De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

HIJ IS SOEVEREIN

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

HIJ IS SOEVEREIN

Godsbeeld [3, in het Nieuwe Testament]

7 minuten leestijd

Welk beeld hebben we van God? Dat is een vraag van het grootste gewicht. Deze week: Wie is Hij volgens het Nieuwe Testament?

Ds. B. van Werven is predikant van de hervormde gemeente te Zuilichem.

Wie over godsbeelden spreekt, doet er goed aan voorzichtig te zijn. Reden voor deze voorzichtigheid is het besef dat de Schrift ons een beeld van God openbaart, maar dat wij daar in eigen woorden en beelden over spreken. ‘Hét godsbeeld’ dat wij in de Schrift menen te zien, blijkt nog al eens míjn godsbeeld te zijn. Met het verbod op het maken van gesneden beelden in gedachten, moet het spreken over godsbeeld(en) dus zorgvuldig gebeuren. Deze zorgvuldigheid komt onder andere tot uitdrukking in het besef dat ‘de heiligen’ elkaar nodig hebben om samen de breedte, lengte, diepte en hoogte te grijpen van wie God is (Ef.3:18).

Het andere uiterste moeten we ook vermijden. Ik denk aan de stellingname dat het Nieuwe Testament geen eenduidig godsbeeld heeft. We zouden dan met conflicterende godsbeelden te maken hebben die niet met elkaar te verzoenen zijn.

ONGRIJPBAAR AANWEZIG

Het Nieuwe Testament heeft inderdaad een rijke ‘beeldcollectie’ om God aan ons te openbaren, maar we zien er toch één lijn in – of liever gezegd: één Persoon. De titel van The Elusive Presence, het boek dat de bijbelwetenschapper Samuel Terrien in 1983 publiceerde, geeft een belangrijke kernnotie weer als het gaat over God: God is ‘ongrijpbaar aanwezig’. De Verbondsgod Die Zich aan Mozes openbaarde als de ‘Ik ben’, is Christus, de Immanuël. Hij is ongrijpbaar, altijd groter dan wij denken, maar tegelijk ook aanwezig en dichterbij dan we hoopten.

HéT GODSBEELD

De Persoon van Christus maakt het mogelijk dat we kunnen spreken over hét godsbeeld van het Nieuwe Testament. Hebreeën 1:3 zegt over Christus: ‘Hij, Die de afstraling van Gods heerlijkheid is en de afdruk van Zijn zelfstandigheid’. Christus is het beslissende beeld van God. De heerlijkheid van God heeft in Christus onder ons gewoond ‘een heerlijkheid als van de Eniggeborene van de Vader’ (Joh.1:14). En, kernachtig: ‘Niemand heeft ooit God gezien; de eniggeboren Zoon, Die in de schoot van de Vader is, Die heeft Hem ons verklaard.’ (Joh. 1:18). Christus doet wat Hij de Vader heeft zien doen en verklaart zo wie Hij is.

Het godsbeeld dat Christus ons zo toont sluit overigens bepaald niet aan bij onze van nature meer romantische godsbeelden. Overbekend en veel gevraagd op begrafenissen is de Goede Herder. Onderbelicht blijft meestal het feit dat de herder ook eigenaar was van zijn kudde en dat zijn zorg er mede op gericht was profijt te hebben van zijn herderlijk werk.

In lijn hiermee tekent het Nieuwe Testament ons Christus als de Kurios, de Heere en Eigenaar. In de Griekse vertaling van het Oude Testament is Kurios de vertaling voor de godsnaam JHWH. Paulus identificeert deze JHWH direct als de Christus in bijvoorbeeld Filippenzen 2:9-10 (een citaat van Jes.45:22). Het behoort tot het godsbeeld van het Nieuwe Testament dat ‘de heiligen’ het eigendom zijn van Christus.

Het mag gezien Zacharia 13:7 (‘Zwaard, ontwaak tegen Mijn Herder’) eigenlijk geen verrassing zijn dat het Nieuwe Testament deze Herder-Koning tekent als een geslacht Lam. Niet een dier maar de Herder wordt geslacht en stelt zo orde op zaken op een rechtvaardige én barmhartige wijze. Het blijft een onuitsprekelijk wonder en onze enige troost. De heilige God is Zélf in Zijn eigen Zoon deze kruisweg van lijden naar heerlijkheid gegaan. Zo wil Hij ons aannemen tot geheiligde kinderen Gods.

CHRISTUS IS HEERE

Ik spits deze overwegingen toe op de term soevereiniteit: het ‘alleenheerser zijn’. Het Nieuwe Testament toont ons een soevereine Christus, Die spreekt en handelt met het gezag van de Heere: JHWH. ‘Christus is Heere!’ (1 Kor. 12:3).

Jezus benoemt Zelf de tegenstand die Zijn gezag oproept. ‘Denk niet dat Ik gekomen ben om vrede te brengen op de aarde; Ik ben niet gekomen om vrede te brengen, maar het zwaard.’ (Matth.10:34). Deze tegenstand is in onze dagen onverminderd en lijkt zelfs heviger te worden. Onlangs trok een video van het dancefestival ‘Sensation - the Legacy’ in de Amsterdam Arena op Youtube mijn aandacht vanwege het kruis op de thumbnail. Al vroeg in het begin van de show worden overal in de ruimte drie metershoge kruisen getoond. Een stem zingt de woorden ‘Jesus’, ‘reach out’ (raak aan) en ‘someone to hear our prayers’ (iemand die onze gebeden hoort). Op elk kruis is een vrouw gekleed in een witte lendendoek, met een zwarte blinddoek over de ogen, vastgebonden.

ALLEENHEERSER

Het Nieuwe Testament toont ons Christus als Alleenheerser. Daar kunnen we alleen maar voor buigen óf ons tegen verzetten, zoals op dit festival en elders (denk aan het zonder twijfel duivelse lied ‘Take me to church’ van de Ierse muzikant Andrew Hozier-Byrne) openlijk gebeurt.

Gods tegenstander lijkt steeds openlijker en grover de soevereiniteit van Christus te bespotten. Ook dit is voorzegd. De Schrift wijst erop dat Christus niet zal wederkomen ‘tenzij eerst de afval gekomen is en de mens van de wetteloosheid, de zoon van het verderf, geopenbaard is, de tegenstander, die zich ook verheft boven al wat God genoemd of als God vereerd wordt, zodat hij als God in de tempel van God gaat zitten en zichzelf als God voordoet.’ (2 Thess.2:3-4).

HOOP

Wij weten Wie de wereldgeschiedenis en het einde van de wereld in Zijn hand heeft. In de boeken Efeze, Kolossenzen, Hebreeën en Openbaring tekent het Nieuwe Testament ons het beeld van Christus als absolute Heerser over tijd en eeuwigheid. Johannes zag hoe het Lam de boekrol mocht openen. In deze soevereiniteit van Christus liggen onze hoop en redding.

Het Nieuwe Testament zet hierin de boodschap van het Oude voort. Ten tijde van Israëls absolute nationale en geestelijke dieptepunt openbaarde God Zich via Ezechiël als de God Die redt puur omwille van Zichzelf. We vinden in Ezechiël geen leerstellige uiteenzettingen van Gods eigenschappen of lofzangen op Zijn namen, maar wel grote nadruk op Gods absolute soevereiniteit: God redt omdat Hij God is. Ezechiël eindigt met de naam van Jeruzalem: ‘De Heere is daar’ (Ez.48:35).

Deze woorden heeft Jezus waargemaakt en Hij zal ze waarmaken (Opb.21:2-3). Dit godsbeeld geeft de aangevochten gelovige de vaste hoop: mijn zaligheid ligt buiten mij in Christus vast. Hij is bij mij, zelfs in mij omdat Híj het wil.

Scherp gezegd: het godsbeeld van het Nieuwe Testament is dat Jezus er niet is om ons, maar dat wij er zijn om Hem, om de glorie van God. God wil Zichzelf verheerlijken en verheugt Zich daarom in Zijn Zoon: ‘Dit is Mijn geliefde Zoon, in Wie Ik Mijn welbehagen heb!’ (Matth.3:17).

FUNDAMENT

Het feit dat de drie-enige God soeverein streeft naar Zijn eigen verheerlijking is het fundament onder onze zaligheid. Als God niet Zijn eigen eer als ultiem doel zou stellen, zouden wij geen hoop hebben. Dan zou God iets nastreven dat lager is dan Hijzelf.

Hier vloeit ook ons levensdoel uit voort. John Piper stelt in zijn boek Verlangen naar God: ‘Het hoogste doel van de mens is God te verheerlijken door eeuwig van Hem te genieten.’ (vgl. vraag en antwoord 1 van de Westminster Catechismus). Het is tot Gods meerdere eer en glorie dat wij, zondaars, aangenomen kinderen van God worden en zijn en voor eeuwig Hem genieten. Want ‘alle dingen zijn door Hem en voor Hem geschapen’ (Kol.1:16b).


GESPREKSVRAGEN

1. Cruciaal in de volgende zin is het woord ‘door’: ‘Het hoogste doel van de mens is God te verheerlijken door eeuwig van Hem te genieten.’ Waarom gaat de verheerlijking van God samen met mijn genieten van Hem?

2. In 1 Timotheüs 4:1 staat: ‘Maar de Geest zegt uitdrukkelijk dat in latere tijden sommigen afvallig zullen worden van het geloof en zich zullen wenden tot misleidende geesten en leringen van demonen (…).’ Wat moeten we ons bij ‘leringen van demonen’ voorstellen? Zullen deze duidelijk als ‘duivels’ herkenbaar zijn? Welke godsbeelden zouden hier ook onder kunnen vallen?

3. In onze multimediawereld groeien onze kinderen, tieners en jongeren op met ‘beeld’. Hoe kunnen we hen stimuleren om de vraag van Mozes te stellen: ‘Toon mij toch Uw heerlijkheid?’ (Ex.33: 18)?


Volgende keer schrijft dr. J. van Eck over het godsbeeld in de belijdenissen van de Vroege Kerk.

De satan bespot de soevereiniteit van Christus steeds openlijker, zoals recent in Amsterdam tijdens het dancefestival ‘Sensation - the Legacy’ gebeurde.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 18 september 2015

De Waarheidsvriend | 24 Pagina's

HIJ IS SOEVEREIN

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 18 september 2015

De Waarheidsvriend | 24 Pagina's