GLOBAAL BEKEKEN
Op zondag 19 juli werd in Dordrecht de Eerste Vrije Statenvergadering van 1572 herdacht, onder meer met een hagepreek. Ruud van der Klooster deed er verslag van in Kerk op Dordt.
• Verbaasde toeristen weten niet wat ze meemaken: willen ze naar het nieuwe historische museum in het Hof, wordt hen de weg versperd door groepen mensen die staan te luisteren naar een preek. Uiteindelijk blijken ze juist met hun neus in de boter te vallen: vandaag wordt de historie op authentieke wijze voor ze tot leven gebracht met een hagepreek. Het moet gezegd worden, de authenticiteit spat er niet direct vanaf. Hoewel het publiek in het Hof duidelijk bestaat uit kerkgangers en koster Jan Lokhorst overtuigend de wacht houdt bij de poort naar de Hofstraat, overheerst toch vooral het nu, met plastic stoeltjes, aluminium stellages en moderne speakers. Tot het moment dat de verschillende geestelijken in flapperende ambtsgewaden het hof betreden. Of het moment dat neerlandicus Cor Bregman voor begint te lezen uit de Bijbel en Johannes 8: 21–36 klinkt in 16e-eeuws Nederlands. Of als de ouderwetse gezangen van Petrus Datheen ingezet worden. Dan lijkt het even weer 19 juli 1572 in het Hof.
• Dominee J. Belder:
‘Vandaag staan wij hier – op deze historische plaats – stil bij de eerste vrije Statenvergadering die op 19 juli 1572 hier in Dordrecht werd gehouden.
Het was een onrustige, spannende tijd, waarin de vrijheid van geweten en godsdienst zwaar werd bevochten. Hoe velen gaven hun leven niet voor deze zaak?
Aan protestantse zijde vielen de eerste martelaren in Antwerpen. Op 1 juli 1523. Hendrik Voes en Jan van Essen. Hun namen zijn voor altijd in de geschiedenisboeken opgetekend, Evenals die van de martelaren van Gorkum. Rooms-katholieke geestelijken die eveneens in die eeuw het leven lieten in de strijd om vrijheid. Het gaat om vrijheid van geweten, vrijheid in ‘gebondenheid’, d.w.z. gebonden aan Gods goede wetten, de piketpaaltjes toen en nu. Piketpaaltjes die nodig zijn vanwege de ‘zonde’, want hierover spreekt de Bijbel nadrukkelijk, maar dan altijd in de tweeslag: ‘zonde en genade’.
***
Begin dit jaar nam prof.dr. J. de Bruijn afscheid als hoogleraar politieke geschiedenis aan de Vrije Universiteit. Een fragment uit zijn rede ‘Ridders van het recht’.
In 1905 deed zich nog een bijzonder feit voor. In dat jaar werd de eerste vrouwelijke student aan de Vrije Universiteit ingeschreven, en wel aan de rechtenfaculteit, die daarmee dus wederom een primeur had. U ziet haar hier op de foto, Segrina Luiksje ’t Hooft. U zult misschien zeggen: die maakt nou niet bepaald een studieuze indruk. Tot mijn spijt moet ik u daarin gelijk geven, want mej. ’t Hooft zou de universiteit enkele jaren later zonder diploma verlaten. Haar voornaamste verdienste was dat ze een baanbrekende rol speelde als eerste vrouw in een mannengemeenschap. Daarmee doorbrak zij een taboe in gereformeerde kring. Hoe sterk dat taboe was blijkt wel uit een rede van de theoloog Geesink, die in 1898 als rector magnificus had betoogd dat het toelaten van vrouwelijke studenten tot de universiteit in strijd was met de ordeningen Gods en inging tegen de aanleg en bestemming der vrouw. Geesink sprak daarbij de wens uit dat de Vrije Universiteit nimmer zou meewerken aan ‘het krankheidsverschijnsel der zich intellectueel man voelende vrouw’.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 11 september 2015
De Waarheidsvriend | 24 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 11 september 2015
De Waarheidsvriend | 24 Pagina's