De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

BOEKBESPREKINGEN

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

BOEKBESPREKINGEN

8 minuten leestijd

James Kennedy en Pieter Vos (red.) Oefenen in discipelschap.

Uitg. Boekencentrum, Zoetermeer; 119 blz.; € 12,90.

In het afgelopen jaar wordt het woord discipelschap meer en meer in kerkelijke en missionaire kringen gehoord. Ook de IZB heeft dit woord op de agenda geplaatst. Als vraag rijst wat discipelschap nu precies inhoudt. Ter oriëntatie op allerlei vragen rond discipelschap verscheen onlangs een boek met als titel Oefenen in discipelschap, met als ondertitel: De gemeente als groeiplaats van het goede leven.

Het boekje is ontstaan vanuit de praktijk: de vijf hoofdstukken die het bevat, zijn uitwerkingen van katernen die gebruikt zijn in een gemeente waarin discipelschap een jaarthema is geweest. Aan het slot van het boek vinden we een praktijkverslag met een voorbeeld van een jaarplanning. In de introductie melden de auteurs nadrukkelijk dat het hen niet gaat om acties of activiteiten op zichzelf, maar om een christelijk leven dat verbonden is met de Heere Jezus Christus.

Zodra je in dit boekje gaat lezen over discipelschap, blijkt dit discipelschap verband te houden met deugden. Vanuit deze insteek zou je het kunnen beschouwen als een beknopte inleiding in de deugdethiek. Dit geeft dit geschriftje iets eigens, mede omdat in de protestantse traditie in de ethiek meestal vanuit waarden en normen gedacht wordt. Hoofdstuk 1 gaat in op de bijbelse achtergrond van discipelschap, deugden en karaktervorming. Deugden heten een beweging van binnen naar buiten. Deugden hebben te maken met karaktervorming, waarbij karaktervorming staat voor het aan Christus gelijkvormig worden.

Hoofdstuk 2 behandelt de deugdethiek en ook wat deugdethiek in de praktijk inhoudt. Dit hoofdstuk legt ook accent op de liturgie die vormt tot discipelschap. Dit gebeurt ook in hoofdstuk 4, dat spreekt over het dubbele paspoort van een christen: een gelovige begeeft zich in het spanningsveld tussen kerk en cultuur. Ofwel: kerk en wereld.

Hoofdstuk 3 geeft weer hoe de deugdethiek in de gemeente gestalte kan krijgen. In de gemeente vindt namelijk het inoefenen van de christelijke deugden plaats, onder andere door middel van onderwijs (catechese) en liturgie (kerkdienst). Hoofdstuk 5 zoomt in op de missionaire betekenis van het in de hoofdstukken 1 tot en met 4 behandelde en legt er nadruk op dat de kerk zelf getuigenis is. In ruim honderd bladzijden reikt het boekje ons veel aan. In kaderteksten staan korte samenvattingen. Kernachtige zinnen krijgen in een ander lettertype een opvallende plaats. Deze kaderteksten en kernachtige zinnen vergemakkelijken het zoeken en terugkijken in het boekje. Dat zoeken en terugkijken is de bedoeling: het boekje is een (gemeente) werkboek, met aan het slot van elk hoofdstuk gespreksvragen. Het beoogt het samen als gemeente met elkaar in gesprek zijn en op deze wijze gestalte geven aan de roeping van Godswege.

A.J. SONNEVELD, LOPIK

Jan Minderhoud (red.)
Handboek voor gebed.
Uitg. Boekencentrum, Zoetermeer;
240 blz.; € 22,50.

Uitgeverij Boekencentrum geeft het Handboek voor gebed uit. ‘Alles in één boek: informatie, bezinning en vooral uitnodiging om het eigen gebedsleven een nieuwe impuls te geven’, zo wordt de inhoud op de achterzijde omschreven. Dit handboek heeft als hoofddoel het gebed bij mensen aan te wakkeren. Het is breed van opzet en binnen de ruimte van nog geen 250 pagina’s komt veel aan de orde. De volgende onderwerpen worden onder andere behandeld: het gebed in het Oude en in het Nieuwe Testament, stemmen uit de geschiedenis, Joodse bronnen worden aangeboord. Er is ruime aandacht voor het persoonlijke gebed, het gebed in de gemeente, in kringen en gebed binnen de kerkenraad. Er wordt geluisterd naar allerlei gebedstradities zoals die te vinden zijn binnen het klooster (het getijdengebed), de Iona Community en Taizé. Verder wordt er aandacht gegeven aan het gebed binnen het bedrijfsleven, bidden met kinderen, meditatief gebed, ziekenzalving en bevrijdingsgebed en aan nog meer andere zaken die met gebed te maken hebben, zoals vasten.

De kracht van het handboek is de breedte. In korte hoofdstukken wordt de lezer over tal van onderwerpen die op het gebed betrekking hebben geïnformeerd. Hoofdstukken als ‘Bidden in en met de Joodse traditie’ en ‘Grote vragen rond het gebed’ nemen de lezer mee de diepte in en geven stof tot bezinning. Een rabbijn typeert het verschil tussen de Joodse en de christelijke praktijk als volgt: de Joodse traditie zet in bij het doen, je laten meenemen door de woorden die in de liturgie gegeven zijn en vastliggen. Daarna komt de beleving. Bij veel christenen is het dankgebed sterk afhankelijk van de beleving van het geloof. Eerst geloof(sbeleving) en dan gebed, terwijl het in het Jodendom precies andersom is: eerst de oefening, daarna de beleving.

In het hoofdstuk over grote vragen rond het gebed, zegt dr. J. Hoek mijns inziens terecht dat we de plank misslaan als we in algemene termen beweren dat er geen onverhoorde gebeden zijn. Door heel de Schrift heen horen we de schreeuw van mensen die aan Gods adres klagen over onverhoorde gebeden. Waardevol is het hoofdstuk over het persoonlijke gebed. Inderdaad het handboek stimuleert het bidden. Zo zijn er meer bruikbare hoofdstukken te noemen: het hoofdstuk over bidden met kinderen is voor ouders en leidinggevenden bij clubwerk zeer de moeite waard. Moet je met kinderen die niet gewend zijn te bidden al meteen aan het begin van een bijeenkomst bidden? Is bidden niet een heel vreemd gebeuren voor kinderen die nog nooit hebben horen bidden? De schrijvers komen uit de breedte van de christelijke geloofstraditie. Daardoor komen er ook hoofdstukken in voor met gedachten en ideeën waar niet ieder aan gewend is of zich bij thuis zal voelen. Ik denk dan onder andere aan de bladzijden die gewijd zijn aan ‘Creatief gebed als missionaire kans’ en het onderdeel dat het bevrijdingsgebed beschrijft. Worden wij vandaag geroepen demonen uit te drijven? Al maant de schrijver tot voorzichtigheid en wijst hij op ‘exorcismus probativus’ – een voorwaardelijk exorcisme: het uitdrijven van demonen voor het geval dat iemand demonisch belast is –, toch roepen dergelijke passages vragen op.

De breedte van dit handboek is tegelijk ook de zwakke kant van het boek. Er wordt veel geboden, maar dikwijls erg beknopt. Het eerste hoofdstuk ‘Bidden naar de Schriften’ van de hand van ds. M.D. Geuze geeft een duidelijk overzicht van het gebed in het Oude en Nieuwe Testament. Maar er staat zoveel in dat het hier en daar niet verder komt dan een opsomming. Dat is jammer, want daardoor wordt onvoldoende aandacht gegeven aan de verwerking van de bijbelse gegevens. Wanneer er minder stof zou zijn aangereikt, hadden sommige bijdragen dieper op de praktijk van het bidden kunnen ingaan.

Deze opmerkingen nemen mijn waardering voor het boek niet weg. Bidden is omgang met God, de ademhaling van de ziel. Als de ademhaling stokt, verdwijnt het leven uit onze ziel. Daarom verdient dit boek een brede lezerskring.

P.J. DEN ADMIRANT, VOORTHUIZEN

Henk Stoorvogel
Jezus leven.
Volgen in het ritme van de rabbi.
Uitg. Voorhoeve, Utrecht; 240 blz.; € 17,99.

Er zijn veel boeken geschreven over het leven van Jezus. Het eigene van dit boek is dat het ook allerlei onderdelen van de Joodse cultuur bespreekt, bijvoorbeeld hoe men het Joodse onderwijs in die dagen vormgaf. De bedoeling hiervan is om de lezer te helpen om meer inzicht te krijgen in Jezus’ leven. Hij was niet zomaar een leraar, maar een Joodse rabbi! En dan niet één uit velen, maar een rabbi met ‘smicha’, met bijzondere autoriteit. Om dat inzicht te kunnen bieden, heeft Stoorvogel, oprichter van de mannenbeweging de 4e musketier, zich een aantal jaren grondig verdiept in die Joodse wereld, voordat hij dit toegankelijke boek schreef.

Het is dus meer dan alleen een hervertelling van de evangeliën. Dat is een sterke kant van het boek. Daar zit echter ook een zwakke kant. Veel van wat we weten over de Joodse cultuur, baseren we op latere teksten. Maar wat daarin staat, kunnen we niet zomaar terugprojecteren op de tijd van Jezus. Dat lijkt de auteur wel te doen. Dat is echter niet goed te achterhalen, want er staan maar enkele verwijzingen naar literatuur. Ik had liever gezien dat hij iets voorzichtiger was met zijn uitspraken. Het gaat er Stoorvogel niet om dat we blijven steken in een levensbeschrijving, maar dat we Zijn leven ook zelf leven. Daarom staat er geen apostrof in de titel. Jezus leven is een leven dat Hij vult. De nadruk in het boek ligt op navolging (zonder de betekenis van het kruis uit het oog te verliezen). Dat gaat heel ver: worden als de rabbi. Dan zal je ontdekken dat Hij zoveel meer is dan een rabbi. Hij is God!

Naast het boek zijn er gespreksvragen en filmpjes beschikbaar om te gebruiken in een bijbelstudiegroep. Al met al een inspirerende uitnodiging om ook na het lezen meer over Jezus Christus te ontdekken en te leven in het ritme van de Rabbi.

PATRICK RIETVELD, BARNEVELD

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 11 september 2015

De Waarheidsvriend | 24 Pagina's

BOEKBESPREKINGEN

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 11 september 2015

De Waarheidsvriend | 24 Pagina's