ELKAAR VERSTERKEN
En zij vertelden wat er onderweg gebeurd was…
Vaak houden we de dingen voor onszelf, maar wat is het mooi als in gesprekken de diepste gevoelens worden gedeeld. De Emmaüsgangers zijn wat dit betreft een voorbeeld voor ons.
Ds. J.E. de Groot uit Ede is emeritus predikant.
Zij beleefden wonderlijke dingen. En dat zeggen ze ook tegen elkaar als Christus weer weg is: ‘Was ons hart niet brandend in ons, toen Hij onderweg tot ons sprak en voor ons de Schriften opende?’ Het is mooi om elkaar in het hart te zien en elkaar te vertellen wat er in ons hart leeft.
WARM EN LEVEND
Enerzijds mogen we het moeilijke eerlijk tegen elkaar zeggen, dat we soms traag van hart zijn, en lauw, dat het ons allemaal weinig zegt. Maar ook mag en moet het positief gezegd worden: ‘Ons hart brandt.’ Calvijn zegt: ‘Christus ontsteekt het vuur van de Geest in het hart.’ Wanneer gebeurt dat? De Emmaüsgangers zeggen: ‘Toen Hij onderweg tot ons sprak en voor ons de Schriften opende.’ Hij deed het en doet het, en Hij doet het door Zijn Woord. Dan gaat ons hart branden, het wordt warm en levend, er komt liefde en enthousiasme.
Dit vuur van de Geest zal meerderen bereiken. Daarom staan de Emmaüsgangers op, ook al is het diep in de nacht ondertussen. Ze moeten opstaan. Op de dag van de opstanding (!) moet je opstaan. Je kunt niet passief blijven zitten. Pasen zet hen in beweging. En waar dan heen? Richting Jeruzalem. Daar kwamen ze vandaan en daar gaan ze naar terug. In Jeruzalem of net daarbuiten waren de beslissende dingen gebeurd, daar was hun Heiland de weg van lijden naar heerlijkheid gegaan. ‘Ziet, wij gaan op naar Jeruzalem’, had Hij gezegd. ‘Daar zal het volbracht worden.’
Nu gaan deze twee mannen naar Jeruzalem. Het is een opgaande weg, het is nu een weg van intense vreugde. Heel anders dan tevoren toen ze zo somber waren.
ELKAAR ZOEKEN
En wie zoeken ze in Jeruzalem? De discipelen. De kring van hen die Jezus liefhad. Genade zoekt elkaar. De liefde trekt naar elkaar toe. De liefde is niet egoïstisch (‘als ik het maar heb’). Ze zoeken en vinden de kring, de elf discipelen en die bij hen waren. Positief is het als je elkaar als volgelingen van Jezus echt mag vinden, letterlijk en figuurlijk.
Ja, en dan, bij deze ontmoeting, komt een en ander los. Want er is zoveel om elkaar te vertellen. Wie begint? Het is net als bij kinderen als ze op schoolreisje zijn geweest: ze willen allemaal tegelijk de mooie dingen vertellen. Nu, hier zijn het eerst de discipelen die opgetogen zeggen: ‘De Heere (de Kurios) is werkelijk opgewekt en is aan Simon verschenen.’ Dat is onze bekende paasgroet geworden.
VERTELLEN EN UITLEGGEN
Maar dan de anderen, de Emmaüsgangers die hijgend en vermoeid binnenvallen: nu zijn zij aan de beurt. Ze gaan vertellen wat er gebeurd is. Voor ‘vertellen’ staat in het Grieks ons woord ‘exegese’. Je leest hetzelfde werkwoord in Johannes 1:18: ‘Niemand heeft ooit God gezien; de eniggeboren Zoon Die in de schoot van de Vader is, Die heeft Hem ons verklaard’ (‘geëxegetiseerd’).
Hier geven deze Emmaüsgangers ook een uitleg, een verklaring. Het is een uitvoerige uiteenzetting. Uitgebreid vertellen ze. Ze hadden ook wat te vertellen. Psalm 66 zegt: ‘Kom, luister, allen die God vreest, en ik zal vertellen wat Hij aan mijn ziel gedaan heeft’. Ze vertellen hoe ze de Heere Jezus hadden herkend bij het breken van het brood. Toen en daar werd Hij (weer) een Bekende. ‘Onbekend maakt onbemind.’ Maar deze Bekende mogen we liefhebben. Mooi is dat: vertellen wat onderweg in ons leven is gebeurd. Want gaandeweg doet Christus toch heel wat in ons leven! Of niet?
De jongere generatie hoort graag echte getuigenissen. Laten we het hun vertellen, van Hem spreken. Laten we niet zwijgen. Eensgezind vertellen ze: eerst de een, dan de ander. En dat is tot elkaars bevestiging geweest in het geloof. Gedeelde vreugde is dubbele vreugde. Nu weten ze het zeker: de Gekruisigde is de Opgestane. Er is geen twijfel mogelijk. Het is absoluut zeker.
Laten wij dit voorbeeld volgen. Laten we elkaar niet de put in praten (‘het is allemaal niets’), en ook geen twijfel zaaien (‘je weet het nooit zeker’). Laten we positief getuigen van wat er onderweg in ons leven gebeurd is, en hoe Hij ons bekend en weer en meer bekend werd bij het breken van het brood. Dan ben je zo maar niet uitgepraat.
Laten we elkaar niet de put in praten
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 29 april 2016
De Waarheidsvriend | 24 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 29 april 2016
De Waarheidsvriend | 24 Pagina's