschrift. Nu zijn proefschriften niet altijd voor een breed publiek toegankelijk. Toch is de auteur er in geslaagd om vrij abstracte materie helder te beschrijven. Niet dat het daarmee voor een willekeurig gemeentelid onmiddellijk leesbaar is, maar er is niet veel achtergrondkennis nodig om de inhoud toch te kunnen waarderen. De aard van die waardering zal sterk verschillen, afhankelijk van de confessionele voorkeur van de lezer.
De auteur is René van der Rijst, predikant van de protestantse gemeente van Haarlem-Noord en Spaarndam en sinds vorige maand voorzitter van de stuurgroep van Op Goed Gerucht, die ook de zogenaamde Doornse catechismus publiceerde. Uit dit proefschrift blijkt eens te meer hoe ver Doorn en Heidelberg uit elkaar liggen. Niettemin zijn de vragen die in het proefschrift beantwoord worden relevant genoeg om ook als gereformeerd belijder van dit boek kennis te nemen.
‘Is Derrida ook onder de homileten?’, is de eerste vraag die bovenkomt bij het zien van de titel. Men zou deze postmoderne filosoof niet direct associëren met de predikkunde. Toch is dat ten onrechte, blijkt uit dit proefschrift. Derrida heeft zich wel degelijk beziggehouden met theologische aangelegenheden, al is hij geen homileet.
Hierin ligt dan ook de wetenschappelijke bijdrage van dit proefschrift: het theologische en filosofische denken van Derrida vertalen naar de homiletiek, mede door dit te confronteren met het denken van een aantal hedendaagse homileten.
De kern van het discours van dit proefschrift is de vraag naar de representatie. In de klassieke predikkunde wordt ervan uitgegaan dat de prediking een bepaalde waarheid present stelt. De mogelijkheid daartoe wordt in dit proefschrift op basis van het denken van Derrida in twijfel betrokken. Onze tijd geeft daar alle aanleiding toe, zo laat ds. Van der Rijst zien. Zowel de plaats van de predikant als van de hoorders wordt in de representatiebenadering te veel weggedrukt en velen ervaren de waarheid die in de klassieke prediking present gesteld wordt als iets afstandelijks, dat hen niet vanzelfsprekend raakt. Ook de verwachtingen ten aanzien van de taal waarin de te representeren waarheid gegoten moet worden, zijn volgens Derrida niet waar te maken, omdat er volgens hem en veel andere filosofen geen één-op-één correspondentie is tussen taal en werkelijkheid.
Ds. Van der Rijst wil Derrida gebruiken om te komen tot een alternatieve benadering van de prediking, nadat hij zich eerst heeft georiënteerd op andere (post)moderne homileten. Voor Derrida stelt een tekst nooit eenduidig een bepaalde inhoud voor. Van der Rijst bespreekt vier aspecten van zijn denken en betrekt deze steeds op de homiletiek. Vervolgens gaat hij is gesprek met de New Homiletics beweging, die meer aandacht vraagt voor de rol van prediker en hoorder. Maar voor Van der Rijst gaat deze beweging niet ver genoeg, omdat ook hier de representatiegedachte nog steeds vrijwel onveranderd gehandhaafd wordt. Ook de benadering van de preek als ‘open kunstwerk’ bevredigt volgens Van der Rijst niet. Daarom komt hij vanaf hoofdstuk 7 met een eigen benadering waarin Derrida vergaand verwerkt is. Door Kant en Derrida met elkaar te vergelijken en gebruik te maken van onder meer de conversational preaching benadering, kan hij scherper aangeven hoe een werkelijk postmoderne homiletiek er uit zou zien.
Het laatste hoofdstuk is verhelderend en laat wat mij betreft de armoede van deze benadering schrijnend zien. Zeker, een variatie aan hoorders wordt in het verhaal getrokken, herkent zich, voelt zich begrepen, maar heeft dan ook niets meer om zich aan op te trekken. Het Woord is zo vrijblijvend geworden dat alle zeggingskracht er uit is. Ik blijf ten slotte met mezelf over. Ik begrijp hoe de auteur op basis van de analyse van de tijdgeest huiverig is om de hoorder een waarheid op te dringen waar hij niet om vraagt, maar als dit het alternatief is, dan is dat het einde van de prediking en van de kerk. Dit bevredigt niet, want het biedt niets. Ik word geacht zelf alles al te hebben en mee te brengen naar de preek. Het Woord dat op die manier uitgezaaid wordt, bereikt zelfs het verharde pad niet, maar blijft daarboven en boven de hele akker zweven. Hoe knap en toegankelijk het proefschrift ook is, het laat een gereformeerd belijder achter met een gevoel van vervreemding en teleurstelling.
M.J. DE VRIES, PAPENDRECHT

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 22 mei 2015

De Waarheidsvriend | 24 Pagina's

Boekbespreking

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 22 mei 2015

De Waarheidsvriend | 24 Pagina's