De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

SPREKEN MET GEZAG

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

SPREKEN MET GEZAG

Invulling van het ambt [1b]

7 minuten leestijd

Aan de term ambt is het gezagselement verbonden. Er is sprake van een ‘tegenover’. Maar juist op dit punt groeit er verlegenheid. Postmoderne mensen vinden het, ook in de kerk, soms maar moeilijk om gezag te erkennen.

Dr. H.J.C.C.J. Wilschut uit Bovensmilde is predikant van de hervormde gemeenten te Eén en te Sebaldeburen i.c.m. Leek.

Ook kerkgangers laten zich niet graag de weg wijzen of – wanneer dat nodig is – terugfuiten. De keerzijde van deze ontwikkeling is dat ambtsdragers en kandidaat-ambtsdragers niet goed weten hoe ze nog met gezag kunnen optreden. Zo er al gezag erkend wordt, gaat het om persoonlijk gezag dat je door je optreden verwerven moet. Maar uitgaan van een voorgegeven gezag is menigeen een station te ver.

VOORZICHTIG

Laat helder zijn dat we dit probleem niet oplossen door het in de praktijk te negeren. Met een hoge toon kom je niet ver. Ambtsdragers hebben autoriteit van God gekregen, maar mogen zich niet autoritair opstellen. Ze mogen geen ambtelijk troontje beklimmen. Laten ze met wijsheid en voorzichtigheid zeggen wat ze te zeggen hebben en in zoekende liefde, gericht op behoud, spreken.

Dan kunnen er soms scherpe dingen gezegd moeten worden. Over zonden kun je niet zwijgen. Maar laten we bedenken dat het de toon is die de muziek maakt. Ambtelijk gezag moeten we niet als een schild voor ons uit dragen. Laten ambtsdragers het gewoon bedienen, in een geest van geestelijke moed en zachtmoedigheid.

ROEPING

Mensen spreken en handelen in Gods huis namens God. Dat kan geen mens op eigen initiatief. Je moet ertoe geroepen worden. Ook Christus eigende Zich Zijn eer als Hogepriester niet Zelf toe, maar werd er door God toe geroepen (Hebr.5:4-5).

Roeping houdt in dat de Heere iemand aanstelt voor een bepaalde taak in Zijn huis, om er namens Hem zorgzaam geestelijk leiding te geven. Het gaat dus om een offciële aanstelling door God. We mogen ook zeggen: om een zending door God.

Mag ik dat heel bijzonder vinden? De heilige God neemt mensen in Zijn dienst, nietige mensen, ‘mensjes uit het stof opgetreden’ (Calvijn). Het gaat om zondige, beperkte mensen. Dat is onmogelijk, zou je zeggen. Maar God maakt het mogelijk door Zijn genade en Geest. Ik kan daar eigenlijk niet over uit.

VIA DE GEMEENTE

In de bijbelse tijd, zeker in het Oude Testament, zien we dat de Heere vaak rechtstreeks tot een ambt roept. Ook iemand als Paulus werd direct door Christus tot het apostelambt geroepen.

Tegelijk zien we na Pinksteren de gemeente ingeschakeld worden. De Heere geeft mensen met bepaalde gaven, die hen geschikt maken om in een ambt te dienen. De gemeente merkt die gaven op om vervolgens biddend een keus te maken: ‘Heere, Kenner van het hart van allen, wilt U aanwijzen wie U gekozen hebt’ (Hand.1:24). Dat gebed past niet alleen wanneer er geloot wordt, maar ook wanneer er gestemd wordt. De kerk is geen democratie, maar een christocratie.

In Christus is het God Zelf Die roept via de gemeente. Vandaar de vraagstelling bij de openlijke aanvaarding van het ambt: ‘Bent u er in uw hart van overtuigd dat u wettig door Gods gemeente en daarom door God Zelf tot deze heilige dienst geroepen bent?’

TWEE KANTEN

In deze vraag komt mooi uit dat er aan de roeping tot het ambt twee kanten zitten. Ze zijn onlosmakelijk aan elkaar verbonden. De Heere roept via de gemeente. We noemen het de uiterlijke roeping (vocatio externa). Het kan niet zonder. Je kunt je bijvoorbeeld geroepen achten om het Woord te bedienen. Maar dan zal er toch eerst een kerkenraad en een gemeente moeten zijn die jou ertoe roepen. Die uiterlijke roeping weegt zwaar. We kunnen niet zeggen: ‘Nou ja, dat is maar iets van mensen.’ God schakelt die mensen in om tot het ambt te roepen. Dat besef bewaart voor lichtvaardig bedanken voor een ambt.

STEM VAN GOD

Tegelijk geldt dat de roeping door de gemeente ook als roeping door God erkend en beleefd wil worden, als een stem van God waar je met een goed geweten niet onderuit kunt, ook al heb je er misschien helemaal geen zin in. Aan de uiterlijke roeping is dan ook de innerlijke verbonden (vocatio interna), de overtuiging van het hart. De roeping tot het ambt overwegen blijft een tere zaak, een zaak van veel gebed. Heb je de vrijmoedigheid om het ambt te aanvaarden? Heb je omgekeerd vrijmoedigheid om het niet te doen? Aan die vraagstelling sterft zowel alle automatisme als alle vrijblijvendheid.

BELOFTEN

De Heere roept. Laten we niet denken dat Hij vervolgens tegen Zijn knechten zegt: Nou zoek je het verder zelf maar uit. Aan de roeping zitten beloften van God vast: Vrees niet, Ik ben bij je. Ik ga met je mee naar dat moeilijke bezoek, naar die zware vergadering. Ik ben nabij met Mijn Geest. Daar mag een ambtsdrager de Heere biddend aan houden. Ook dat is een zaak van vrijmoedigheid: ik mag pleiten op beloften van God. Opnieuw, ambtsdagers hoeven het niet in eigen kracht te doen, ook niet wanneer dienen offeren kan betekenen.

VOLMACHT

Als ambtsdrager krijg je een taak en opdracht mee: zet je in voor de heerschappij van Gods Woord in de gemeente, zodat de gemeente blijft bij de God van dat Woord. Dit staat uiteraard onder het beding van de kracht van de Geest. Predikanten, ouderlingen en diakenen hebben daarbij elk een eigen taak. Maar steeds gaat het erom dat het Woord de beslissende stem in de kerk heeft en behoudt.

Dat is de opdracht van elke ambtsdrager. Het tekent tegelijk de volmacht, die erbij hoort. De Heere zet hen in bij Zijn zorg voor Zijn huis om namens Hem te spreken, om namens Hem stuur te geven in opzicht en tucht en in helpend diaconaat. Ambtsdragers hebben recht van spreken gekregen, als mond en hand van de Heere.

Inderdaad, er is dus ambtelijk gezag. Ambtsdragers ontlenen hun zeggenschap niet aan zichzelf, maar aan de Heere, Die hen riep en roept.

Dat gezag zit dus niet op de persoon vast. Hier heeft de Reformatie bijbels orde op zaken gesteld. Ambtsdragers krijgen niet een aparte status als gewijde clerus verheven boven de leken. Zij krijgen door hun wijding geen bevoegdheid die hen voortaan automatisch eigen is.

Dit beweert de Rooms-Katholieke Kerk. De wijding maakt een ambtsdrager dan representant van Christus, met zijn persoon en sacramentele handelingen stelt hij Christus present. Krachtens zijn wijding heeft een priester volmacht gekregen en draagt hij het gezag in zichzelf mee.

GENORMEERD GEZAG

Maar dit leidt tot hiërarchie en tot onmondigheid van de gemeente. Nee, zei de Reformatie met de Schrift in de hand. Een ambtsdrager krijgt volmacht en gezag om namens de Heere te spreken en te handelen. Maar dat gezag en die volmacht zijn helemaal gebonden aan het Woord van God.

God deelt Zijn gezag niet met ambtsdragers. Hij gebruikt hen om via hen Zijn gezag uit te oefenen. En ze zijn alleen een bruikbaar instrument omdat en voor zover zij zich aan Zijn Woord houden.

Wie dus los van dat Woord spreekt of zelfs tegen dat Woord in, heeft geen been om op te staan. Iemand kan dan niet zeggen: ‘Ja, maar ik ben de dominee, ik ben ouderling, ik ben diaken.’ Want het is nu juist zijn taak om het Woord te laten heersen in de gemeente. Overschrijdt een ambtsdrager de grens van dat Woord, dan gaat hij ook de grens van zijn volmacht en gezag over. Gezag in Gods huis is altijd genormeerd gezag.

De gemeente is alleen maar gebaat met de waarheid van God. Het toegroeien naar Christus hangt direct samen met het je houden aan de waarheid van het Evangelie (Ef.4:15). Op die weg zullen de ambtsdragers de gemeente voorgaan.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 13 november 2015

De Waarheidsvriend | 24 Pagina's

SPREKEN MET GEZAG

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 13 november 2015

De Waarheidsvriend | 24 Pagina's