De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

HEILZAME BEMIDDELING

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

HEILZAME BEMIDDELING

4 minuten leestijd

Vader, vergeef het hun, want zij weten niet wat zij doen.

Bidt voor degenen die u geweld aandoen, zo had Jezus de mensen voorgehouden in de Bergrede. Nu maakt Hij Zijn eigen woorden waar. Jezus bidt aan het kruis. Hij zegent al biddend degenen die Hem vervloeken. Bij Jezus is de theorie ook praktijk, Zijn woorden ook daden.

Ds. E.K. Foppen is predikant van de protestantse gemeente te Gorinchem.

In deze weken gaat het ? vanuit het Lukasevangelie – over bidden. Deel 4 (slot): Biddend aan het kruis.

Aan het kruis begint Jezus Zijn gebed met het aanroepen van God als Zijn Vader. Bijzonder, want juist deze aanspraak was de reden dat Hij aan het kruis gehangen was. Hoe kon de Zoon van Jozef nu zeggen dat God Zijn Vader was? Dat was toch de reinste godslastering? Maar hoe hoog de nood ook is en hoezeer deze waarheid Hem in het nauw heeft gebracht, op dit punt blijft Jezus onverzettelijk. Hij ‘vermindert’ de aanspraak niet. Hij is onwankelbaar in Zijn getuigenis: God is Mijn Vader.

VIJANDEN

Jezus bidt tot Zijn Vader niet eerst voor Zichzelf om kracht, of om een snelle dood. Hij bidt voor Zijn vijanden: ‘Vergeef hun.’ Wie zijn die vijanden?

Het zijn allereerst de soldaten die hun werk hebben gedaan. Ze hebben met Jezus gespot, gesold en Hem ten slotte gekruisigd. Vader, reken het hen niet aan. Zij weten niet wat ze doen. Ze doorgronden niet waar ze mee bezig zijn geweest. Achter de soldaten staat Pilatus, de stadhouder. Hij had het hardop gezegd: ‘Ik vind geen schuld in deze Mens.’ Toch had hij Jezus uiteindelijk maar overgegeven aan de wil van het volk. Jezus bidt ook voor hem: Vader, reken het hem niet aan, hij weet niet wat hij doet.

Achter stadhouder Pilatus staat het schreeuwende volk: ‘Kruisig Hem, kruisig Hem’, hebben ze geroepen. Nee, het kwam ook weer niet helemaal uit henzelf. Ze waren opgestookt door de overpriesters en de schriftgeleerden.

En wij? U en ik? Staan wij achter de soldaten, Pilatus en de gillende meute? Nee, wij staan er niet achter, wij staan ervoor. Maar we horen er ? met terugwerkende kracht ? wel degelijk bij. Bij al die mensen die Jezus kruisigen. Het kruis van Jezus is ook het symbool van onze weerstand tegen God. Vele malen heb ik Hem gekruisigd.

MIDDELAAR

Jezus treedt biddend tussenbeiden. Tussen de Vader en hen die Hem Zijn leven ontnemen en vervloeken. Hij bemiddelt priesterlijk. Wat vraagt Hij precies? Hij vraagt om vergeving. De kruisiging van Jezus – als daadwerkelijk symbool van onze weerstand – stelt ons namelijk schuldig.

Schuldig ten opzichte van Jezus, maar vooral ook schuldig ten opzichte van Zijn Vader. We hebben het liefste wat Hij had ? Zijn eniggeboren Zoon ? vertrapt, vertreden en vervloekt. En als geen ander weet Jezus wat dit bij Zijn Vader oproept aan schuld, aan gekrenkte liefde, aan toorn! ‘Vader, laat het rusten, laat het los.’ Het is een biddend bevel. Zou Zijn Vader dit gebed horen, verhoren?

Jezus voegt er iets aan toe: ‘want zij weten niet wat zij doen.’ Is dat werkelijk zo? Wisten de soldaten, wist Pilatus het niet? En wij, weten wij niet wat wij doen wanneer we Jezus kruisigen? Laten we maar niet wijzer zijn dan Jezus zelf. Er ligt in de zonde van het kruisigen ? hoewel bewust gedaan ? iets bedwelmends en verblindends. Ten diepste is de pijn in het hart van de Vader alleen maar bekend bij de Zoon. Petrus spreekt later over zijn onwetendheid (Hand.3) en Paulus zegt het ook na zijn bekering: ‘Ik heb het in onwetendheid gedaan.’ (1 Tim.1:13) . Wel blijft waar: ook in onwetendheid is er maatverschil.


De tijd van genade is én wordt opgerekt tot in onze tijd


GENADETIJD

Of dit gebed van Jezus is verhoord? Ja! De Vader heeft vergeven én vergeeft tot op deze dag, de kruisiging van Jezus Christus. De diepste grond daarvoor is niet zozeer de onwetendheid van mensen, maar het offer van Christus zelf. Als dit gebed van Jezus niet verhoord was, was er geen drie uur, maar een eeuwigdurende duisternis aangebroken. Als dit gebed niet verhoord was, was de kruisheuvel een krater geworden. Dankzij een biddende Jezus denkt de Vader in Zijn toorn aan Zijn ontfermen. De tijd van genade is én wordt opgerekt tot in onze tijd. Zo komt onze tijd ook onder spanning te staan. De hoogspanning van genade. Hoe gebruiken wij deze tijd? Toch niet dobbelend om de laatste restanten christendom? Of spottend? Of als jaarlijkse kruistoerist? Belijdt Hem liever: Deze Mens was rechtvaardig. Vlucht biddend tot Hem en schuil in Zijn voorbede. Daar bent u veilig.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 4 maart 2016

De Waarheidsvriend | 24 Pagina's

HEILZAME BEMIDDELING

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 4 maart 2016

De Waarheidsvriend | 24 Pagina's