OMGAAN MET OUDERS
Christelijk onderwijs [1b]
Omgaan met ouders is voor leerkrachten niet altijd gemakkelijk. Ouders hebben het imago van kritische consumenten. Erkenning van de eigen verantwoordelijkheid en een gedeeld ideaal bieden echter een goede basis voor samenwerking en partnerschap.
Onderzoek naar keuzegedrag van ouders in opdracht van Verus (voorheen: de Besturenraad) heeft aangetoond dat hedendaagse ouders van christelijke scholen sterk op hun intuïtie afgaan.
Het onderzoeksrapport draagt de titel: ‘Als het goed voelt’. Dat ‘goed voelen’ verwijst naar de wens van ouders dat de school aandacht heeft voor de persoonlijke ontwikkeling van het kind. Ouders maken zich daar, bij het zoeken naar een school voor hun eerste kind, een voorstelling van.
KEUZE VOOR EEN SCHOOL
Soms kiest men een school die er net zo vertrouwd uitziet als de school waar men zelf op heeft gezeten. Als die er niet is, speelt de ideale afstand van huis tot school een rol (zie kader) of de kleinschaligheid van de school. Christelijke identiteit wordt intuïtief vertaald in een goed pedagogisch klimaat of de spiritualiteit van de leerkrachten waar men zich prettig bij voelt. Men gaat af op verhalen van anderen. Bij de keuze voor een school voor voortgezet onderwijs gaat men op andere dingen letten, zoals het niveau en de weerbaarheid van het kind. In de keuze voor een basisschool heeft het eerste formele contact met de directeur grote invloed. Opmerkelijk genoeg blijkt kennis van CITO-scores weinig invloed te hebben op de eerste schoolkeuze. Kennelijk is de tijdgeest die ik in het vorige artikel beschreef ? de nadruk op prestaties ? niet direct terug te zien in de eerste schoolkeuze van ouders. Het proces dat zich in het betreffende dorp in de Biblebelt afspeelde, zal dus niet in de eerste plaats te maken hebben gehad met de CITO-scores van de openbare school. Waarschijnlijk heeft het verhaal dat de kinderen het op de openbare school zo naar hun zin hebben, het keuzegedrag beïnvloed.
KRITISCHE OUDERS
Maar er speelt ook iets anders. Ouders worden wel kritisch op schoolprestaties, wanneer hun kind(eren) langer op school zit(ten), zo blijkt uit hetzelfde onderzoek. Veel scholen ervaren ouders als bijzonder kritisch. Daar zijn een paar redenen voor. De eerste reden is positief. Ouders willen kun kinderen beschermen. Als het onderwijs niet goed is, zoeken zij, ter wille van de toekomst van hun kinderen, verbetering. Het goede zoeken voor de toekomst van hun kinderen is iets dat ouders moeten doen. Daarom is een kritische geest van ouders in zekere zin gerechtvaardigd. De tweede reden is de invloed van het economische denken. De school wordt vergeleken met een bedrijf dat een hoog rendement moet leveren. Ouders zijn klanten en wanneer ze eenmaal afnemer zijn, mogen ze zich ook kritisch gedragen. De klant is immers koning. Als ouders zichzelf als klant zien, geeft dit een vrijbrief voor klagen en het stellen van eisen. Als ouder ben je gebruiker en de school moet harder werken als ze onvoldoende presteert. De derde reden is het positieve beeld van het eigen gezin. Onderzoek laat zien dat ouders het besef van waarden en normen achteruit vinden gaan in de samenleving, maar dat de eigen kinderen daar gunstig bij afsteken. Ouders kijken positief naar het eigen gezin, en als er iets mis gaat met hun kinderen, zijn anderen daar de schuld van.
PARTNERSCHAP
Is er in onze tijd nog een ideale verhouding tussen school en ouders denkbaar? Ik denk van wel. Er kan een evenwichtige relatie ontstaan als ouders zichzelf niet zien als klant maar als partner. Meer dan ooit is het van belang dat ouders de christelijke school niet zien als een bedrijf dat een product levert, maar als een partner waarmee je een gezamenlijk ideaal nastreeft. Ik spreek hier bewust van ideaal en niet van een doel. Doelen worden op allerlei manieren nagestreefd. En doordat we op veel doelgebieden kennis hebben, is er ook veel reden om kritiek te hebben. Meer dan vroeger is er deskundigheid over allerlei aspecten van de ontwikkeling van kinderen en over afwijkingen daarvan. Meer dan ooit is er ook kennis van de problemen die zich in schoolorganisaties kunnen voordoen. Met deze kennis weten we ook hoe doelstellingen gefrustreerd worden, zowel aan de kant van ouders als aan de kant van de school. Het is daarom zaak bescheiden en realistisch te zijn over wat we aan doelen kunnen bereiken. Niet de doelen maar het ideaal moet in de samenwerking centraal staan. Ouders en school mogen leven uit hetzelfde perspectief. Beiden hebben als ideaal voor ogen dat de volgende generaties ‘hun hoop op God zullen stellen’ (Ps.78). En in de wetenschap dat de voorgaande generaties steeds bewezen hebben er zelf weinig van terecht te brengen (‘opdat ze niet zouden worden als hun vaderen’) houden we aan dit ideaal vast. Zowel ouders als school wijzen hun kinderen op de verlossing die bij God vandaan komt.
GEZAMENLIJK PROJECT
In mijn opvatting is het de taak van een christelijke school om het ‘opvoedingsproject’ te zien als een gezamenlijke opdracht. Internationaal wordt op dit moment ouderbetrokkenheid als een belangrijke factor gezien voor de kwaliteit van onderwijs. Hoge betrokkenheid van ouders heeft een gunstige invloed op de drie doeldomeinen van onderwijs die ik in het vorig artikel noemde (kwalificering, socialisering en subjectivering). Je kunt dit pragmatisch bekijken, in de betekenis van: als je goede samenwerking met ouders organiseert, krijg je beter onderwijs. Ik vul het partnerschap graag wat principiëler in. School en ouders sluiten een noodzakelijk verbond waarin zij elkaar beloven te helpen en tegelijk elkaars ‘kritische vriend’ te zijn.
Belangrijk om als ouders en school elkaar vast te houden.
Voor ouders betekent dit dat ze rekening houden met het eigen karakter van een school. Het is geen bedrijf maar een gemeenschap waarin met mensen gewerkt wordt. Een school lijkt in veel opzichten meer op een gezin dan op een bedrijf. Er wordt hard gewerkt, maar dat gebeurt niet met machines, maar in een leefgemeenschap. De manier waarop relaties gesticht en onderhouden worden, hebben veel invloed op de resultaten. Ouders die zien dat het niet zo goed gaat met hun kind, mogen van de leerkracht veel begrip en inspanning verwachten. Tegelijk dienen ze de school tegemoet te treden met begrip voor de complexiteit van het schoolleven. De ouders dienen het eigen gezag van de school als ‘verbondspartner’ te erkennen en andersom. Als er op school straf wordt gegeven, mogen ouders niet aan hun eerste reflex toegeven om de leraar of de directeur op te bellen en deze tot de orde te roepen.
VERWACHTINGEN
Ook met de erkenning van de ‘verbondsrelatie’ tussen ouders en school zijn hedendaagse christelijke ouders kritische ouders. Als zij zich als partner opstellen, mogen ze dat ook zijn. Van de school vereist dit dat ze goed en duidelijk communiceert over haar manieren en over wat ze van de ouders verwacht. De school heeft geen gezag over de ouders, maar mag wel duidelijk maken wat ze van ouders verwacht en wat ouders van de school kunnen verwachten. Christelijke scholen hoeven niet bekend te staan als ‘softe’ scholen. Maar daar waar liefde de drijvende kracht is, wordt een vriendelijke respectvolle sfeer nagestreefd, iets wat ouders ? gezien de bescherming die ze voor hun kind willen ? belangrijk vinden. Ouders dienen de school evenzeer te erkennen als kritische partner. Veel scholen merken dat ouders daar behoefte aan hebben. Jonge ouders voelen zich vaak verlegen met de opvoeding en zijn maar wat blij als ze de leerkracht aan kunnen spreken als bondgenoot.
HOE HOUD JE GOED CONTACT MET JE SCHOOL?
Voor het basisonderwijs:
Zorg dat je de leerkracht van je kind regelmatig ziet, ook als het goed gaat. Spreek waardering uit voor de leerkrachten. Neem het op voor de belangen van je kind, maar realiseer je in hoe je daarover spreekt dat jouw kind niet het enige is in de klas.
Voor het voortgezet onderwijs: Ga ook naar een contactavond als het goed gaat met je kind. Zorg dat je de mentor kent. Spreek waardering uit voor het werk van de leraren.
HOOP WERKT DOOR
Het partnerschap van school en ouders wordt gedragen door een gezamenlijk ideaal. Je streeft hetzelfde na, je verlangt naar hetzelfde en hoopt op hetzelfde. Hoop is de dragende grond wanneer ouders en school een moeilijk gesprek hebben over leerproblemen of over pesten en ruzies op het schoolplein. Het gezamenlijk verlangen moeten we ook voor ogen houden als een leraar ziet dat de ouders van de opvoeding niet veel terechtbrengen of omgekeerd; als ouders zien dat de houding van de leraar niet zo pedagogisch is.
Het partnerschap van school en ouders wordt gedragen door een gezamenlijk ideal
De kwaliteit van christelijk onderwijs zal blijken op de kritieke momenten. Zijn we dan in staat elkaar vast te houden? Aan de ene kant hebben we de plicht om elkaar de waarheid te vertellen (Kol. 3:16). Aan de andere kant zullen we bereid moeten zijn om elkaar te vergeven. Zeventig maal zeven maal. Dat valt niet mee. En toch zal dit de meest concrete doorwerking zijn van het liefdesgebod in het christelijk onderwijs.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 12 februari 2016
De Waarheidsvriend | 24 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 12 februari 2016
De Waarheidsvriend | 24 Pagina's