Globaal bekeken
Prof.dr. G. Harinck volgde de reis die Abraham Kuyper ooit maakte en beschreef in Rondom de oude wereldzee (1905). Kuyper schreef negentig brieven aan zijn kleinkinderen. Harinck schrijft erover.
Herman, zijn oudste zoon, was geboren op 22 juli, in de vakantietijd, en dat betekende bijna altijd dat Kuyper omwille van de rust dan op een andere plek verbleef dan zijn gezin. Zodoende schreef hij Herman vaak een brief voor zijn verjaardag. Keer op keer herinnerde hij daarin aan Hermans geboorte en beschreef met dramatische formuleringen hoe zijn moeder bijna in de bevalling gebleven was. Too (Kuypers dochter, v.d.G.) kreeg nu ook zo’n herinnering:
Die 30 november blijft voor altoos een dag van heilig gedenken voor me! 29 november 1876 kwam ik ’s avonds uit Rome te Nice aan. ’s Nachts reeds overkwam onze lieve moeder de barensweeën. O, Too ik heb die nacht zo geleden. Het ging zo bitter hard voor die lieve moeder. De arts kwam mij ongenoegzaam voor. Zelf was ik toen nog in-krank in hoofd en zenuwen. En toen liep ik alleen uit, de stad in, om bij een apotheker medicijnen te halen. Maar halfweegs kon ik niet meer, en toen ging ik gaan staan leunen tegen een muur, het oog naar boven, naar mijn trouwe Vader, om redding voor moeder en om jouw leven. Die bede is verhoord, en al ging moeder sinds van ons, in jou bleef me een lief heerlijk kind, waar ik liefde aan heb. Kuyper had goed nieuws op haar verjaardag: de negatieve trekjes waren afgezwakt en wat bleef was de heerlijke warmte in je gemoedsleven en je lieve wijze van dit te uiten. Dit is een heerlijk iets, dat in jou sterker ontwikkeld is dan in de anderen en wat me zo verkwikt. In mijn aard is ook iets van dat warme, en daarom doet je liefheid me zo goed aan het hart. Je brief op mijn verjaardag was zo innig lief. Ik heb er in genoten, o, lieveling, en ga zo voort. Overwin de Boze ook in je aanleg geheel, en laat de bloem in je hart zich vol ontplooien, en ook je oude vader nog recht dikwijls verkwikken met zijn uitgeuring van tederheid.
***
In een nieuwsbrief van de stichting Lux in tenebris, die de faculté Jean Calvin in Aix-en-Provence steunt, stond een column van een oud-studente: ‘Als een zalm in het water’.
Zoals de vis zich thuis voelt in het water, zo voelt ook de Fransman zich op zijn best in het land van stokbrood, kaas en wijn. Maar wat als deze vis nu iets anders is dan de andere vissen? Hij blijft een vis, maar tegelijkertijd is hij anders. Tijdens een studentenmaaltijd – juist, met stokbrood en kaas, de wijn ontbrak deze keer – vroeg ik wat het betekent om christen te zijn in Frankrijk. Wat met name naar voren kwam is dat dit om weerstand vraagt. Een christen hanteert andere morele waarden en verzet zich tegen de opvattingen die leven in de Republiek. Als protestant behoor je tot de kleine minderheid praktiserende christenen (minder dan vijftien procent, katholiek en protestant samen genomen) in Frankrijk, en zwem je dus tegen een grote stroom in. Theologie studeren, zo ging het gesprek verder, helpt niet alleen je kennis te vermeerderen om deze vervolgens over te brengen in de kerk of de maatschappij, maar ook, voor jezelf, om afstand te nemen van deze grote denkstroom en een ander denksysteem te ontwikkelen, dat een andere visie heeft op de wereld dan wat men leert in de maatschappij, en deze verschillen te accepteren. Om een meer toegeruste zalm te zijn in het zwemmen tegen de stroom in, een stroom die steeds sterker lijkt te worden.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 5 juni 2015
De Waarheidsvriend | 24 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 5 juni 2015
De Waarheidsvriend | 24 Pagina's