TOERUSTING
Archief HGJB [3]
De HGJB richt zich al vanaf de oprichting in 1910 op de toerusting van jongeren. Oude statuten van jeugdverenigingen spreken van ‘het voorbereiden van jongeren op het leven dat – als God het geeft – op hen wacht’.
A.J. Terlouw uit Zeist is oudstafwerker van de HGJB.
Voor die toerusting wordt in de bladen De Vaandrager en Ons Meisjesblad voortdurend aandacht gevraagd. Dat gebeurt door vormende artikelen en met schetsen om bepaalde onderwerpen op de vereniging aan de orde te stellen.
TAAK
In de map Handreiking (1973) lezen we: ‘Ons jeugdwerk heeft ook de bedoeling om onze jongeren toe te rusten tot de taak die zij als lid van de gemeente hebben (Ef. 4:12). Daarop zal de studie, de bezinning, de ontwikkeling van hun gaven gericht zijn. Het gaat immers niet alleen om onszelf, maar ook om de anderen.
Opdat wij tot eer van God en tot zegen van anderen bekwaam mogen zijn tot de dienst waartoe we geroepen zijn, in de gemeente en in de samenleving (Vgl. 2 Tim.4: 17). Daarbij moeten we ook denken aan bepaalde facetten van culturele, maatschappelijke en politieke vorming.’
Ook schriftelijk heeft de HGJB aan deze doelstelling ruim bijgedragen. Met name noemen we hier het kaderblad Leiding (1956-1982) en het vakblad Generator (2009-heden).
TOERUSTINGSAVOND
Een winteravond in 1976. In het Hervormd Centrum in Hardinxveld-Giessendam zijn ongeveer 35 jongeren bij elkaar gekomen om een toerustingsavond mee te maken. Na kennismaking met elkaar houdt jeugdevangelist Gert van den Bos een inleiding over ‘Je gaven ontwikkelen’. Aan de orde komen: schoolkeuze, hoe besteed je je vrije tijd? hoe bereid je jezelf voor op een latere werksituatie? en in de christelijke gemeente, wat doe je daar? Na de inleiding wordt in gespreksgroepen geanimeerd verder gepraat. Plenair worden de samenvattingen uit de groepen nog even met steekwoorden op een bord gezet en het gesprek afgerond. Het gaat er geanimeerd toe.
Het is een duidelijke vorm van toerusting van jongeren zoals de HGJB dat al vanaf de oprichting in 1910 heeft bedoeld.
PRAKTIJK
Het is interessant om te zien hoe deze toerusting in de praktijk gestalte kreeg en krijgt. Daarvoor slaan we twee voorbeelden uit het archief van de HGJB op. Om te beginnen noemen we ds. Jac. Vermaas, die vele jaren voorzitter van de Jongelingsbond was. Hij schreef in elk nummer van het blad De Vaandrager een inleidend artikel ‘Van de Bondsvoorzitter’. Heel vaak bestond deze bijdrage uit een stukje toerusting.
Zo lezen we in een nummer uit de jaargang 1955: ‘Het is langzamerhand in breder kring al wel begrepen hoe belangrijk de bestudering van het Woord van God is. Daarbij is ook ontdekt dat verandering van methodiek heilzaam kan zijn om een gesprek beter te laten verlopen. Zo wordt op menige vereniging gewerkt met kleine gespreksgroepjes, die aan de hand van enkele gespreksvragen het onderwerp dat aan de orde is, verder uitdiepen. Gevolg: leden worden beter bij het gesprek betrokken en de lijnen naar het dagelijks leven worden gemakkelijker doorgetrokken.’
ZESTIG JAAR LATER
In het vakblad Generator (winter 2015) vertellen Gert en Anneke Kardol uit Ermelo over een nieuwe vorm van jeugdwerk in hun gemeente, namelijk een ontmoetingskring. Anneke: ‘Bij de eerste ontmoeting gaven jongeren aan dat ze eerlijke geloofsgesprekken wilden voeren. Ze wilden zien hoe het geloof te maken heeft met de vragen waar ze in hun dagelijks leven mee geconfronteerd worden.’ Gert: ‘Wat ons het meest verraste, was de intensiteit waarmee ze de avonden wilden beleven!’Gert en Anneke genieten zichtbaar van wat de ontmoetingskring inmiddels heeft opgeleverd.
EIGENWIJS
In 1958 gaf ik leiding aan een kleine jongelingsvereniging in het Zuid-Hollandse Langerak, waar ik opgroeide. De vereniging telde slechts negen leden. We behandelden de bijbelschetsen uit De Vaandrager en daarna was er of een vrij onderwerp om te bespreken of er werden dia’s vertoond. Soms was er een programma ‘Vragen staat vrij’. Dan konden de leden van alles op tafel leggen. Eén van de jongere leden bracht een keer de volgende vraag in: ‘Ik ben nu al een tijdje op de vereniging en ik heb het hier best naar m’n zin. Maar, mijn oom (die bij hem thuis inwoonde) zegt dat op de JV eigenwijze mannetjes worden gekweekt die alles beter weten.’
Ik wist niet zo gauw wat ik antwoorden moest. Ik heb me ervan af gemaakt door op te merken dat je overal eigenwijze mensen tegenkomt, maar dat ik niet de indruk had dat het bij ons zo eigenwijs toeging. Hij is gebleven.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 23 oktober 2015
De Waarheidsvriend | 20 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 23 oktober 2015
De Waarheidsvriend | 20 Pagina's