HEEMSTEDE
Pastorieën [2, ds. Nicolaas Beets]
Nicolaas Beets (1814–1903) is een van de meest geliefde dichters en schrijvers van de negentiende eeuw. Blijvende roem verwerft hij met de ‘Camera Obscura’. De gevierde dichter en schrijver kiest echter geen verdere letterkundige loopbaan. Hij wordt predikant in Heemstede.
Geheel in de ban van de grote Engelse romanticus Byron schrijft Beets in zijn jonge jaren romantisch-heroïsche verzen. Deze maken hem beroemd en geliefd bij zijn al evenzeer romantische tijdgenoten. Hij is vooral bekend gebleven vanwege de Camera Obscura (1839), die getypeerd is als een monument van burgerlijk realisme en geroemd vanwege zijn scherpe waarneming en meesterlijke stijl. Naar een woord van de befaamde negentiende-eeuwse literatuurcriticus Busken Huet zal de Camera steeds vooraan in de rij van onze beste prozawerken blijven staan. Als dominee-dichter wordt Beets echter voorwerp van geringschatting en verguizing. Daar zorgen de Tachtigers voor en in hun voetspoor generaties van literatuurhistorici.
AFSCHEID
Nicolaas Beets kiest geen verdere letterkundige loopbaan. Na de afsluiting (1839) van zijn theologiestudie in Leiden wordt hij predikant. Op 4 september 1840 trouwt hij met Alide of Aleida van Foreest (1818-1856). Een maand later, op 4 oktober, doet hij zijn intree in Heemstede en betrekt hij samen met zijn vrouw de nog steeds bestaande pastorie aan de Wilhelminalaan. Ds. Beets blijft daar tot 1854.
Met zijn predikantschap nam Beets definitief afscheid van zijn jeugd. In zijn opstel met de veelzeggende titel De zwarte tijd wraakt hij zijn vroegere al te romantische poëzie, de geestelijke dronkenschap waarin Byron hem had gebracht.
De bewierookte romantische dichter en de schrijver van de Camera met zijn fijnzinnig-ironische beschrijving van de negentiendeeeuwse standenmaatschappij, is nu dorpspredikant geworden en ontwikkelt zich tot een gezien lid van kerk en samenleving. Hij zou nog vele bundels huiselijke poëzie het licht doen laten zien.
METAFORMOSE
Hij ondergaat een metamorfose waarvoor literatuurhistorici weinig begrip en waardering kunnen opbrengen. Hoe is het mogelijk, zo schrijft bijvoorbeeld dr. K. Heeroma, dat een zo veelbelovend talent zich na zijn zesentwintigste jaar, als de Camera is verschenen, een leven van gekroonde onbenulligheid heeft laten welgevallen. En Godfried Bomans, die er overigens verre van was persoon of werk van Beets bespottelijk te ma maken, had hem wel door elkaar willen schudden, hem willen vragen waarom hij met zijn talent maar één Camera heeft geschreven en hij spreekt hem toe: ‘Wat heeft je bezield om toen, nog geen 25 jaar oud, de tabbaard des Heren om te hangen en voor de rest van je leven onberispelijk, stichtend, voorbeeldig en onuitstaanbaar vervelend te zijn?’ Krasse woorden die weinig recht doen aan de betekenis van Beets als herder en leraar.
IJVER
Beets is een herder en leraar die, gesteund door zijn echtgenote die eensgeestes met hem is, zijn taak met grote ernst en ijver op zich neemt. Hij geeft zich volledig aan huisbezoek, preken en catechisaties. Hij richt in 1842 een zondagsschool op en begint in 1843 in de pastorie met een lidmatencatechisatie die in de wintermaanden wekelijks werd gehouden.
GELIEFD
In zijn gemeente raakt hij meer en meer geliefd. Een getuigenis hier van vinden we in een brief (1842) van de schrijver Jacob van Lennep. Deze woont in de zomermaanden op het nog steeds bestaande fraaie buiten ‘Woestduin’. Dat ligt niet ver van de kerk en de pastorie. Evenals heel de familie Van Lennep is hij een trouw bezoeker van de kerkdiensten van Beets.
Aan zijn vriend ds. Veder schrijft hij: ‘Beets blijft hier voortdurend velen door zijn leerredenen stichten en niet minder door de ijverige, getrouwe wijze waarop hij zijn ambt vervult in het bezoeken van hen die opwekking, troost, bemoediging, onderwijzing behoeven. Hij is inderdaad een voortreffelijk mensch, en zijn uitmuntende aanleg voor het herdersambt ontwikkelt zich meer en meer. Allen die hem kennen, welke ook hunne denkwijze, rang of ouderdom moge zijn, hebben hem hier even lief ’.
Groot is dan ook de vreugde als hij in 1848 voor een beroep naar Middelburg bedankt. Tevens moet worden genoemd zijn inzet voor de slachtoffers van de cholera in Heemstede in 1849. Hiervoor houdt hij een groot aantal wekelijkse bidstonden. Ook bezoekt hij de polderwerkers in de Haarlemmermeer, onder wie het aantal slachtoffers van de cholera vele malen groter is. Hij toont zich dag en nacht tot hulp en troost bereid.
De verandering van schrijver en romanticus naar predikant is dus velen ten goede gekomen.
STICHTELIJKE UREN
Vanuit zijn pastorie is Beets ook buiten de grenzen van Heemstede zijn tijdgenoten tot zegen door de uitgave van zijn Stichtelijke Uren (1848-1851). Deze verschijnen in maandelijkse afleveringen en worden door velen in het hele land gelezen. In deze bundels preken, waarin Beets duidelijk wil maken dat het christelijk geloof het natuurlijke niet veracht en de mens juist tot zijn ontplooiing en eigenlijke bestemming wil brengen, vindt het Réveil zijn godsdienstige uiting en doet de ethische richting in de Hervormde Kerk haar intrede, aldus Sneller in Heemstede rond Beets. Hervormd Heemstede in de negentiende eeuw (1994).
RéVEIL
Daarnaast vindt Beets ook buiten de directe kring van eigen gemeente zeer ontvankelijke toehoorders. Tijdens hun zomerverblijf in Heemstede, voor rijke Amsterdammers destijds een geliefde vakantieplaats, gaan Réveilfamilies als Pierson, Koenen, Da Costa en De Clercq graag naar het kleine kerkje aan het Wilhelminaplein.
Wie Heemstede kent en wel eens in het mooie, kleine kerkje is geweest, ziet voor zijn geestesoog deze deftige en stemmig geklede families door de mooie lanen van Heemstede lopen en hoort hen vol overgave luisteren naar de bezielde en innige prediking van Beets.
In ieder geval geldt dit voor de uiterst sensitieve Willem de Clercq. Zijn hart wordt in de zomers van 1842 en 1843 diep getroffen door de krachtige en, wat hij noemt, heerlijke prediking van Beets. Die is hem een rustpunt in zijn zielenleven.
Pastor en pastorie van Heemstede vormen mooie herinneringsbeelden van de Nederlandse geschiedenis.
Dr. O.W. Dubois uit Berkenwoude is historicus.
Volgende week deel 3, de pastorie van Kortgene, waarin dr. K.H. Miskotte woonde.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 28 augustus 2015
De Waarheidsvriend | 24 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 28 augustus 2015
De Waarheidsvriend | 24 Pagina's