De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Boekbesprekingen

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Boekbesprekingen

6 minuten leestijd

Philip C. Almond
De duivel. Een biografie.
Uitg. Meinema, Zoetermeer; 296 blz.; € 22,90.

In deze rijk gelaagde ‘biografie’ verkent Philip C. Almond, emeritus hoogleraar in Australië, de ‘levensloop’ van de duivel vanaf zijn ‘geboorte’, ongeveer 500 jaar voor het ontstaan van het christendom, tot zijn ‘neergang’ in de Verlichting. Vanaf het begin is de duivel eeuwenlang een belangrijke speler in onze westerse cultuur. Vandaag lijkt de prins der duisternis bezig aan een terugkeer, na jaren van ‘afwezigheid’. De duivel is onweerstaanbaar aanwezig in religie, kunst, literatuur en cultuur. De terugkeer van de duivel in de West-Europese volkscultuur maakt deel uit van een nieuwe westerse betrokkenheid op een ‘betoverde wereld van bovennatuurlijke wezens’. Dit is ingebed in een hernieuwde actuele reeks esoterische en occulte technologieën, die als betekenisgeving dienen waar wetenschap noch feitenkennis bruikbaar zijn.
Of we al dan niet in de duivel geloven, is tegenwoordig in onze cultuur een kwestie van kiezen. Zo was het niet altijd. Het grootste deel van de afgelopen twee millennia was het even onmogelijk om niet in de duivel te geloven als in God. Dit zegt het een en ander. De vraag kan dan worden gesteld hoe authentiek ons geloof in God is als de aanvechting door de duivel grotendeels afwezig is. Voor Luther was de duivel een concrete realiteit en de aanvechting (die Anfechtung) een onmisbare component in zijn theologie en prediking.
Hoewel de duivel nog altijd ‘leeft’ in de moderne volkscultuur, is hij de afgelopen 250 jaar in het heersende intellectuele denken in het Westen een marginale figuur geworden. Het is het doel van Philip Almond om de moderne lezer beter inzicht te geven hoe, vanaf het begin van de moderne wereld, de geschiedenis van de mens niet verteld kon worden, noch het menselijke leven geleefd kon worden, los van het bestaan van de duivel. Het hart van de geschiedenis in de afgelopen tweeduizend jaar werd gevormd door de strijd tussen goed en kwaad in de harten en gedachten van mensen als weerspiegeling van een kosmische strijd tussen God en satan, tussen het goddelijke en het diabolische. Dit kosmische dualisme was echter relatief, niet absoluut. Net als in de Joodse demonologie bleef de christelijke pendant uitgaan van de absolute soevereiniteit van God alleen. Dit boek wil daar meer inzicht in geven, waarbij ieder hoofdstuk wordt ingeleid met een bijbeltekst. Enkele afbeeldingen in zwart en in kleur verlevendigen het geheel. Het was voor mij een eyeopener om te zien dat Calvijn zich, bij de openbare verbranding van de ketter Servet, ‘fundamentalistisch’ baseerde op de bijbeltekst Exodus 22:17: ‘Een tovenares mag niet in leven blijven.’ Evenals de roomse inquisitie trouwens. En bij het verbondsdenken in het puritanisme van William Perkins behoorde ook het tegendeel dat men een verbond (pact) met de duivel kon sluiten. In het tegenwoordige occultisme komt dit trouwens opnieuw voor. Exorcisme was een veelvuldig voorkomende praktijk in de Middeleeuwen en daarna, wat gecontinueerd wordt tot op de dag van vandaag.
In zijn De Betoverde Wereld stelde de protestantse theoloog Balthasar Bekker (1634-1698) dat demonologie een onwettige inbreuk op het judaïsme en het vroege christendom door het heidendom was. Halverwege de achttiende eeuw waren de intellectuele omstandigheden dusdanig gewijzigd dat er ten minste onder een aantal ‘geletterden’ zowel religieus als niet religieus, ruimte kwam om het nietbestaan van de duivel te overwegen. Als een seculiere geschiedenis van het ‘concept’ duivel mag dit boek bijdragen aan de erkenning van de centrale plaats die de duivel speelde en nog altijd speelt in de geschiedenis van ons allen. Deze ‘biografie’ biedt geen opgewekte lectuur, maar is wel in staat ons op te wekken en wakker te houden.
C.A. VAN DER SLUIJS, VEENENDAAL


Drs. D. van Meeuwen (red.)
Bronnen voor NU. Opvattingen over opvoeding en onderwijs in Reformatie en nadere Reformatie.
Uitg. De Banier, Apeldoorn, 328 blz.; € 29,95.

Je hoeft maar een willekeurige krant op te slaan om te zien dat in onze tijd opvoeding en onderwijs meer dan gewone belangstelling krijgen. Tegelijk valt op dat de opvattingen over wat goed is voor kinderen en jongeren ver uiteenlopen. Iedere schrijver, zo lijkt het, koestert zijn eigen inspiratie. Te midden van deze verwarring is het een uitstekend idee om een bronnengids samen te stellen met opvattingen over opvoeding en onderwijs in de Reformatie en de Nadere Reformatie. Veertien auteurs, die allemaal op de een of andere manier verbonden zijn of waren met het Van Lodenstein College, hebben dat werk op zich genomen. De bedoeling van hun boek is dat ouders, leraren en catecheten zich laten inspireren en stimuleren door onder andere Luther, Calvijn, De Swaef, Wittewrongel, Van Lodenstein en Fruytier.
Het is inderdaad een inspirerend boek geworden, waarbij je op wezenlijke vragen stuit. Wanneer Luther vaders ‘priesters in hun gezin’ noemt, wat betekent dat dan voor vaders in deze tijd? Calvijn benadrukt dat ouders en predikanten zelf moeten beantwoorden aan de leer waarin zij kinderen onderwijzen. Dat houdt onder meer in dat op bijbelse gronden een autoritaire opvoeding afgewezen moet worden. Wat betekent dit voor de discussie over straffen, thuis en op school? Inspirerende gedachten worden ook gegeven in het hoofdstuk over De Swaef. Als een moeder haar baby aan de borst heeft, geeft zij niet alleen maar te drinken. Met de moedermelk zuigt het kind namelijk ook moeders liefde in zijn hart. Een kijk op de moeder-kindrelatie die in de moderne gehechtheidstheorie al tientallen jaren de volle aandacht krijgt. De auteurs hebben het zich niet gemakkelijk gemaakt. Er is ter voorbereiding van dit boek veel studie verricht. Hoe omvangrijk ook, toch is het boek niet compleet. In de titel is sprake van ‘bronnen voor nu’. Maar de toepassing van alle gedachten in het ‘nu’ blijft helaas onderbelicht. In het laatste hoofdstuk worden weliswaar enkele lijnen naar de toekomst getrokken, maar die gelden alleen het onderwijs. Wat ik in het boek mis is een systematische toepassing van de genoemde opvoedingsprincipes voor de gezinsopvoeding, het catechisatielokaal en de schoolklas. Nu blijft het bij een opstapeling van gegevens, terwijl de lezer aan het eind van het boek nieuwsgierig blijft naar de dwarsverbanden tussen de opvattingen van de verschillende Reformatoren en Nadere Reformatoren over bijvoorbeeld de afhankelijkheid van opvoeders, de verantwoordelijkheid van ouders, de invloed van de cultuur, de gezindheid van leraren of de toekomstverwachting van opvoeders. Of is dat misschien huiswerk voor de lezer?
J. STOLK, LUTJEGAST

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 12 juni 2015

De Waarheidsvriend | 24 Pagina's

Boekbesprekingen

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 12 juni 2015

De Waarheidsvriend | 24 Pagina's